MatteüsMarcusLucas 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 JohannesHandelingenRomeinen1 Korintiërs2 KorintiërsGalatenEfeziërsFilippenzenKolossenzen1 Tessalonicenzen2 Tessalonicenzen1 Timoteüs2 TimoteüsTitusFilemonHebreeënJakobus1 Petrus2 Petrus1 Johannes2 Johannes3 JohannesJudasOpenbaring

Hoofdstuk 9

1 ܘܰܩܪܳܐ ܝܶܫܽܘܥ ܠܰܬ݂ܪܶܥܣܰܪܬ݁ܶܗ ܘܝܰܗ݈ܒ݂ ܠܗܽܘܢ ܚܰܝܠܳܐ ܘܫܽܘܠܛܳܢܳܐ ܥܰܠ ܟ݁ܽܠܗܽܘܢ ܫܺܐܕ݂ܶܐ ܘܟ݂ܽܘܪܗܳܢܶܐ ܠܡܰܐܣܳܝܽܘ ܀ Bijbel Lucas 9:1 1 Yešúʿ riep zijn twaalf en gaf hun de macht en het gezag over alle demonen en [over alle] ziekten.
2 ܘܫܰܕ݁ܰܪ ܐܶܢܽܘܢ ܠܡܰܟ݂ܪܳܙܽܘ ܡܰܠܟ݁ܽܘܬ݂ܶܗ ܕ݁ܰܐܠܳܗܳܐ ܘܰܠܡܰܐܣܳܝܽܘ ܟ݁ܪܺܝܗܶܐ ܀ Bijbel Lucas 9:2 2 Toen zond hij hen uit om het koninkrijk van God te verkondigen en de zieken te genezen.
3 ܘܶܐܡܰܪ ܠܗܽܘܢ ܡܶܕ݁ܶܡ ܠܳܐ ܬ݁ܶܫܩܠܽܘܢ ܠܽܐܘܪܚܳܐ ܠܳܐ ܫܰܒ݂ܛܳܐ ܘܠܳܐ ܬ݁ܰܪܡܳܠܳܐ ܘܠܳܐ ܠܰܚܡܳܐ ܘܠܳܐ ܟ݁ܶܣܦ݁ܳܐ ܘܠܳܐ ܬ݁ܰܪܬ݁ܶܝܢ ܟ݁ܽܘܬ݁ܺܝܢܝܳܢ ܢܶܗܘܝܳܢ ܠܟ݂ܽܘܢ ܀ Bijbel Lucas 9:3 3 En hij zei tegen hen: "Neem niets mee voor onderweg. Geen staf of tas, geen brood of zilver. Neem ook niet twee onderkleden mee.
4 ܘܠܰܐܝܢܳܐ ܒ݁ܰܝܬ݁ܳܐ ܕ݁ܥܳܐܠܺܝܢ ܐܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܠܶܗ ܬ݁ܰܡܳܢ ܗܘܰܘ ܘܡܶܢ ܬ݁ܰܡܳܢ ܦ݁ܽܘܩܘ ܀ Bijbel Lucas 9:4 4 Welk huis jullie ook binnengaan, blijf daar en ga weg van daar.
5 ܘܰܠܡܰܢ ܕ݁ܠܳܐ ܡܩܰܒ݁ܠܺܝܢ ܠܟ݂ܽܘܢ ܡܳܐ ܕ݁ܢܳܦ݂ܩܺܝܢ ܐܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܡܶܢ ܡܕ݂ܺܝܢ݈ܬ݁ܳܐ ܗܳܝ ܐܳܦ݂ ܚܶܠܳܐ ܡܶܢ ܪܶܓ݂ܠܰܝܟ݁ܽܘܢ ܦ݁ܶܨܘ ܥܠܰܝܗܽܘܢ ܠܣܳܗܕ݁ܽܘܬ݂ܳܐ ܀ Bijbel Lucas 9:5 5 Schud tegen degene die jullie niet ontvangt wanneer jullie uit die stad vertrekken zelfs het stof van jullie voeten, tot getuigenis voor hen."
6 ܘܰܢܦ݂ܰܩܘ ܫܠܺܝܚܶܐ ܘܡܶܬ݂ܟ݁ܰܪܟ݁ܺܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܒ݁ܩܽܘܪܝܳܐ ܘܒ݂ܰܡܕ݂ܺܝܢܳܬ݂ܳܐ ܘܰܡܣܰܒ݁ܪܺܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܘܡܰܐܣܶܝܢ ܒ݁ܟ݂ܽܠ ܕ݁ܽܘܟ݁ ܀ Bijbel Lucas 9:6 6 Toen gingen de gezanten voort en trokken rond in de dorpen en de steden, en verkondigden en genazen op elke plaats.
7 ܫܡܰܥ ܕ݁ܶܝܢ ܗܶܪܳܘܕ݂ܶܣ ܛܶܛܪܰܪܟ݂ܰܐ ܟ݁ܽܠܗܶܝܢ ܕ݁ܗܳܘܝܳܢ ܗ݈ܘܰܝ ܒ݁ܺܐܝܕ݂ܶܗ ܘܡܶܬ݁ܕ݁ܰܡܰܪ ܗ݈ܘܳܐ ܡܶܛܽܠ ܕ݁ܳܐܡܪܺܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܐ݈ܢܳܫܺܝܢ ܕ݁ܝܽܘܚܰܢܳܢ ܩܳܡ ܡܶܢ ܒ݁ܶܝܬ݂ ܡܺܝܬ݂ܶܐ ܀ Bijbel Lucas 9:7 7 Zodra Herodes (één van de vier vorsten) alle dingen hoorde die door hen werden gedaan, was hij verbaasd, want sommigen zeiden dat Yúḥanān uit het verblijf van de doden was opgestaan.
8 ܐ݈ܚܪܳܢܶܐ ܕ݁ܶܝܢ ܐܳܡܪܺܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܕ݁ܺܐܠܺܝܳܐ ܐܶܬ݂ܚܙܺܝ ܘܰܐ݈ܚܪܳܢܶܐ ܕ݁ܰܢܒ݂ܺܝܳܐ ܡܶܢ ܢܒ݂ܺܝܶܐ ܩܰܕ݂ܡܳܝܶܐ ܩܳܡ ܀ Bijbel Lucas 9:8 8 Anderen zeiden dat ʾElíā was verschenen en anderen dat een profeet uit de vroegere profeten was opgestaan.
9 ܘܶܐܡܰܪ ܗܶܪܳܘܕ݂ܶܣ ܪܺܫܶܗ ܕ݁ܝܽܘܚܰܢܳܢ ܐܶܢܳܐ ܦ݁ܶܣܩܶܬ݂ ܡܰܢܽܘ ܕ݁ܶܝܢ ܗܳܢܳܐ ܕ݁ܗܳܠܶܝܢ ܫܳܡܰܥ ܐ݈ܢܳܐ ܥܠܰܘܗ݈ܝ ܘܨܳܒ݂ܶܐ ܗ݈ܘܳܐ ܕ݁ܢܶܚܙܶܝܘܗ݈ܝ ܀ Bijbel Lucas 9:9 9 Dus zei Herodes: "Het hoofd van Yúḥanān heb ik afgehakt, maar wie is deze man over wie ik deze dingen hoor?" En hij wilde hem zien.
10 ܘܟ݂ܰܕ݂ ܗܦ݂ܰܟ݂ܘ ܫܠܺܝܚܶܐ ܐܶܫܬ݁ܰܥܺܝܘ ܠܝܶܫܽܘܥ ܟ݁ܽܠܡܶܕ݁ܶܡ ܕ݁ܰܥܒ݂ܰܕ݂ܘ ܘܰܕ݂ܒ݂ܰܪ ܐܶܢܽܘܢ ܒ݁ܰܠܚܽܘܕ݂ܰܝܗܽܘܢ ܠܰܐܬ݂ܪܳܐ ܚܽܘܪܒ݁ܳܐ ܕ݁ܒ݂ܶܝܬ݂‌ܨܰܝܳܕ݁ܳܐ ܀ Bijbel Lucas 9:10 10 Toen de gezanten waren teruggekomen, vertelden ze alles wat ze hadden gedaan aan Yešúʿ en hij nam hen apart, naar het gebied van de wildernis van Bét-Ṣayādā.
11 ܟ݁ܶܢܫܶܐ ܕ݁ܶܝܢ ܟ݁ܰܕ݂ ܝܺܕ݂ܰܥܘ ܐܶܙܰܠܘ ܒ݁ܳܬ݂ܪܶܗ ܘܩܰܒ݁ܶܠ ܐܶܢܽܘܢ ܘܰܡܡܰܠܶܠ ܗ݈ܘܳܐ ܥܰܡܗܽܘܢ ܥܰܠ ܡܰܠܟ݁ܽܘܬ݂ܳܐ ܕ݁ܰܐܠܳܗܳܐ ܘܠܰܐܝܠܶܝܢ ܕ݁ܰܣܢܺܝܩܺܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܥܰܠ ܐܳܣܝܽܘܬ݂ܳܐ ܡܰܐܣܶܐ ܗ݈ܘܳܐ ܀ Bijbel Lucas 9:11 11 De menigten kwamen dit te weten en gingen hem achterna. Hij ontving hen en sprak met hen over het koninkrijk van God. En hij genas degenen die genezing nodig hadden.
12 ܟ݁ܰܕ݂ ܕ݁ܶܝܢ ܫܪܺܝ ܝܰܘܡܳܐ ܠܡܶܨܠܳܐ ܩܪܶܒ݂ܘ ܬ݁ܰܠܡܺܝܕ݂ܰܘܗ݈ܝ ܘܳܐܡܪܺܝܢ ܠܶܗ ܫܪܺܝ ܠܟ݂ܶܢܫܶܐ ܕ݁ܢܺܐܙܽܠ݈ܘܢ ܠܩܽܘܪܝܳܐ ܕ݁ܰܚܕ݂ܳܪܰܝܢ ܘܰܠܟ݂ܰܦ݂ܪܽܘܢܶܐ ܕ݁ܢܶܫܪܽܘܢ ܒ݁ܗܽܘܢ ܘܢܶܫܟ݁ܚܽܘܢ ܠܗܽܘܢ ܣܰܝܒ݁ܳܪܬ݁ܳܐ ܡܶܛܽܠ ܕ݁ܒ݂ܰܐܬ݂ܪܳܐ ܚܽܘܪܒ݁ܳܐ ܐܺܝܬ݂ܰܝܢ ܀ Bijbel Lucas 9:12 12 Toen het donker ging worden, kwamen zijn leerlingen en zeiden hem: "Zend de menigten weg zodat ze naar de rondom liggende dorpen en gehuchten kunnen gaan, om daar te verblijven zodat ze voor zichzelf voedsel kunnen vinden, want we zijn op een plaats in de wildernis."
13 ܐܳܡܰܪ ܠܗܽܘܢ ܝܶܫܽܘܥ ܗܰܒ݂ܘ ܠܗܽܘܢ ܐܰܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܠܡܶܐܟ݂ܰܠ ܗܶܢܽܘܢ ܕ݁ܶܝܢ ܐܳܡܪܺܝܢ ܠܰܝܬ݁ ܠܰܢ ܝܰܬ݁ܺܝܪ ܡܶܢ ܚܰܡܫܳܐ ܠܰܚܡܺܝܢ ܘܰܬ݂ܪܶܝܢ ܢܽܘܢܺܝܢ ܐܶܠܳܐ ܐܶܢ ܐܶܙܰܠܢܰܢ ܘܰܙܒ݂ܰܢܰܢ ܣܰܝܒ݁ܳܪܬ݁ܳܐ ܠܗܳܢܳܐ ܟ݁ܽܠܶܗ ܥܰܡܳܐ ܀ Bijbel Lucas 9:13 13 Toen zei Yešúʿ tegen hen: "Geven jullie hun iets te eten." Maar ze zeiden: "We hebben niet meer dan vijf broden en twee vissen, tenzij we gaan en voedsel kopen voor al deze mensen."
14 ܗܳܘܶܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܓ݁ܶܝܪ ܐܰܝܟ݂ ܚܰܡܫܳܐ ܐܰܠܦ݂ܺܝܢ ܓ݁ܰܒ݂ܪܺܝܢ ܐܳܡܰܪ ܠܗܽܘܢ ܝܶܫܽܘܥ ܐܰܣܡܶܟ݂ܘ ܐܶܢܽܘܢ ܣܡܳܟ݂ܶܐ ܚܰܡܫܺܝܢ ܐ݈ܢܳܫܺܝܢ ܒ݁ܰܣܡܳܟ݂ܳܐ ܀ Bijbel Lucas 9:14 14 Want er waren ongeveer vijfduizend mannen. Yešúʿ zei tegen hen: "Laat hen in groepen aanliggen, vijftig mensen per groep."
15 ܘܰܥܒ݂ܰܕ݂ܘ ܗܳܟ݂ܘܳܬ݂ ܬ݁ܰܠܡܺܝܕ݂ܶܐ ܘܰܐܣܡܶܟ݂ܘ ܠܟ݂ܽܠܗܽܘܢ ܀ Bijbel Lucas 9:15 15 Zo deden de leerlingen en ze zorgden ervoor dat iedereen aanlag.
16 ܘܰܢܣܰܒ݂ ܝܶܫܽܘܥ ܗܳܢܽܘܢ ܚܰܡܫܳܐ ܠܰܚܡܺܝܢ ܘܰܬ݂ܪܶܝܢ ܢܽܘܢܺܝܢ ܘܚܳܪ ܒ݁ܰܫܡܰܝܳܐ ܘܒ݂ܰܪܶܟ݂ ܘܰܩܨܳܐ ܘܝܰܗ݈ܒ݂ ܠܬ݂ܰܠܡܺܝܕ݂ܰܘܗ݈ܝ ܕ݁ܰܢܣܺܝܡܽܘܢ ܠܟ݂ܶܢܫܶܐ ܀ Bijbel Lucas 9:16 16 Yešúʿ nam de vijf broden en de twee vissen, keek naar de hemel, zegende [het], brak [ze] en gaf het aan zijn leerlingen om aan de menigten voor te zetten.
17 ܘܶܐܟ݂ܰܠܘ ܟ݁ܽܠܗܽܘܢ ܘܰܣܒ݂ܰܥܘ ܘܰܫܩܰܠܘ ܩܨܳܝܶܐ ܡܶܕ݁ܶܡ ܕ݁ܰܐܘܬ݁ܰܪܘ ܬ݁ܪܶܥܣܰܪ ܩܽܘܦ݂ܺܝܢܺܝܢ ܀ Bijbel Lucas 9:17 17 Allen aten en werden verzadigd. Ze haalden de brokken die waren overgebleven op, twaalf korven.
18 ܘܟ݂ܰܕ݂ ܡܨܰܠܶܐ ܒ݁ܰܠܚܽܘܕ݂ܰܘܗ݈ܝ ܘܬ݂ܰܠܡܺܝܕ݂ܰܘܗ݈ܝ ܥܰܡܶܗ ܫܰܐܶܠ ܐܶܢܽܘܢ ܘܶܐܡܰܪ ܡܰܢܽܘ ܐܳܡܪܺܝܢ ܥܠܰܝ ܟ݁ܶܢܫܶܐ ܕ݁ܺܐܝܬ݂ܰܝ ܀ Bijbel Lucas 9:18 18 Terwijl Yešúʿ alleen met zijn leerlingen bad, vroeg hij hun en zei: "Wat zeggen de menigten over mij, wie ik ben?"
19 ܥܢܰܘ ܘܳܐܡܪܺܝܢ ܠܶܗ ܕ݁ܝܽܘܚܰܢܳܢ ܡܰܥܡܕ݂ܳܢܳܐ ܘܰܐ݈ܚܪܳܢܶܐ ܕ݁ܺܐܠܺܝܳܐ ܐ݈ܚܪܳܢܶܐ ܕ݁ܶܝܢ ܕ݁ܰܢܒ݂ܺܝܳܐ ܚܰܕ݂ ܡܶܢ ܢܒ݂ܺܝܶܐ ܩܰܕ݂ܡܳܝܶܐ ܩܳܡ ܀ Bijbel Lucas 9:19 19 Ze antwoordden en zeiden hem: "Yúḥanān de doper, anderen ʾElíā, maar anderen een profeet, iemand die van de vroegere profeten is opgestaan."
20 ܐܳܡܰܪ ܠܗܽܘܢ ܐܰܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܕ݁ܶܝܢ ܡܰܢܽܘ ܐܳܡܪܺܝܢ ܐܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܕ݁ܺܐܝܬ݂ܰܝ ܥܢܳܐ ܫܶܡܥܽܘܢ ܘܶܐܡܰܪ ܡܫܺܝܚܶܗ ܕ݁ܰܐܠܳܗܳܐ ܀ Bijbel Lucas 9:20 20 Hij zei tegen hen: "Maar wie zeggen jullie dat ik ben?" Šemʿún antwoordde en zei: "De Mšíḥā van God!"
21 ܗܽܘ ܕ݁ܶܝܢ ܟ݁ܐܳܐ ܒ݁ܗܽܘܢ ܘܙܰܗܰܪ ܐܶܢܽܘܢ ܕ݁ܗܳܕ݂ܶܐ ܠܐ݈ܢܳܫ ܠܳܐ ܢܺܐܡܪܽܘܢ ܀ Bijbel Lucas 9:21 21 Hij gebood en zei hun te zorgen, dit aan niemand te vertellen.
of 'verbood hun'
22 ܘܶܐܡܰܪ ܠܗܽܘܢ ܕ݁ܰܥܬ݂ܺܝܕ݂ ܗ݈ܽܘ ܒ݁ܪܶܗ ܕ݁ܐ݈ܢܳܫܳܐ ܕ݁ܣܰܓ݁ܺܝܳܐܬ݂ܳܐ ܢܶܚܰܫ ܘܰܕ݂ܢܶܣܬ݁ܠܶܐ ܡܶܢ ܩܰܫܺܝܫܶܐ ܘܪܰܒ݁ܰܝ ܟ݁ܳܗܢܶܐ ܘܣܳܦ݂ܪܶܐ ܘܢܶܩܛܠܽܘܢܳܝܗ݈ܝ ܘܰܠܝܰܘܡܳܐ ܕ݁ܰܬ݂ܠܳܬ݂ܳܐ ܢܩܽܘܡ ܀ Bijbel Lucas 9:22 22 En hij zei tegen hen: "De Mensenzoon moet veel dingen lijden en zal worden verworpen door de oudsten en de overpriesters en schriftgeleerden. Ze zullen hem doden en hij zal op de derde dag opstaan."
23 ܘܳܐܡܰܪ ܗ݈ܘܳܐ ܩܕ݂ܳܡ ܟ݁ܽܠܢܳܫ ܡܰܢ ܕ݁ܨܳܒ݂ܶܐ ܕ݁ܢܺܐܬ݂ܶܐ ܒ݁ܳܬ݂ܰܪܝ ܢܶܟ݂ܦ݁ܽܘܪ ܒ݁ܢܰܦ݂ܫܶܗ ܘܢܶܫܩܽܘܠ ܙܩܺܝܦ݂ܶܗ ܟ݁ܽܠܝܽܘܡ ܘܢܺܐܬ݂ܶܐ ܒ݁ܳܬ݂ܰܪܝ ܀ Bijbel Lucas 9:23 23 En hij zei tegen iedereen: "Wie mij wil volgen, moet zichzelf ontkennen, dagelijks zijn kruis opnemen en mij volgen!
24 ܡܰܢ ܓ݁ܶܝܪ ܕ݁ܨܳܒ݂ܶܐ ܕ݁ܢܰܦ݂ܫܶܗ ܢܰܚܶܐ ܡܰܘܒ݁ܶܕ݂ ܠܳܗ ܡܰܢ ܕ݁ܶܝܢ ܕ݁ܢܰܘܒ݁ܶܕ݂ ܢܰܦ݂ܫܶܗ ܡܶܛܽܠܳܬ݂ܝ ܗܳܢܳܐ ܡܰܚܶܐ ܠܳܗ ܀ Bijbel Lucas 9:24 24 Want wie zijn leven wil redden, verliest het, maar wie zijn leven om mij zou verliezen, redt het.
25 ܡܳܢܳܐ ܓ݁ܶܝܪ ܢܶܬ݂ܥܰܕ݁ܰܪ ܒ݁ܰܪ ܐ݈ܢܳܫܳܐ ܕ݁ܢܺܐܬ݂ܰܪ ܥܳܠܡܳܐ ܟ݁ܽܠܶܗ ܢܰܦ݂ܫܶܗ ܕ݁ܶܝܢ ܢܰܘܒ݁ܶܕ݂ ܐܰܘ ܢܶܚܣܰܪ ܀ Bijbel Lucas 9:25 25 Want wat zou het een mens helpen als hij de hele wereld wint, maar zijn ziel vernietigt of verliest?
26 ܡܰܢ ܕ݁ܢܶܒ݂ܗܰܬ݂ ܒ݁ܺܝ ܕ݁ܶܝܢ ܘܰܒ݂ܡܶܠܰܝ ܢܶܒ݂ܗܰܬ݂ ܒ݁ܶܗ ܒ݁ܪܶܗ ܕ݁ܐ݈ܢܳܫܳܐ ܡܳܐ ܕ݁ܳܐܬ݂ܶܐ ܒ݁ܫܽܘܒ݂ܚܳܐ ܕ݁ܰܐܒ݂ܽܘܗ݈ܝ ܥܰܡ ܡܰܠܰܐܟ݂ܰܘܗ݈ܝ ܩܰܕ݁ܺܝܫܶܐ ܀ Bijbel Lucas 9:26 26 Wie zich voor mij en mijn woorden schaamt, over hem zal de Mensenzoon zich schamen wanneer hij komt in de glorie van zijn Vader met zijn heilige engelen.
27 ܫܪܳܪܳܐ ܐܳܡܰܪ ܐ݈ܢܳܐ ܠܟ݂ܽܘܢ ܕ݁ܺܐܝܬ݂ ܐ݈ܢܳܫܳܐ ܕ݁ܩܳܝܡܺܝܢ ܗܳܪܟ݁ܳܐ ܕ݁ܠܳܐ ܢܶܛܥܡܽܘܢ ܡܰܘܬ݁ܳܐ ܥܕ݂ܰܡܳܐ ܕ݁ܢܶܚܙܽܘܢ ܡܰܠܟ݁ܽܘܬ݂ܶܗ ܕ݁ܰܐܠܳܗܳܐ ܀ Bijbel Lucas 9:27 27 De waarheid zeg ik u, dat sommigen die hier staan de dood niet zullen proeven voordat ze het koninkrijk van God zien."
28 ܗܘܳܐ ܕ݁ܶܝܢ ܒ݁ܳܬ݂ܰܪ ܡܶܠܶܐ ܗܳܠܶܝܢ ܐܰܝܟ݂ ܬ݁ܡܳܢܝܳܐ ܝܰܘܡܺܝܢ ܕ݁ܒ݂ܰܪ ܝܶܫܽܘܥ ܠܫܶܡܥܽܘܢ ܘܰܠܝܰܥܩܽܘܒ݂ ܘܰܠܝܽܘܚܰܢܳܢ ܘܰܣܠܶܩ ܠܛܽܘܪܳܐ ܠܰܡܨܰܠܳܝܽܘ ܀ Bijbel Lucas 9:28 28 En het was ongeveer acht dagen na deze woorden dat Yešúʿ Šemʿún, Yaʿqúb en Yúḥanān meenam en een berg op ging om te bidden.
29 ܘܟ݂ܰܕ݂ ܗܽܘ ܡܨܰܠܶܐ ܐܶܬ݂ܚܰܠܰܦ݂ ܚܶܙܘܳܐ ܕ݁ܰܐܦ݁ܰܘܗ݈ܝ ܘܢܰܚܬ݁ܰܘܗ݈ܝ ܚܘܰܪܘ ܘܡܰܒ݂ܪܩܺܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܀ Bijbel Lucas 9:29 29 Terwijl hij bad, veranderde de verschijning van zijn gezicht en werd zijn kleding glanzend wit.
30 ܘܗܳܐ ܬ݁ܪܶܝܢ ܓ݁ܰܒ݂ܪܺܝܢ ܡܡܰܠܠܺܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܥܰܡܶܗ ܕ݁ܺܐܝܬ݂ܰܝܗܽܘܢ ܡܽܘܫܶܐ ܘܺܐܠܺܝܳܐ ܀ Bijbel Lucas 9:30 30 Zie, twee mannen spraken met hem! Het waren Muše en ʾElíā,
31 ܕ݁ܶܐܬ݂ܚܙܺܝܘ ܒ݁ܬ݂ܶܫܒ݁ܽܘܚܬ݁ܳܐ ܐܳܡܪܺܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܕ݁ܶܝܢ ܥܰܠ ܡܰܦ݁ܩܳܢܶܗ ܕ݁ܰܥܬ݂ܺܝܕ݂ ܗ݈ܘܳܐ ܕ݁ܢܶܫܬ݁ܰܠܰܡ ܒ݁ܽܐܘܪܺܫܠܶܡ ܀ Bijbel Lucas 9:31 31 die in glorie verschenen en zij spraken over zijn vertrek, dat in ʾÚrišlem moest worden voltooid.
32 ܘܺܝܩܰܪܘ ܗ݈ܘܰܘ ܠܗܽܘܢ ܒ݁ܫܶܢܬ݂ܳܐ ܫܶܡܥܽܘܢ ܘܗܳܢܽܘܢ ܕ݁ܥܰܡܶܗ ܘܰܠܡܰܚܣܶܢ ܐܶܬ݁ܬ݁ܥܺܝܪܘ ܘܰܚܙܰܘ ܫܽܘܒ݂ܚܶܗ ܘܰܠܗܳܢܽܘܢ ܬ݁ܪܶܝܢ ܐ݈ܢܳܫܺܝܢ ܕ݁ܩܳܝܡܺܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܠܘܳܬ݂ܶܗ ܀ Bijbel Lucas 9:32 32 Šemʿún en degenen die met hem waren werden slaperig en konden amper wakker blijven. En ze zagen zijn glorie en die twee mannen die bij hem stonden.
33 ܘܟ݂ܰܕ݂ ܫܰܪܺܝܘ ܠܡܶܦ݂ܪܰܫ ܡܶܢܶܗ ܐܶܡܰܪ ܫܶܡܥܽܘܢ ܠܝܶܫܽܘܥ ܪܰܒ݁ܺܝ ܫܰܦ݁ܺܝܪ ܗ݈ܽܘ ܠܰܢ ܕ݁ܗܳܪܟ݁ܳܐ ܢܶܗܘܶܐ ܘܢܶܥܒ݁ܶܕ݂ ܬ݁ܠܳܬ݂ ܡܰܛܠܺܝܢ ܠܳܟ݂ ܚܕ݂ܳܐ ܘܰܠܡܽܘܫܶܐ ܚܕ݂ܳܐ ܘܠܺܐܠܺܝܳܐ ܚܕ݂ܳܐ ܘܠܳܐ ܝܳܕ݂ܰܥ ܗ݈ܘܳܐ ܡܳܢܳܐ ܐܳܡܰܪ ܀ Bijbel Lucas 9:33 33 Zodra ze begonnen afscheid van hem te nemen, zei Šemʿún tegen Yešúʿ: "Rabbi, het is goed dat we hier zijn. Laten we drie loofhutten maken, één voor u, één voor Muše en één voor ʾElíā." Maar hij wist niet wat hij zei.
34 ܘܟ݂ܰܕ݂ ܐܳܡܰܪ ܗܳܠܶܝܢ ܗܘܳܬ݂ ܥܢܳܢܳܐ ܘܰܐܛܠܰܬ݂ ܥܠܰܝܗܽܘܢ ܘܰܕ݂ܚܶܠܘ ܟ݁ܰܕ݂ ܚܙܰܘ ܠܡܽܘܫܶܐ ܘܠܺܐܠܺܝܳܐ ܕ݁ܥܰܠܘ ܒ݁ܰܥܢܳܢܳܐ ܀ Bijbel Lucas 9:34 34 Toen hij deze dingen had gezegd, kwam een wolk die hen overschaduwde en ze waren bevreesd toen ze Muše en ʾElíā de wolk zagen binnengaan.
35 ܘܩܳܠܳܐ ܗܘܳܐ ܡܶܢ ܥܢܳܢܳܐ ܕ݁ܳܐܡܰܪ ܗܳܢܰܘ ܒ݁ܶܪܝ ܚܰܒ݁ܺܝܒ݂ܳܐ ܠܶܗ ܫܡܰܥܘ ܀ Bijbel Lucas 9:35 35 Er kwam een stem uit de wolk die zei: "Dit is mijn geliefde Zoon. Gehoorzaam hem!"
36 ܘܟ݂ܰܕ݂ ܗܘܳܐ ܩܳܠܳܐ ܐܶܫܬ݁ܟ݂ܰܚ ܝܶܫܽܘܥ ܒ݁ܰܠܚܽܘܕ݂ܰܘܗ݈ܝ ܘܗܶܢܽܘܢ ܫܬ݂ܶܩܘ ܘܰܠܐ݈ܢܳܫ ܠܳܐ ܐܶܡܰܪܘ ܒ݁ܗܳܢܽܘܢ ܝܰܘܡܳܬ݂ܳܐ ܡܶܕ݁ܶܡ ܕ݁ܰܚܙܰܘ ܀ Bijbel Lucas 9:36 36 Nadat de stem was geweest, was Yešúʿ alleen. Ze zwegen en vertelden in die dagen aan niemand wat ze hadden gezien.
37 ܘܰܗܘܳܐ ܠܝܰܘܡܳܐ ܕ݁ܒ݂ܳܬ݂ܪܶܗ ܟ݁ܰܕ݂ ܢܳܚܬ݁ܺܝܢ ܡܶܢ ܛܽܘܪܳܐ ܦ݁ܓ݂ܰܥ ܒ݁ܗܽܘܢ ܟ݁ܶܢܫܳܐ ܣܰܓ݁ܺܝܳܐܐ ܀ Bijbel Lucas 9:37 37 De volgende dag, toen ze van de berg afdaalden, kwamen ze een grote menigte tegen.
38 ܘܓ݂ܰܒ݂ܪܳܐ ܚܰܕ݂ ܡܶܢ ܟ݁ܶܢܫܳܐ ܗܰܘ ܩܥܳܐ ܘܶܐܡܰܪ ܡܰܠܦ݂ܳܢܳܐ ܒ݁ܳܥܶܐ ܐ݈ܢܳܐ ܡܶܢܳܟ݂ ܐܶܬ݂ܦ݁ܰܢܝ ܥܠܰܝ ܒ݁ܶܪܝ ܕ݁ܺܝܚܺܝܕ݂ܳܝܳܐ ܗ݈ܘ ܠܺܝ ܀ Bijbel Lucas 9:38 38 Iemand uit de menigte riep en zei: "Leraar, ik verzoek u, schenk me aandacht! Ik heb een eniggeboren zoon.
39 ܘܪܽܘܚܳܐ ܥܳܕ݂ܝܳܐ ܥܠܰܘܗ݈ܝ ܘܡܶܢ ܫܶܠܝܳܐ ܩܳܥܶܐ ܘܰܡܚܰܪܶܩ ܫܶܢܰܘܗ݈ܝ ܘܡܰܪܥܶܬ݂ ܘܰܠܡܰܚܣܶܢ ܦ݁ܳܪܩܳܐ ܡܶܢܶܗ ܡܳܐ ܕ݁ܰܫܚܰܩܬ݂ܶܗ ܀ Bijbel Lucas 9:39 39 Een geest grijpt hem, en vanuit het niets schreeuwt hij en knarst hij zijn tanden en schuimt. Amper gaat hij weg zonder hem te pijnigen.
40 ܘܰܒ݂ܥܺܝܬ݂ ܡܶܢ ܬ݁ܰܠܡܺܝܕ݂ܰܝܟ݁ ܕ݁ܢܰܦ݁ܩܽܘܢܳܝܗ݈ܝ ܘܠܳܐ ܐܶܫܟ݁ܰܚܘ ܀ Bijbel Lucas 9:40 40 En ik heb uw leerlingen verzocht om hem uit te werpen maar ze konden het niet."
41 ܥܢܳܐ ܕ݁ܶܝܢ ܝܶܫܽܘܥ ܘܶܐܡܰܪ ܐܽܘܢ ܫܰܪܒ݁ܬ݂ܳܐ ܕ݁ܠܳܐ ܡܗܰܝܡܢܳܐ ܘܰܡܥܰܩܰܠܬ݁ܳܐ ܥܕ݂ܰܡܳܐ ܠܶܐܡܰܬ݂ܝ ܐܶܗܘܶܐ ܠܘܳܬ݂ܟ݂ܽܘܢ ܘܶܐܣܰܝܒ݁ܰܪܟ݂ܽܘܢ ܩܰܪܶܒ݂ܳܝܗ݈ܝ ܠܟ݂ܳܐ ܠܰܒ݂ܪܳܟ݂ ܀ Bijbel Lucas 9:41 41 Yešúʿ antwoordde en zei: "O ongelovige en verdraaide generatie. Hoe lang zal ik bij u zijn en u verduren? Breng uw zoon hier."
42 ܘܟ݂ܰܕ݂ ܡܩܰܪܶܒ݂ ܠܶܗ ܐܰܪܡܝܶܗ ܕ݁ܰܝܘܳܐ ܗܰܘ ܘܡܰܥܣܶܗ ܘܰܟ݂ܐܳܐ ܝܶܫܽܘܥ ܒ݁ܪܽܘܚܳܐ ܗܳܝ ܛܰܢܦ݂ܬ݂ܳܐ ܘܰܐܣܝܶܗ ܠܛܰܠܝܳܐ ܘܝܰܗܒ݁ܶܗ ܠܰܐܒ݂ܽܘܗ݈ܝ ܀ Bijbel Lucas 9:42 42 Terwijl hij hem bracht, wierp die demon hem tegen de grond en deed hem stuiptrekken, maar Yešúʿ berispte die onreine geest en genas de jongen en gaf hem aan zijn vader.
43 ܘܶܐܬ݁ܕ݁ܰܡܰܪܘ ܟ݁ܽܠܗܽܘܢ ܒ݁ܪܰܒ݁ܽܘܬ݂ܶܗ ܕ݁ܰܐܠܳܗܳܐ ܘܟ݂ܰܕ݂ ܟ݁ܽܠܢܳܫ ܡܶܬ݁ܕ݁ܰܡܰܪ ܗ݈ܘܳܐ ܥܰܠ ܟ݁ܽܠ ܕ݁ܥܳܒ݂ܶܕ݂ ܝܶܫܽܘܥ ܐܶܡܰܪ ܠܬ݂ܰܠܡܺܝܕ݂ܰܘܗ݈ܝ ܀ Bijbel Lucas 9:43 43 Allen waren verbaasd vanwege de grootsheid van God. En omdat iedereen verbaasd was om alles wat Yešúʿ had gedaan, zei Yešúʿ tegen zijn leerlingen:
44 ܣܺܝܡܘ ܐܰܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܡܶܠܶܐ ܗܳܠܶܝܢ ܒ݁ܶܐܕ݂ܢܰܝܟ݁ܽܘܢ ܒ݁ܪܶܗ ܓ݁ܶܝܪ ܕ݁ܐ݈ܢܳܫܳܐ ܥܬ݂ܺܝܕ݂ ܕ݁ܢܶܫܬ݁ܠܶܡ ܒ݁ܺܐܝܕ݂ܰܝ ܒ݁ܢܰܝ ܐ݈ܢܳܫܳܐ ܀ Bijbel Lucas 9:44 44 "Plaats deze woorden in jullie oren: de Mensenzoon zal aan mensenhanden worden uitgeleverd."
45 ܗܶܢܽܘܢ ܕ݁ܶܝܢ ܠܳܐ ܐܶܫܬ݁ܰܘܕ݁ܥܽܘܗ ܠܡܶܠܬ݂ܳܐ ܗܳܕ݂ܶܐ ܡܶܛܽܠ ܕ݁ܰܡܟ݂ܰܣܝܳܐ ܗ݈ܘܳܬ݂ ܡܶܢܗܽܘܢ ܕ݁ܠܳܐ ܢܶܕ݁ܥܽܘܢܳܗ ܘܕ݂ܳܚܠܺܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܕ݁ܰܢܫܰܐܠܽܘܢܳܝܗ݈ܝ ܥܠܶܝܗ ܥܰܠ ܡܶܠܬ݂ܳܐ ܗܳܕ݂ܶܐ ܀ Bijbel Lucas 9:45 45 Maar ze begrepen dat woord niet, omdat het voor hen verborgen was, zodat ze het niet zouden kennen, en ze vreesden hem [iets] over dit woord te vragen.
46 ܘܥܶܠܰܬ݂ ܒ݁ܗܽܘܢ ܡܰܚܫܰܒ݂ܬ݁ܳܐ ܕ݁ܡܰܢܽܘ ܟ݁ܰܝ ܪܰܒ݂ ܒ݁ܗܽܘܢ ܀ Bijbel Lucas 9:46 46 En kwam een gedachte bij hen op, wie nu de grootste onder hen was.
47 ܝܶܫܽܘܥ ܕ݁ܶܝܢ ܝܺܕ݂ܰܥ ܡܰܚܫܰܒ݂ܬ݁ܳܐ ܕ݁ܠܶܒ݁ܗܽܘܢ ܘܰܢܣܰܒ݂ ܛܰܠܝܳܐ ܘܰܐܩܺܝܡܶܗ ܠܘܳܬ݂ܶܗ ܀ Bijbel Lucas 9:47 47 Maar Yešúʿ kende de gedachte van hun harten, nam een jongen en plaatste hem naast zich,
48 ܘܶܐܡܰܪ ܠܗܽܘܢ ܡܰܢ ܕ݁ܰܡܩܰܒ݁ܶܠ ܛܰܠܝܳܐ ܐܰܝܟ݂ ܗܳܢܳܐ ܒ݁ܫܶܡܝ ܠܺܝ ܗ݈ܽܘ ܡܩܰܒ݁ܶܠ ܘܡܰܢ ܕ݁ܠܺܝ ܡܩܰܒ݁ܶܠ ܡܩܰܒ݁ܶܠ ܠܡܰܢ ܕ݁ܫܰܕ݁ܪܰܢܝ ܐܰܝܢܳܐ ܓ݁ܶܝܪ ܕ݁ܰܙܥܽܘܪ ܒ݁ܟ݂ܽܠܟ݂ܽܘܢ ܗܳܢܳܐ ܢܶܗܘܶܐ ܪܰܒ݂ ܀ Bijbel Lucas 9:48 48 en zei tegen hen: "Wie een kind zoals dit in mijn naam ontvangt, ontvangt mij, en wie mij ontvangt, ontvangt degene die mij heeft gezonden, want wie de minste van jullie is, zal de grootste zijn."
49 ܘܰܥܢܳܐ ܝܽܘܚܰܢܳܢ ܘܶܐܡܰܪ ܪܰܒ݁ܰܢ ܚܙܰܝܢ ܐ݈ܢܳܫ ܕ݁ܡܰܦ݁ܶܩ ܕ݁ܰܝܘܶܐ ܒ݁ܰܫܡܳܟ݂ ܘܰܟ݂ܠܰܝܢܳܝܗ݈ܝ ܥܰܠ ܕ݁ܠܳܐ ܐܶܬ݂ܳܐ ܥܰܡܰܢ ܒ݁ܳܬ݂ܪܳܟ݂ ܀ Bijbel Lucas 9:49 49 En Yúḥanān antwoordde en zei: "Onze rabbi, we hebben een man gezien, die in uw naam demonen uitwierp. We hebben [het] hem verboden omdat hij niet met ons u volgt."
50 ܐܳܡܰܪ ܠܗܽܘܢ ܝܶܫܽܘܥ ܠܳܐ ܬ݁ܶܟ݂ܠܽܘܢ ܡܰܢ ܓ݁ܶܝܪ ܕ݁ܠܳܐ ܗ݈ܘܳܐ ܠܽܘܩܒ݂ܰܠܟ݂ܽܘܢ ܚܠܳܦ݂ܰܝܟ݁ܽܘܢ ܗ݈ܽܘ ܀ Bijbel Lucas 9:50 50 Yešúʿ zei tegen hem: "Verbied [het] hem niet, want wie niet tegen jullie is, is voor jullie!"
51 ܘܰܗܘܳܐ ܕ݁ܟ݂ܰܕ݂ ܡܶܬ݂ܡܰܠܶܝܢ ܝܰܘܡܳܬ݂ܳܐ ܕ݁ܣܽܘܠܳܩܶܗ ܐܰܬ݂ܩܶܢ ܦ݁ܰܪܨܽܘܦ݁ܶܗ ܕ݁ܢܺܐܙܰܠ ܠܽܐܘܪܺܫܠܶܡ ܀ Bijbel Lucas 9:51 51 Toen de dagen voor zijn opname waren vervuld, had hij zijn gezicht gezet om naar ʾÚrišlem op te gaan.
'was hij vastbesloten'.
52 ܘܫܰܕ݁ܰܪ ܡܰܠܰܐܟ݂ܶܐ ܩܕ݂ܳܡ ܦ݁ܰܪܨܽܘܦ݁ܶܗ ܘܶܐܙܰܠܘ ܥܰܠܘ ܠܰܩܪܺܝܬ݂ܳܐ ܕ݁ܫܳܡܪܳܝܶܐ ܐܰܝܟ݂ ܕ݁ܢܰܬ݂ܩܢܽܘܢ ܠܶܗ ܀ Bijbel Lucas 9:52 52 En hij zond boodschappers voor zijn persoon uit, en ze gingen een dorp van de Šāmrānen binnen, om [het] voor hem voor te bereiden.
53 ܘܠܳܐ ܩܰܒ݁ܠܽܘܗ݈ܝ ܡܶܛܽܠ ܕ݁ܦ݁ܰܪܨܽܘܦ݁ܶܗ ܠܽܐܘܪܺܫܠܶܡ ܣܺܝܡ ܗ݈ܘܳܐ ܠܡܺܐܙܰܠ ܀ Bijbel Lucas 9:53 53 Maar ze ontvingen hem niet omdat hij zijn gezicht op ʾÚrišlem had gezet, om te gaan.
54 ܘܟ݂ܰܕ݂ ܚܙܰܘ ܝܰܥܩܽܘܒ݂ ܘܝܽܘܚܰܢܳܢ ܬ݁ܰܠܡܺܝܕ݂ܰܘܗ݈ܝ ܐܳܡܪܺܝܢ ܠܶܗ ܡܳܪܰܢ ܨܳܒ݂ܶܐ ܐܰܢ݈ܬ݁ ܕ݁ܢܺܐܡܰܪ ܘܬ݂ܶܚܽܘܬ݂ ܢܽܘܪܳܐ ܡܶܢ ܫܡܰܝܳܐ ܘܰܬ݁ܣܺܝܦ݂ ܐܶܢܽܘܢ ܐܰܝܟ݂ ܕ݁ܳܐܦ݂ ܐܺܠܺܝܳܐ ܥܒ݂ܰܕ݂ ܀ Bijbel Lucas 9:54 54 Toen zijn leerlingen Yaʿqúb en Yúḥanān het zagen, zeiden ze hem: "Onze Heer, wilt u dat we spreken en vuur van de hemel laten afdalen om hen te verteren, zoals ook ʾElíā heeft gedaan?"
55 ܘܶܐܬ݂ܦ݁ܢܺܝ ܘܰܟ݂ܐܳܐ ܒ݁ܗܽܘܢ ܘܶܐܡܰܪ ܠܳܐ ܝܳܕ݂ܥܺܝܢ ܐܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܕ݁ܰܐܝܕ݂ܳܐ ܐܰܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܪܽܘܚܳܐ ܀ Bijbel Lucas 9:55 55 Toen keerde hij zich om en berispte hen en zei: "Jullie weten niet uit welke geest jullie zijn,
56 ܒ݁ܪܶܗ ܓ݁ܶܝܪ ܕ݁ܐ݈ܢܳܫܳܐ ܠܳܐ ܐܶܬ݂ܳܐ ܠܡܰܘܒ݁ܳܕ݂ܽܘ ܢܰܦ݂ܫܳܬ݂ܳܐ ܐܶܠܳܐ ܠܡܰܚܳܝܽܘ ܘܶܐܙܰܠܘ ܠܗܽܘܢ ܠܰܩܪܺܝܬ݂ܳܐ ܐ݈ܚܪܺܬ݂ܳܐ ܀ Bijbel Lucas 9:56 56 want de Mensenzoon is niet gekomen om levens te vernietigen maar om ze te redden!" Dus gingen ze naar andere dorpen.
57 ܘܟ݂ܰܕ݂ ܐܳܙܺܠ݈ܝܢ ܒ݁ܽܐܘܪܚܳܐ ܐܶܡܰܪ ܠܶܗ ܐ݈ܢܳܫ ܐܺܬ݂ܶܐ ܒ݁ܳܬ݂ܪܳܟ݂ ܠܰܐܬ݂ܰܪ ܕ݁ܳܐܙܶܠ ܐܰܢ݈ܬ݁ ܡܳܪܝ ܀ Bijbel Lucas 9:57 57 Terwijl ze onderweg waren, zei een man tegen hem: "Ik zal u volgen naar de plaats waar u gaat, mijn Heer!"
58 ܐܳܡܰܪ ܠܶܗ ܝܶܫܽܘܥ ܠܬ݂ܰܥܠܶܐ ܢܶܩܥܶܐ ܐܺܝܬ݂ ܠܗܽܘܢ ܘܰܠܦ݂ܳܪܰܚܬ݂ܳܐ ܕ݁ܰܫܡܰܝܳܐ ܡܰܛܠ݈ܠܳܐ ܠܰܒ݂ܪܶܗ ܕ݁ܶܝܢ ܕ݁ܐ݈ܢܳܫܳܐ ܠܰܝܬ݁ ܠܶܗ ܐܰܝܟ݁ܳܐ ܕ݁ܢܶܣܡܽܘܟ݂ ܪܺܫܶܗ ܀ Bijbel Lucas 9:58 58 Yešúʿ zei tegen hem: "Vossen hebben holen, en vogels van de hemel hebben een schuilplaats, maar de Mensenzoon heeft niets waar hij zijn hoofd [kan] doen liggen."
59 ܘܶܐܡܰܪ ܠܰܐ݈ܚܪܺܢܳܐ ܬ݁ܳܐ ܒ݁ܳܬ݂ܰܪܝ ܗܽܘ ܕ݁ܶܝܢ ܐܶܡܰܪ ܠܶܗ ܡܳܪܝ ܐܰܦ݁ܶܣ ܠܺܝ ܠܽܘܩܕ݂ܰܡ ܐܺܙܰܠ ܐܶܩܒ݁ܽܘܪ ܐܳܒ݂ܝ ܀ Bijbel Lucas 9:59 59 En hij zei tegen iemand anders: "Volg mij!" Maar die zei tegen hem: "Mijn Heer, sta me toe eerst te gaan en mijn vader te begraven!"
60 ܐܳܡܰܪ ܠܶܗ ܝܶܫܽܘܥ ܫܒ݂ܽܘܩ ܡܺܝܬ݂ܶܐ ܩܳܒ݂ܪܺܝܢ ܡܺܝܬ݂ܰܝܗܽܘܢ ܘܰܐܢ݈ܬ݁ ܙܶܠ ܣܰܒ݁ܰܪ ܡܰܠܟ݁ܽܘܬ݂ܶܗ ܕ݁ܰܐܠܳܗܳܐ ܀ Bijbel Lucas 9:60 60 Yešúʿ zei tegen hem: "Laat de doden hun doden begraven en ga, verkondig het koninkrijk van God."
61 ܐܳܡܰܪ ܠܶܗ ܐ݈ܚܪܺܢܳܐ ܐܺܬ݂ܶܐ ܒ݁ܳܬ݂ܪܳܟ݂ ܡܳܪܝ ܠܽܘܩܕ݂ܰܡ ܕ݁ܶܝܢ ܐܰܦ݁ܶܣ ܠܺܝ ܐܺܙܰܠ ܐܶܫܰܠܶܡ ܠܰܒ݂ܢܰܝ ܒ݁ܰܝܬ݁ܝ ܘܺܐܬ݂ܶܐ ܀ Bijbel Lucas 9:61 61 Een ander zei tegen hem: "Mijn Heer, ik zal u volgen maar sta me toe te gaan om eerst mijn huisgenoten over te dragen [aan iemand] en [dan] zal ik komen!"
Andere vertalingen hebben 'afscheid te nemen'.
62 ܐܳܡܰܪ ܠܶܗ ܝܶܫܽܘܥ ܠܳܐ ܐ݈ܢܳܫ ܪܳܡܶܐ ܐܺܝܕ݂ܶܗ ܥܰܠ ܚܰܪܒ݁ܳܐ ܕ݁ܦ݂ܰܕ݁ܳܢܳܐ ܘܚܳܐܰܪ ܠܒ݂ܶܣܬ݁ܪܶܗ ܘܚܳܫܰܚ ܠܡܰܠܟ݁ܽܘܬ݂ܶܗ ܕ݁ܰܐܠܳܗܳܐ ܀ Bijbel Lucas 9:62 62 Yešúʿ zei tegen hem: "Iemand die zijn hand aan de handgreep van de ploegschaar zet en achterom kijkt, is niet geschikt voor het koninkrijk van God."

Bijgewerkt: zondag 1 oktober 2017
© geldig vanaf 21 oktober 2013
Copyright indicatie 'Creative Commons' CC-BY-NC-ND. U mag de Peshitta.nl tekst ongewijzigd, niet commerciëel, in willekeurige mediavorm distribueren met vermelding van de oorspronkelijke naam Peshitta.nl
U mag de Peshitta.nl tekst alleen distribueren als u deze licentie ongewijzgd laat.

Syriac Fonts provided by George Kiraz. Peshitta source, UBS 1905 text.

Download e-Sword module (door Ad Oprel) voor Peshitta_nl
Volg peshitta.nl via Twitter.