Matteüs 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 MarcusLucasJohannesHandelingenRomeinen1 Korintiërs2 KorintiërsGalatenEfeziërsFilippenzenKolossenzen1 Tessalonicenzen2 Tessalonicenzen1 Timoteüs2 TimoteüsTitusFilemonHebreeënJakobus1 Petrus2 Petrus1 Johannes2 Johannes3 JohannesJudasOpenbaring

Hoofdstuk 8

Bijbel Matteüs 8:1 1 Toen hij van de heuvel afdaalde volgden hem vele menigten.
Bijbel Matteüs 8:2 2 En zie! Een melaatse kwam en boog voor hem en zei: "Mijn Heer, als u het wilt, kunt u mij reinigen!"
Bijbel Matteüs 8:3 3 Yešúʿ strekte zijn hand uit, raakte hem aan en zei: "Ik wil het, word gereinigd!" en op dat uur werd zijn lepra gereinigd.
Bijbel Matteüs 8:4 4 En Yešúʿ zei tegen hem: "Zie, waarom zegt u het tegen iemand? Ga echter, en toon uzelf aan de priesters en bied de schenking aan, zoals Muše heeft geboden, tot getuigenis voor hen."
Bijbel Matteüs 8:5 5 Toen Yešúʿ in Kfar-Naḥum kwam, naderde hem een hoofd over honderd die hem verzocht,
Bijbel Matteüs 8:6 6 en zei: "Mijnheer, mijn jongen ligt verlamd thuis en wordt hevig gekweld!"
of 'Jongen, bediende, meisje, jongere'.
Bijbel Matteüs 8:7 7 en Yešúʿ zei tegen hem: "Ik kom en zal hem genezen."
Bijbel Matteüs 8:8 8 Het hoofd over honderd antwoordde en zei: "Mijnheer! Ik ben het niet waard, dat u onder mijn dak zou komen, maar zegt u een woord en mijn jongen zal genezen!
Bijbel Matteüs 8:9 9 Want ook ik ben een man die onder gezag staat en er zijn soldaten onder mij. Ik zeg tegen de ene: 'Ga!' en hij gaat, en tegen de andere: 'Kom!' en hij komt en tegen mijn bediende: 'Doe dit!' en hij doet."
Bijbel Matteüs 8:10 10 Toen Yešúʿ dit had gehoord, was hij verbaasd en zei tegen wie hem volgden: "Ik zeg jullie met zekerheid dat ik zelfs niet in Isrāʾyel zo'n sterk geloof heb gevonden!
ontbreekt in het Grieks.
Bijbel Matteüs 8:11 11 Ik zeg jullie echter, dat velen zullen komen uit het oosten en het westen die met ʾAbrāhām, ʾÍsḥāq en Yaʿqúb zullen aanliggen in het koninkrijk van de hemel.
Bijbel Matteüs 8:12 12 De zonen van het koninkrijk zullen echter uitgeworpen worden in de buitenste duisternis. Daar zullen gehuil en knarsende tanden zijn."
Bijbel Matteüs 8:13 13 En Yešúʿ zei tegen het hoofd over honderd: "Ga! Het zal worden zoals u hebt geloofd!" En zijn jongen werd op dat moment genezen.
'op dat uur'. Ar. idioom voor 'meteen' of 'onmiddellijk'.
Bijbel Matteüs 8:14 14 Toen Yešúʿ in het huis van Šemʿún was gekomen, zag hij diens schoonmoeder liggen, door koorts vastgehouden.
Bijbel Matteüs 8:15 15 Dus raakte hij haar hand aan en de koorts verliet haar. Ze stond op en ging hem dienen.
Bijbel Matteüs 8:16 16 Toen het avond was geworden, bracht men hem vele bezetenen voor, en met een woord wierp hij hun demonen uit. Al wie ziek was werd genezen,
Bijbel Matteüs 8:17 17 zodat werd vervuld wat werd gesproken door ʾEšʿayā, de profeet die zei
"dat hij onze pijnen zou nemen en onze ziekten zou dragen."
Jesaja 53:4
Bijbel Matteüs 8:18 18 Toen Yešúʿ de vele menigten zag die hem omringden, gebood hij om naar de overkant te gaan.
Bijbel Matteüs 8:19 19 Er naderde een schriftgeleerde die hem zei: "Rabbi, ik zal u volgen naar de plaats waar u gaat!"
Bijbel Matteüs 8:20 20 Yešúʿ zei tegen hem: "Vossen hebben holen, en vogels van de hemel hebben een schuilplaats, maar de Mensenzoon heeft niets waar hij zijn hoofd [kan] doen liggen."
Daniël 7:13, Messiaanse titel. Barnāšā.
Bijbel Matteüs 8:21 21 Maar een van zijn leerlingen zei tegen hem: "Mijn Heer, laat mij eerst heengaan om mijn vader te begraven!"
idioom voor 'laat me voor mijn vader zorgen, tot hij sterft'.
Bijbel Matteüs 8:22 22 Maar Yešúʿ zei tegen hem: "Kom, volg mij en laat de doden hun doden begraven."
Bijbel Matteüs 8:23 23 Toen Yešúʿ in een boot stapte, volgden zijn leerlingen hem.
Bijbel Matteüs 8:24 24 En zie, er kwam een grote deining op het meer, zodat de boot door de golven werd bedekt, maar Yešúʿ lag te slapen.
Bijbel Matteüs 8:25 25 En ze kwamen bij hem, schudden hem wakker en zeiden: "Onze Heer, bevrijd ons, we vergaan!"
Bijbel Matteüs 8:26 26 En hij zei tegen hen: "Waarom zijn jullie angstig, kleingelovigen?" Hij stond op en berispte de wind en het meer en er was een grote stilte.
Bijbel Matteüs 8:27 27 En de mensen waren verbaasd en zeiden: "Wie is dit, dat wind en het meer hem gehoorzamen?"
Bijbel Matteüs 8:28 28 Toen Yešúʿ aan de overkant bij het gebied van de Gadarenen was gekomen, ontmoetten hem twee bezetenen die tussen de grafplaatsen uitkwamen. Ze waren zo kwaad dat niemand die weg kon passeren.
Bijbel Matteüs 8:29 29 Ze riepen luid en zeiden: "Wat is er tussen ons en u, Yešúʿ, Zoon van God? Bent u hier gekomen om ons voortijdig te kwellen?"
Bijbel Matteüs 8:30 30 Nu was daar bij hen een grote kudde zwijnen die graasde.
Bijbel Matteüs 8:31 31 En deze demonen verzochten hem en zeiden: "Als u ons uitwerpt, laat ons in de kudde zwijnen gaan!"
Grieks heeft 'zend ons'.
Bijbel Matteüs 8:32 32 Yešúʿ zei tegen hen: "Ga!" En onmiddellijk vertrokken ze en gingen in de zwijnen. Die hele kudde haastte zich naar een klif, viel in het meer en stierf in het water.
Bijbel Matteüs 8:33 33 Maar de herders vluchtten en gingen naar de stad om alles te tonen wat er was gebeurd en betreffende de bezetenen.
Bijbel Matteüs 8:34 34 De hele stad ging erop uit om Yešúʿ te ontmoeten. Toen ze hem zagen, vroegen ze hem om van hun grenzen te vertrekken.

Bijgewerkt: dinsdag 9 mei 2017
© geldig vanaf 21 oktober 2013
Copyright indicatie 'Creative Commons' CC-BY-NC-ND. U mag de Peshitta.nl tekst ongewijzigd, niet commerciëel, in willekeurige mediavorm distribueren met vermelding van de oorspronkelijke naam Peshitta.nl
U mag de Peshitta.nl tekst alleen distribueren als u deze licentie ongewijzgd laat.

Syriac Fonts provided by George Kiraz. Peshitta source, UBS 1905 text.

Download e-Sword module (door Ad Oprel) voor Peshitta_nl
Volg peshitta.nl via Twitter.