MatteüsMarcusLucasJohannesHandelingenRomeinen 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 1 Korintiërs2 KorintiërsGalatenEfeziërsFilippenzenKolossenzen1 Tessalonicenzen2 Tessalonicenzen1 Timoteüs2 TimoteüsTitusFilemonHebreeënJakobus1 Petrus2 Petrus1 Johannes2 Johannes3 JohannesJudasOpenbaring

Hoofdstuk 9

1 ܩܽܘܫܬ݁ܳܐ ܐܳܡܰܪ ܐ݈ܢܳܐ ܒ݁ܰܡܫܺܝܚܳܐ ܘܠܳܐ ܡܕ݂ܰܓ݁ܶܠ ܐ݈ܢܳܐ ܘܪܶܥܝܳܢܝ ܡܰܣܗܶܕ݂ ܥܠܰܝ ܒ݁ܪܽܘܚܳܐ ܕ݁ܩܽܘܕ݂ܫܳܐ ܀ Bijbel Romeinen 9:1 1 Ik zeg de waarheid in de Mšíḥā en lieg niet en mijn geweten getuigt aan mij in de Heilige Geest,
2 ܕ݁ܟ݂ܰܪܝܽܘܬ݂ܳܐ ܗ݈ܝ ܠܺܝ ܪܰܒ݁ܬ݂ܳܐ ܘܟ݂ܺܐܒ݂ܳܐ ܕ݁ܡܶܢ ܠܶܒ݁ܝ ܠܳܐ ܫܳܠܶܐ ܀ Bijbel Romeinen 9:2 2 dat ik zeer bedroefd ben, en de pijn van mijn hart niet ophoudt.
3 ܡܨܰܠܶܐ ܗ݈ܘܺܝܬ݂ ܓ݁ܶܝܪ ܕ݁ܶܐܢܳܐ ܩܢܽܘܡܝ ܚܶܪܡܳܐ ܐܶܗܘܶܐ ܡܶܢ ܡܫܺܝܚܳܐ ܚܠܳܦ݂ ܐܰܚܰܝ ܘܰܐ݈ܚܝܳܢܰܝ ܕ݁ܒ݂ܰܒ݂ܣܰܪ ܀ Bijbel Romeinen 9:3 3 Ik heb gebeden dat mijn wezen vervloekt zou worden vanwege de Mšíḥā voor mijn broeders en verwanten in het vlees,
4 ܕ݁ܺܐܝܬ݂ܰܝܗܽܘܢ ܒ݁ܢܰܝ ܐܺܝܣܪܳܝܶܠ ܕ݁ܕ݂ܺܝܠܗܽܘܢ ܗܘܳܬ݂ ܣܺܝܡܰܬ݂ ܒ݁ܢܰܝܳܐ ܘܬ݂ܶܫܒ݁ܽܘܚܬ݁ܳܐ ܘܰܩܝܳܡܶܐ ܘܢܳܡܽܘܣܳܐ ܘܬ݂ܶܫܡܶܫܬ݁ܳܐ ܕ݁ܒ݂ܶܗ ܘܡܽܘܠܟ݁ܳܢܶܐ ܀ Bijbel Romeinen 9:4 4 die kinderen van Isrāʾyel zijn, die de adoptie en de glorie hadden, van wie de verbonden en de Wet en de bediening die erin besloten zit en de beloften en de vaders zijn.
5 ܘܰܐܒ݂ܳܗܳܬ݂ܳܐ ܘܡܶܢܗܽܘܢ ܐܶܬ݂ܚܙܺܝ ܡܫܺܝܚܳܐ ܒ݁ܰܒ݂ܣܰܪ ܕ݁ܺܐܝܬ݂ܰܘܗ݈ܝ ܐܰܠܳܗܳܐ ܕ݁ܥܰܠ ܟ݁ܽܠ ܕ݁ܠܶܗ ܬ݁ܶܫܒ݁ܚܳܢ ܘܒ݂ܽܘܪܟ݁ܳܢ ܠܥܳܠܰܡ ܥܳܠܡܺܝܢ ܐܰܡܺܝܢ ܀ Bijbel Romeinen 9:5 5 Uit hen verscheen de Mšíḥā in het vlees, die God over allen is, aan hem lof en zegen; voor altijd en eeuwig, amen.
Johannes 1:1 en Judas 4.
6 ܠܳܐ ܗ݈ܘܳܐ ܕ݁ܶܝܢ ܡܶܦ݁ܰܠ ܢܶܦ݂ܠܰܬ݂ ܡܶܠܬ݂ܶܗ ܕ݁ܰܐܠܳܗܳܐ ܠܳܐ ܗ݈ܘܳܐ ܓ݁ܶܝܪ ܟ݁ܽܠܗܽܘܢ ܕ݁ܡܶܢ ܐܺܝܣܪܳܝܶܠ ܐܺܝܬ݂ܰܝܗܽܘܢ ܐܺܝܣܪܳܝܶܠ ܀ Bijbel Romeinen 9:6 6 Het is niet alsof het woord van God heeft gefaald. Want niet allen die Isrāʾyel zijn, waren van Isrāʾyel.
7 ܐܳܦ݂ܠܳܐ ܡܶܛܽܠ ܕ݁ܡܶܢ ܙܰܪܥܶܗ ܐܶܢܽܘܢ ܕ݁ܰܐܒ݂ܪܳܗܳܡ ܟ݁ܽܠܗܽܘܢ ܒ݁ܢܰܝܳܐ ܡܶܛܽܠ ܕ݁ܶܐܬ݂ܶܐܡܰܪ ܕ݁ܒ݂ܺܐܝܣܚܳܩ ܢܶܬ݂ܩܪܶܐ ܠܳܟ݂ ܙܰܪܥܳܐ ܀ Bijbel Romeinen 9:7 7 Ze zijn ook niet zijn nageslacht omdat ze uit het zaad van ʾAbrāhām zijn, want er werd gezegd: "Naar ʾÍsḥāq zal uw zaad worden genoemd."
of 'nageslacht'
8 ܗܳܢܰܘ ܕ݁ܶܝܢ ܠܳܐ ܗ݈ܘܳܐ ܒ݁ܢܰܝܳܐ ܕ݁ܒ݂ܶܣܪܳܐ ܐܺܝܬ݂ܰܝܗܽܘܢ ܒ݁ܢܰܝܳܐ ܕ݁ܰܐܠܳܗܳܐ ܐܶܠܳܐ ܒ݁ܢܰܝܳܐ ܕ݁ܡܽܘܠܟ݁ܳܢܳܐ ܡܶܬ݂ܚܰܫܒ݁ܺܝܢ ܠܙܰܪܥܳܐ ܀ Bijbel Romeinen 9:8 8 Dus is het niet dat kinderen van het vlees de kinderen van God zijn, maar de kinderen van de belofte worden tot het zaad gerekend.
9 ܕ݁ܡܽܘܠܟ݁ܳܢܳܐ ܓ݁ܶܝܪ ܐܺܝܬ݂ܶܝܗ ܡܶܠܬ݂ܳܐ ܗܳܕ݂ܶܐ ܕ݁ܰܒ݂ܙܰܒ݂ܢܳܐ ܗܳܢܳܐ ܐܺܬ݂ܶܐ ܘܢܶܗܘܶܐ ܒ݁ܪܳܐ ܠܣܰܪܳܐ ܀ Bijbel Romeinen 9:9 9 Want dit is het woord van de belofte: "Rond deze tijd zal ik komen en zal Sara een zoon hebben."
10 ܘܠܰܘ ܗܳܕ݂ܶܐ ܒ݁ܰܠܚܽܘܕ݂ ܐܶܠܳܐ ܐܳܦ݂ ܪܰܦ݂ܩܳܐ ܟ݁ܰܕ݂ ܥܰܡ ܚܰܕ݂ ܐܰܒ݂ܽܘܢ ܐܺܝܣܚܳܩ ܐܺܝܬ݂ ܗ݈ܘܳܐ ܠܳܗ ܫܰܘܬ݁ܳܦ݂ܽܘܬ݂ܳܐ ܀ Bijbel Romeinen 9:10 10 En niet alleen dit; toen Rapqā gemeenschap met onze vader ʾÍsḥāq had,
Rapka, Rebekka
11 ܥܰܕ݂ܠܳܐ ܢܶܬ݂ܝܰܠܕ݁ܽܘܢ ܒ݁ܢܶܝܗ ܘܠܳܐ ܢܶܣܥܪܽܘܢ ܛܳܒ݂ܬ݂ܳܐ ܐܰܘ ܒ݁ܺܝܫܬ݁ܳܐ ܩܰܕ݁ܡܰܬ݂ ܐܶܬ݂ܝܰܕ݂ܥܰܬ݂ ܓ݁ܰܒ݂ܝܽܘܬ݂ܶܗ ܕ݁ܰܐܠܳܗܳܐ ܕ݁ܗܺܝ ܬ݁ܩܰܘܶܐ ܠܳܐ ܒ݁ܰܥܒ݂ܳܕ݂ܶܐ ܐܶܠܳܐ ܒ݁ܝܰܕ݂ ܡܰܢ ܕ݁ܰܩܪܳܐ ܀ Bijbel Romeinen 9:11 11 voordat haar kinderen waren verwekt en goed of kwaad konden doen, was de keuze van God van tevoren bekend gemaakt, dat deze niet in stand zou blijven door werken, maar door degene die [het] heeft uitgeroepen.
Genesis 25:30
12 ܐܶܬ݂ܶܐܡܰܪ ܓ݁ܶܝܪ ܕ݁ܩܰܫܺܝܫܳܐ ܢܶܗܘܶܐ ܥܰܒ݂ܕ݁ܳܐ ܠܰܙܥܽܘܪܳܐ ܀ Bijbel Romeinen 9:12 12 Want er werd gezegd: "De oudere zal de bediende van de jongere zijn."
13 ܐܰܝܟ݂ ܕ݁ܰܟ݂ܬ݂ܺܝܒ݂ ܕ݁ܰܠܝܰܥܩܽܘܒ݂ ܪܶܚܡܶܬ݂ ܘܰܠܥܺܣܽܘ ܣܢܺܝܬ݂ ܀ Bijbel Romeinen 9:13 13 Want er staat geschreven: "Ik heb Yaʿqúb liefgehad, maar Isú heb ik gehaat."
Maleachi 1:2,3
'opzij gezet'. De tweede betekenis van 'sone'.
14 ܡܳܢܳܐ ܗܳܟ݂ܺܝܠ ܢܺܐܡܰܪ ܕ݁ܰܠܡܳܐ ܥܰܘܠܳܐ ܐܺܝܬ݂ ܠܘܳܬ݂ ܐܰܠܳܗܳܐ ܚܳܣ ܀ Bijbel Romeinen 9:14 14 Wat zullen we dan zeggen? Dat God onrechtvaardig is? Dat nooit!
15 ܗܳܐ ܐܳܦ݂ ܠܡܽܘܫܶܐ ܐܶܡܰܪ ܐܶܪܰܚܶܡ ܥܰܠ ܐܰܝܢܳܐ ܕ݁ܰܡܪܰܚܶܡ ܐ݈ܢܳܐ ܘܶܐܚܽܘܢ ܠܰܐܝܢܳܐ ܕ݁ܚܳܐܶܢ ܐ݈ܢܳܐ ܀ Bijbel Romeinen 9:15 15 Zie, ook tegen Muše zei hij: "Ik zal genade betonen wie ik genade zal betonen en ik zal mededogen hebben met wie ik mededogen zal hebben."
16 ܠܳܐ ܗܳܟ݂ܺܝܠ ܒ݁ܺܐܝܕ݂ܰܝ ܡܰܢ ܕ݁ܨܳܒ݂ܶܐ ܘܠܳܐ ܒ݁ܺܐܝܕ݂ܰܝ ܡܰܢ ܕ݁ܪܳܗܶܛ ܐܶܠܳܐ ܒ݁ܺܐܝܕ݂ܰܝ ܐܰܠܳܗܳܐ ܡܪܰܚܡܳܢܳܐ ܀ Bijbel Romeinen 9:16 16 Het hangt daarom niet af van degene die het wenst, of binnen de grenzen van iemand die streeft, maar het ligt in de handen van de barmhartige God.
17 ܐܶܡܰܪ ܓ݁ܶܝܪ ܒ݁ܰܟ݂ܬ݂ܳܒ݂ܳܐ ܠܦ݂ܶܪܥܽܘܢ ܕ݁ܠܳܗ ܠܗܳܕ݂ܶܐ ܐܰܩܺܝܡܬ݁ܳܟ݂ ܕ݁ܶܐܚܰܘܶܐ ܒ݁ܳܟ݂ ܚܰܝܠܝ ܘܰܕ݂ܢܶܬ݂ܟ݁ܪܶܙ ܫܶܡܝ ܒ݁ܰܐܪܥܳܐ ܟ݁ܽܠܶܗ ܀ Bijbel Romeinen 9:17 17 Want volgens de Schriftplaats zei hij tegen Ferʿún: "Hiervoor heb ik u doen opstaan; dat ik door u mijn kracht kan tonen, zodat mijn naam verkondigd kan worden over de hele aarde."
18 ܡܳܕ݂ܶܝܢ ܥܰܠ ܡܰܢ ܕ݁ܨܳܒ݂ܶܐ ܗ݈ܘ ܡܪܰܚܶܡ ܘܥܰܠ ܡܰܢ ܕ݁ܨܳܒ݂ܶܐ ܡܩܰܫܶܐ ܀ Bijbel Romeinen 9:18 18 Hij betoont dus barmhartigheid aan wie hij wil, en hij verhardt zich tegen wie hij wil.
19 ܘܰܟ݂ܒ݂ܰܪ ܬ݁ܺܐܡܰܪ ܕ݁ܰܠܡܳܢܳܐ ܪܳܫܶܐ ܡܰܢܽܘ ܓ݁ܶܝܪ ܕ݁ܰܢܩܽܘܡ ܠܽܘܩܒ݂ܰܠ ܨܶܒ݂ܝܳܢܶܗ ܀ Bijbel Romeinen 9:19 19 Misschien zeg je: "Waarom verwijt hij [dan], want wie zal tegen zijn wil opstaan?"
20 ܐܰܢ݈ܬ݁ ܗܳܟ݂ܺܝܠ ܡܰܢ ܐܰܢ݈ܬ݁ ܐܳܘ ܒ݁ܰܪܢܳܫܳܐ ܕ݁ܦ݂ܶܬ݂ܓ݂ܳܡܳܐ ܠܰܐܠܳܗܳܐ ܝܳܗܶܒ݂ ܐܰܢ݈ܬ݁ ܕ݁ܰܠܡܳܐ ܐܳܡܪܳܐ ܓ݁ܒ݂ܺܝܠܬ݁ܳܐ ܠܡܰܢ ܕ݁ܓ݂ܰܒ݂ܠܳܗ ܕ݁ܰܠܡܳܢܳܐ ܗܳܟ݂ܰܢܳܐ ܓ݁ܒ݂ܰܠܬ݁ܳܢܝ ܀ Bijbel Romeinen 9:20 20 Wie ben jij dan, o mens, dat je God [zo] antwoordt? Zegt de klei soms tegen degene die vormt: 'Waarom hebt u mij zo gevormd?'
21 ܐܰܘ ܠܳܐ ܫܰܠܺܝܛ ܦ݁ܰܚܳܪܳܐ ܥܰܠ ܛܺܝܢܶܗ ܕ݁ܡܶܢܳܗ ܡܶܢ ܓ݁ܒ݂ܺܝܠܬ݁ܳܐ ܢܶܥܒ݁ܶܕ݂ ܡܳܐܢܶܐ ܚܰܕ݂ ܠܺܐܝܩܳܪܳܐ ܘܚܰܕ݂ ܠܨܰܥܪܳܐ ܀ Bijbel Romeinen 9:21 21 Of heeft een pottenbakker geen gezag om uit dezelfde klei [meer] vaten te maken? Eén tot eer, de ander tot schande.
22 ܐܶܢ ܕ݁ܶܝܢ ܨܒ݂ܳܐ ܐܰܠܳܗܳܐ ܕ݁ܰܢܚܰܘܶܐ ܪܽܘܓ݂ܙܶܗ ܘܢܰܘܕ݁ܰܥ ܚܰܝܠܶܗ ܐܰܝܬ݁ܺܝ ܒ݁ܣܽܘܓ݂ܳܐܐ ܕ݁ܡܰܓ݁ܪܰܬ݂ ܪܽܘܚܶܗ ܪܽܘܓ݂ܙܳܐ ܥܰܠ ܡܳܐܢܶܐ ܕ݁ܪܽܘܓ݂ܙܳܐ ܕ݁ܰܓ݂ܡܺܝܪܺܝܢ ܠܰܐܒ݂ܕ݂ܳܢܳܐ ܀ Bijbel Romeinen 9:22 22 Maar als God zijn gramschap en zijn kracht wilde openbaren, bracht hij na een overvloedige lange adem, gramschap tegen vaten van gramschap die voor de ondergang werden volbracht.
23 ܘܰܐܫܦ݁ܰܥ ܪܰܚܡܰܘܗ݈ܝ ܥܰܠ ܡܳܐܢܶܐ ܕ݁ܪܰܚܡܶܐ ܕ݁ܰܡܛܰܝܒ݂ܺܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܠܰܐܠܳܗܳܐ ܠܬ݂ܶܫܒ݁ܽܘܚܬ݁ܳܐ ܀ Bijbel Romeinen 9:23 23 En hij schonk zijn liefde uit in vaten van barmhartigheid die voorbereid waren tot glorie van God.
24 ܕ݁ܺܐܝܬ݂ܰܝܢ ܚ݈ܢܰܢ ܩܪܰܝܳܐ ܠܳܐ ܗ݈ܘܳܐ ܒ݁ܰܠܚܽܘܕ݂ ܡܶܢ ܝܺܗܽܘܕ݂ܳܝܶܐ ܐܶܠܳܐ ܐܳܦ݂ ܡܶܢ ܥܰܡ݈ܡܶܐ ܀ Bijbel Romeinen 9:24 24 Want we zijn geroepen. Het is niet alleen uit de Joden, maar ook uit de volken.
25 ܐܰܝܟ݁ܰܢܳܐ ܕ݁ܳܐܦ݂ ܒ݁ܗܽܘܫܳܥ ܐܶܡܰܪ ܕ݁ܶܐܩܪܶܐ ܠܰܐܝܠܶܝܢ ܕ݁ܠܳܐ ܗ݈ܘܰܘ ܥܰܡܝ ܥܰܡܳܐ ܕ݁ܺܝܠܝ ܘܰܠܠܳܐ ܐܶܬ݂ܪܰܚܡܰܬ݂ ܐܶܬ݂ܪܰܚܡܰܬ݂ ܀ Bijbel Romeinen 9:25 25 Want zoals er in Húšāʿ wordt gezegd: "Ik zal degenen die niet mijn volk waren mijn volk noemen en wie niet geliefd waren, mijn geliefden."
Hosea 2:23
26 ܢܶܗܘܶܐ ܓ݁ܶܝܪ ܒ݁ܕ݂ܽܘܟ݁ܬ݂ܳܐ ܟ݁ܰܪ ܕ݁ܡܶܬ݂ܩܪܶܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܠܳܐ ܥܰܡܝ ܬ݁ܰܡܳܢ ܢܶܬ݂ܩܪܽܘܢ ܒ݁ܢܰܝܳܐ ܠܰܐܠܳܗܳܐ ܚܰܝܳܐ ܀ Bijbel Romeinen 9:26 26 En het zal gebeuren dat in de plaats, waar ze niet mijn volk werden genoemd, ze 'kinderen van de levende God', genoemd zullen worden.
27 ܐܶܫܰܥܝܳܐ ܕ݁ܶܝܢ ܐܰܟ݂ܪܶܙ ܥܰܠ ܒ݁ܢܰܝ ܐܺܝܣܪܳܝܶܠ ܕ݁ܶܐܢ ܢܶܗܘܶܐ ܡܶܢܝܳܢܳܐ ܕ݁ܰܒ݂ܢܰܝ ܐܺܝܣܪܳܝܶܠ ܐܰܝܟ݂ ܚܳܠܳܐ ܕ݁ܰܒ݂ܝܰܡܳܐ ܫܰܪܟ݁ܳܢܳܐ ܕ݁ܡܶܢܗܽܘܢ ܢܺܚܶܐ ܀ Bijbel Romeinen 9:27 27 ʾEšʿayā verkondigde over de kinderen van Isrāʾyel dat wanneer het tal van de kinderen van Isrāʾyel als het zand van de zee zou zijn, een overblijfsel van hen zou worden gered.
28 ܡܶܠܬ݂ܳܐ ܓ݁ܪܰܡ ܘܰܦ݂ܣܰܩ ܘܢܶܥܒ݁ܕ݂ܺܝܗ ܡܳܪܝܳܐ ܥܰܠ ܐܰܪܥܳܐ ܀ Bijbel Romeinen 9:28 28 Het woord is besloten en afgesloten en de HEER zal het uitvoeren over de aarde.
Jesaja 10:23
29 ܘܰܐܝܟ݂ ܡܶܕ݁ܶܡ ܕ݁ܩܰܕ݁ܶܡ ܐܶܡܰܪ ܗܽܘ ܐܶܫܰܥܝܳܐ ܕ݁ܶܐܠܽܘ ܠܳܐ ܡܳܪܝܳܐ ܨܒ݂ܰܐܘܽܬ݂ ܐܰܘܬ݁ܰܪ ܠܰܢ ܣܪܺܝܕ݂ܳܐ ܐܰܝܟ݂ ܣܕ݂ܽܘܡ ܗܳܘܶܝܢ ܗ݈ܘܰܝܢ ܘܰܠܥܳܡܽܘܪܳܐ ܡܶܬ݁ܕ݁ܰܡܶܝܢ ܗ݈ܘܰܝܢ ܀ Bijbel Romeinen 9:29 29 En zoals ʾEšʿayā daarvoor had gezegd: "Als de HEER van de legers ons geen overlevenden had gelaten, waren we als Sadúm en ʿAmúrā geweest."
Jesaja 1:9
Ṣbaʾut. (Sebaoth) Jakobus 5:4. 1 Samuël 17:45 en Zacharia 2:10,11
30 ܡܳܢܳܐ ܗܳܟ݂ܺܝܠ ܢܺܐܡܰܪ ܕ݁ܥܰܡ݈ܡܶܐ ܕ݁ܠܳܐ ܪܳܗܛܺܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܒ݁ܳܬ݂ܰܪ ܟ݁ܺܐܢܽܘܬ݂ܳܐ ܐܰܕ݂ܪܶܟ݂ܘ ܟ݁ܺܐܢܽܘܬ݂ܳܐ ܟ݁ܺܐܢܽܘܬ݂ܳܐ ܕ݁ܶܝܢ ܐܰܝܕ݂ܳܐ ܕ݁ܡܶܢ ܗܰܝܡܳܢܽܘܬ݂ܳܐ ܗ݈ܝ ܀ Bijbel Romeinen 9:30 30 Wat zullen we dan zeggen? Dat de volken die de rechtvaardigheid niet hebben nagestreefd, de rechtvaardigheid hebben behaald; echter, de rechtvaardigheid die uit geloof is.
31 ܐܺܝܣܪܳܝܶܠ ܕ݁ܶܝܢ ܕ݁ܪܳܗܶܛ ܗ݈ܘܳܐ ܒ݁ܳܬ݂ܰܪ ܢܳܡܽܘܣܳܐ ܕ݁ܟ݂ܺܐܢܽܘܬ݂ܳܐ ܠܢܳܡܽܘܣܳܐ ܕ݁ܟ݂ܺܐܢܽܘܬ݂ܳܐ ܠܳܐ ܐܰܕ݂ܪܶܟ݂ ܀ Bijbel Romeinen 9:31 31 Hoewel Isrāʾyel de Wet van rechtvaardigheid heeft nagestreefd, heeft het de Wet van rechtvaardigheid niet behaald.
32 ܡܶܛܽܠ ܡܳܢܳܐ ܡܶܛܽܠ ܕ݁ܠܳܐ ܗ݈ܘܳܐ ܡܶܢ ܗܰܝܡܳܢܽܘܬ݂ܳܐ ܐܶܠܳܐ ܡܶܢ ܥܒ݂ܳܕ݂ܰܘܗ݈ܝ ܕ݁ܢܳܡܽܘܣܳܐ ܐܶܬ݁ܬ݁ܩܶܠܘ ܓ݁ܶܝܪ ܒ݁ܟ݂ܺܐܦ݂ܳܐ ܕ݁ܬ݂ܽܘܩܰܠܬ݂ܳܐ ܀ Bijbel Romeinen 9:32 32 Waarom dan? Omdat het niet uit geloof was (maar door de werken van de Wet) zijn ze over de Rots van struikeling gestruikeld.
33 ܐܰܝܟ݂ ܕ݁ܰܟ݂ܬ݂ܺܝܒ݂ ܕ݁ܗܳܐ ܣܳܐܶܡ ܐ݈ܢܳܐ ܒ݁ܨܶܗܝܽܘܢ ܟ݁ܺܐܦ݂ܳܐ ܕ݁ܬ݂ܽܘܩܰܠܬ݂ܳܐ ܘܟ݂ܺܐܦ݂ܳܐ ܕ݁ܡܰܟ݂ܫܽܘܠܳܐ ܘܡܰܢ ܕ݁ܒ݂ܳܗ ܢܗܰܝܡܶܢ ܠܳܐ ܢܶܒ݂ܗܰܬ݂ ܀ Bijbel Romeinen 9:33 33 Zoals er staat geschreven: "Zie, ik plaats een Rots van struikeling, een Rots van schande in Ṣehyún. Wie in hem geloven, zullen niet beschaamd staan."
Jesaja 28:16; 8:14

Bijgewerkt: zaterdag 1 juli 2017
© geldig vanaf 21 oktober 2013
Copyright indicatie 'Creative Commons' CC-BY-NC-ND. U mag de Peshitta.nl tekst ongewijzigd, niet commerciëel, in willekeurige mediavorm distribueren met vermelding van de oorspronkelijke naam Peshitta.nl
U mag de Peshitta.nl tekst alleen distribueren als u deze licentie ongewijzgd laat.

Syriac Fonts provided by George Kiraz. Peshitta source, UBS 1905 text.

Download e-Sword module (door Ad Oprel) voor Peshitta_nl
Volg peshitta.nl via Twitter.