MatteüsMarcusLucas 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 JohannesHandelingenRomeinen1 Korintiërs2 KorintiërsGalatenEfeziërsFilippenzenKolossenzen1 Tessalonicenzen2 Tessalonicenzen1 Timoteüs2 TimoteüsTitusFilemonHebreeënJakobus1 Petrus2 Petrus1 Johannes2 Johannes3 JohannesJudasOpenbaring

Hoofdstuk 6

Bijbel Lucas 6:1 1 Het was nu op een sabbat, terwijl Yešúʿ tussen het koren liep dat zijn leerlingen aren plukten en het met de handen wreven en aten.
Bijbel Lucas 6:2 2 Sommige van de Afgescheidenen zeiden echter: "Waarom doet u iets wat niet is toegestaan te doen op de sabbat?"
Bijbel Lucas 6:3 3 Yešúʿ antwoordde en zei tegen hen: "Hebt u dit niet gelezen, wat Dawid en degenen die met hem waren deden toen hij honger had,
Bijbel Lucas 6:4 4 toen hij het huis van God binnenging en het brood op de tafel van de HEER nam, het at en het gaf aan degenen die met hem waren, wat niet is toegestaan te eten behalve voor de priesters?"
Bijbel Lucas 6:5 5 En hij zei tegen hen: "De Heer van de sabbat is de Mensenzoon."
Bijbel Lucas 6:6 6 Op een andere sabbat gebeurde het dat hij een synagoge binnenging en leerde. Er was daar een man van wie de rechterhand verdord was.
Bijbel Lucas 6:7 7 De schriftgeleerden en de Afgescheidenen bleven op hem letten of hij zou genezen op de sabbat, zodat ze hem konden beschuldigen.
Bijbel Lucas 6:8 8 Maar hij kende hun gedachten, dus zei hij tegen die man van wie de hand verdord was: "Sta op en kom in het midden van de synagoge!" Toen hij kwam en [daar] stond,
Bijbel Lucas 6:9 9 zei Yešúʿ tegen hem: "Ik vraag u wat op de sabbat is toegestaan te doen: [Is het] goed of kwaad om een ziel te redden of te verliezen?"
Bijbel Lucas 6:10 10 En hij keek hen allen aan en zei tegen hem: "Strek uw hand uit!" En hij strekte zijn hand uit en zijn hand werd hersteld zoals zijn naaste [hand].
Bijbel Lucas 6:11 11 En ze raakten vervuld met afgunst en bespraken met elkaar wat ze met Yešúʿ moesten doen.
Bijbel Lucas 6:12 12 In die dagen gebeurde het dat Yešúʿ naar een berg ging om te bidden, waar hij de nacht in gebed tot God doorbracht.
Bijbel Lucas 6:13 13 Toen de dag aanbrak, riep hij zijn leerlingen en koos er twaalf van hen, degenen die hij gezanten noemde.
Bijbel Lucas 6:14 14 Šemʿún die hij Kiʾfā noemde, zijn broer ʾAndreās, Yaʿqúb, Yúḥanān, Fílíppos en Bartúlmay,
Bijbel Lucas 6:15 15 Mattay, Tāwma, Yaʿqúb zoon van Ḥalfay, Šemʿún die de Zeloot werd genoemd,
Bijbel Lucas 6:16 16 Yihúdā zoon van Yaʿqúb en Yihúdā Skaryúṭā, die de verrader was.
Bijbel Lucas 6:17 17 En Yešúʿ ging, daalde met hen af en er stond in de vlakte een grote menigte; veel van zijn leerlingen en een grote menigte volk, vanuit geheel Yihúd, ʾÚrišlem en vanuit de zeekust van Ṣúr en Ṣaydān,
Bijbel Lucas 6:18 18 die waren gekomen om zijn woorden te horen en te worden genezen van hun ziekten, en degenen die door onreine geesten werden onderdrukt. En ze werden genezen.
Bijbel Lucas 6:19 19 Iedereen probeerde hem aan te raken, want er ging een kracht van hem uit die hen allen genas.
Bijbel Lucas 6:20 20 En hij richtte zijn ogen op zijn leerlingen en zei: "Gelukkig zijn de armen, want van jullie is het koninkrijk van God.
Bijbel Lucas 6:21 21 Gelukkig zijn wie nu honger hebben, want jullie zullen verzadigd worden. Gelukkig zijn wie nu huilen, want jullie zullen lachen.
Bijbel Lucas 6:22 22 Gelukkig zijn jullie wanneer men jullie haat, discrimineert, verwijten maakt en jullie een slechte naam geeft om de Mensenzoon.
of 'onderscheid maakt'.
Old Syriac.
Bijbel Lucas 6:23 23 Verheug je op die dag en spring op, omdat jullie beloning groot is in de hemel, want zo hebben hun vaders met de profeten gedaan.
Bijbel Lucas 6:24 24 Maar wee wie rijk is want je hebt je troost ontvangen.
Bijbel Lucas 6:25 25 Wee wie verzadigd is, want je zult honger hebben. Wee wie lacht, want je zult huilen en rouwen.
Bijbel Lucas 6:26 26 Wee over wie de mensen mooi spreken, want zo deden hun vaders met de valse profeten.
Bijbel Lucas 6:27 27 Maar ik zeg aan wie het hoort: heb je vijand lief en doe het goede voor wie jou haat.
Bijbel Lucas 6:28 28 Zegen hen die jou vervloeken en bid voor hen die jou met geweld wegvoeren.
Bijbel Lucas 6:29 29 Degene die jou op de wang slaat, bied je de andere wang aan. En onthoud je jas niet aan degene die jouw gewaad neemt.
Bijbel Lucas 6:30 30 Geef aan al wie van jou vraagt en eis niet [terug] van degene die van jou heeft genomen.
Bijbel Lucas 6:31 31 En zoals jullie willen dat de mensen voor jullie doen, doe dat ook zo voor hen.
Bijbel Lucas 6:32 32 Want als je liefhebt wie jou liefheeft; wat is dan je goedheid? Want zelfs zondaars hebben degenen lief die hen liefhebben.
Bijbel Lucas 6:33 33 En als je goed doet aan wie jou goed doet, wat is dan je goedheid? Want zelfs de zondaars doen zo.
Bijbel Lucas 6:34 34 Als je leent aan degene van wie je verwacht te worden vergoed, wat is dan je goedheid? Want zelfs de zondaars lenen uit om evenzo te worden vergoed.
Bijbel Lucas 6:35 35 Maar heb je vijanden lief en behandel hen goed. Leen uit en snij iemands hoop niet af, en je beloning zal groot zijn en je zult een kind zijn van de Allerhoogste want hij is aangenaam voor de slechten en ondankbaren.
Grieks heeft 'hoop nergens op'
(Zonen) Bnay di Rama.
Bijbel Lucas 6:36 36 Wees daarom barmhartig zoals ook jullie Vader barmhartig is.
Bijbel Lucas 6:37 37 Oordeel niet en jullie worden niet geoordeeld. Veroordeel niet en jullie worden niet veroordeeld. Laat vrij en jullie zullen vrijgelaten worden.
Bijbel Lucas 6:38 38 Geef, en er zal jullie gegeven worden, met een goed aangestampte, overlopende maat, zullen zij in jullie schoot storten. Want met de maat waarmee jullie meten, zullen jullie zelf gemeten worden."
Bijbel Lucas 6:39 39 En hij vertelde hun een gelijkenis: "Kan een blinde een blinde begeleiden? Zullen niet beiden in een kuil vallen?
Bijbel Lucas 6:40 40 Er is geen leerling die groter is dan zijn rabbi. Want eenieder die volmaakt is, zal als zijn rabbi zijn.
Bijbel Lucas 6:41 41 Waarom kijk je naar het strootje in het oog van je broeder, maar zie je de balk in je eigen ogen niet?
Bijbel Lucas 6:42 42 Of hoe kun je tegen je broeder zeggen: 'Mijn broeder, sta me toe het strootje uit je oog te verwijderen', en zie, de balk in je eigen ogen zie je niet? Toneelspeler! Verwijder eerst de balk uit je eigen oog en daarna zul je zien om het strootje uit het oog van je broeder te verwijderen.
Bijbel Lucas 6:43 43 Er is geen goede boom die slechte vruchten draagt en ook geen slechte boom die goede vruchten draagt.
Bijbel Lucas 6:44 44 Want elke boom wordt aan zijn vrucht gekend. Of verzamelt men vijgen van doornen of plukt men druiven van de struiken?
Bijbel Lucas 6:45 45 Een goede man brengt uit zijn goede voorraad goede [dingen] voort, maar een slechte man brengt uit zijn slechte voorraad slechte [dingen] voort. Want uit de overvloed van het hart spreekt de mond.
Bijbel Lucas 6:46 46 Waarom roepen jullie mij met 'mijn Heer, mijn Heer!', terwijl jullie niet doen wat ik zeg?
Bijbel Lucas 6:47 47 Iemand die tot mij komt en mijn woorden hoort en ze doet; ik zal jullie tonen op wie hij lijkt.
Bijbel Lucas 6:48 48 Hij lijkt op een man die een huis ging bouwen en diep groef en de fundamenten op een rots plaatste. Toen er een vloed kwam, sloeg de vloed op het huis dat onbeweeglijk bleek, want het fundament was op een rots geplaatst.
Bijbel Lucas 6:49 49 Wie hoort maar het niet doet, lijkt op een man die zijn huis op aarde bouwde, zonder een fundament. Toen de rivier er tegen sloeg, viel het onmiddellijk. En de val van dat huis was groot."

Bijgewerkt: maandag 7 augustus 2017
© geldig vanaf 21 oktober 2013
Copyright indicatie 'Creative Commons' CC-BY-NC-ND. U mag de Peshitta.nl tekst ongewijzigd, niet commerciëel, in willekeurige mediavorm distribueren met vermelding van de oorspronkelijke naam Peshitta.nl
U mag de Peshitta.nl tekst alleen distribueren als u deze licentie ongewijzgd laat.

Syriac Fonts provided by George Kiraz. Peshitta source, UBS 1905 text.

Download e-Sword module (door Ad Oprel) voor Peshitta_nl
Volg peshitta.nl via Twitter.