MatteüsMarkusLucasJohannesHandelingenRomeinen1 Korintiërs2 KorintiërsGalatenEfeziërsFilippenzenKolossenzen1 Tessalonicenzen2 Tessalonicenzen1 Timoteüs2 TimoteüsTitusFilemonHebreeënJakobus1 Petrus2 Petrus1 Johannes2 Johannes3 JohannesJudasOpenbaring

Hoofdstuk 2

1 ܟ݁ܰܕ݂ ܕ݁ܶܝܢ ܐܶܬ݂ܺܝܠܶܕ݂ ܝܶܫܽܘܥ ܒ݁ܒ݂ܶܝܬ݂‌ܠܚܶܡ ܕ݁ܺܝܗܽܘܕ݂ܳܐ ܒ݁ܝܰܘܡܰܝ ܗܶܪܳܘܕ݂ܶܣ ܡܰܠܟ݁ܳܐ ܐܶܬ݂ܰܘ ܡܓ݂ܽܘܫܶܐ ܡܶܢ ܡܰܕ݂ܢܚܳܐ ܠܽܐܘܪܺܫܠܶܡ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܬܝ 2:1 1 Nadat Yešúʿ was geboren in Bét-Leḥem van Yihúd, in de dagen van koning Herodes, zie, magúši kwamen uit het Oosten naar ʾÚrišlem,
2 ܘܳܐܡܪܺܝܢ ܐܰܝܟ݁ܰܘ ܡܰܠܟ݁ܳܐ ܕ݁ܺܝܗܽܘܕ݂ܳܝܶܐ ܕ݁ܶܐܬ݂ܺܝܠܶܕ݂ ܚܙܰܝܢ ܓ݁ܶܝܪ ܟ݁ܰܘܟ݁ܒ݂ܶܗ ܒ݁ܡܰܕ݂ܢܚܳܐ ܘܶܐܬ݂ܰܝܢ ܠܡܶܣܓ݁ܰܕ݂ ܠܶܗ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܬܝ 2:2 2 en ze zeiden: "Waar is de koning van de Joden, die is geboren? Want in het Oosten zagen we zijn ster en we zijn gekomen om hem te eren."
3 ܫܡܰܥ ܕ݁ܶܝܢ ܗܶܪܳܘܕ݂ܶܣ ܡܰܠܟ݁ܳܐ ܘܶܐܬ݁ܬ݁ܙܺܝܥ ܘܟ݂ܽܠܳܗ ܐܽܘܪܺܫܠܶܡ ܥܰܡܶܗ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܬܝ 2:3 3 Maar koning Herodes hoorde dit en hij, en heel ʾÚrišlem met hem, raakte in opschudding.
4 ܘܟ݂ܰܢܶܫ ܟ݁ܽܠܗܽܘܢ ܪܰܒ݁ܰܝ ܟ݁ܳܗܢܶܐ ܘܣܳܦ݂ܪܶܐ ܕ݁ܥܰܡܳܐ ܘܰܡܫܰܐܶܠ ܗ݈ܘܳܐ ܠܗܽܘܢ ܕ݁ܰܐܝܟ݁ܳܐ ܡܶܬ݂ܺܝܠܶܕ݂ ܡܫܺܝܚܳܐ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܬܝ 2:4 4 Daarop vergaderde hij met alle overpriesters en schriftgeleerden van het volk en vroeg hun waar de Mšíḥā geboren zou worden.
5 ܗܶܢܽܘܢ ܕ݁ܶܝܢ ܐܶܡܰܪܘ ܒ݁ܒ݂ܶܝܬ݂‌ܠܚܶܡ ܕ݁ܺܝܗܽܘܕ݂ܳܐ ܗܳܟ݂ܰܢܳܐ ܓ݁ܶܝܪ ܟ݁ܬ݂ܺܝܒ݂ ܒ݁ܰܢܒ݂ܺܝܳܐ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܬܝ 2:5 5 Ze zeiden tegen hem: "In Bét-Leḥem van Yihúd want zo is geschreven in de profeet:
6 ܐܳܦ݂ ܐܰܢ݈ܬ݁ܝ ܒ݁ܶܝܬ݂‌ܠܚܶܡ ܕ݁ܺܝܗܽܘܕ݂ܳܐ ܠܳܐ ܗܘܰܝܬ݁ܝ ܒ݁ܨܺܝܪܳܐ ܒ݁ܡܰܠܟ݁ܶܐ ܕ݁ܺܝܗܽܘܕ݂ܳܐ ܡܶܢܶܟ݂ܝ ܓ݁ܶܝܪ ܢܶܦ݁ܽܘܩ ܡܰܠܟ݁ܳܐ ܕ݁ܗܽܘ ܢܶܪܥܶܝܘܗ݈ܝ ܠܥܰܡܝ ܐܺܝܣܪܳܐܝܶܠ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܬܝ 2:6 6 'Ook jij, Bét-Leḥem van Yihúd, zal niet de minste onder de koningen van Yihúd zijn, want vanuit jou zal de koning voortkomen die mijn volk Isrāʾyel zal hoeden'.
Micha 5:2 (1). Niet in de LXX, POT of MT.
7 ܗܳܝܕ݁ܶܝܢ ܗܶܪܳܘܕ݂ܶܣ ܡܰܛܫܝܳܐܝܺܬ݂ ܩܪܳܐ ܠܰܡܓ݂ܽܘܫܶܐ ܘܺܝܠܶܦ݂ ܡܶܢܗܽܘܢ ܒ݁ܰܐܝܢܳܐ ܙܰܒ݂ܢܳܐ ܐܶܬ݂ܚܙܺܝ ܠܗܽܘܢ ܟ݁ܰܘܟ݁ܒ݂ܳܐ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܬܝ 2:7 7 Toen riep Herodes de magúši heimelijk bijeen en leerde van hen wanneer de ster door hen was gezien,
8 ܘܫܰܕ݁ܰܪ ܐܶܢܽܘܢ ܠܒ݂ܶܝܬ݂‌ܠܚܶܡ ܘܶܐܡܰܪ ܠܗܽܘܢ ܙܶܠܘ ܥܰܩܶܒ݂ܘ ܥܰܠ ܛܰܠܝܳܐ ܚܦ݂ܺܝܛܳܐܝܺܬ݂ ܘܡܳܐ ܕ݁ܶܐܫܟ݁ܰܚܬ݁ܽܘܢܳܝܗ݈ܝ ܬ݁ܰܘ ܚܰܘܰܐܘܽܢܝ ܕ݁ܳܐܦ݂ ܐܶܢܳܐ ܐܺܙܰܠ ܐܶܣܓ݁ܽܘܕ݂ ܠܶܗ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܬܝ 2:8 8 en zond hen naar Bét-Leḥem en zei tegen hen: "Ga en doe een ijverig onderzoek naar de jongen. En wanneer u hem hebt gevonden kom en toon het mij zodat ook ik zal gaan en hem eren!"
9 ܗܶܢܽܘܢ ܕ݁ܶܝܢ ܟ݁ܰܕ݂ ܫܡܰܥܘ ܡܶܢ ܡܰܠܟ݁ܳܐ ܐܶܙܰܠܘ ܘܗܳܐ ܟ݁ܰܘܟ݁ܒ݂ܳܐ ܗܰܘ ܕ݁ܰܚܙܰܘ ܒ݁ܡܰܕ݂ܢܚܳܐ ܐܳܙܶܠ ܗ݈ܘܳܐ ܩܕ݂ܳܡܰܝܗܽܘܢ ܥܕ݂ܰܡܳܐ ܕ݁ܶܐܬ݂ܳܐ ܩܳܡ ܠܥܶܠ ܡܶܢ ܐܰܝܟ݁ܳܐ ܕ݁ܺܐܝܬ݂ܰܘܗ݈ܝ ܛܰܠܝܳܐ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܬܝ 2:9 9 Nadat ze echter de koning hadden aangehoord, vertrokken ze, en zie, de ster die ze in het Oosten hadden gezien, ging hen voor tot ze stilstond boven de plaats waar de jongen was!
Niet 'aan het Oosten' maar 'In het Oosten'.
10 ܟ݁ܰܕ݂ ܕ݁ܶܝܢ ܚܙܰܐܘܽܗ݈ܝ ܠܟ݂ܰܘܟ݁ܒ݂ܳܐ ܚܕ݂ܺܝܘ ܚܰܕ݂ܽܘܬ݂ܳܐ ܪܰܒ݁ܬ݂ܳܐ ܕ݁ܛܳܒ݂ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܬܝ 2:10 10 Toen ze de ster zagen, verheugden ze zich met zeer veel verheuging.
11 ܘܥܰܠܘ ܠܒ݂ܰܝܬ݁ܳܐ ܘܰܚܙܰܐܘܽܗ݈ܝ ܠܛܰܠܝܳܐ ܥܰܡ ܡܰܪܝܰܡ ܐܶܡܶܗ ܘܰܢܦ݂ܰܠܘ ܣܓ݂ܶܕ݂ܘ ܠܶܗ ܘܰܦ݂ܬ݂ܰܚܘ ܣܺܝܡܳܬ݂ܗܽܘܢ ܘܩܰܪܶܒ݂ܘ ܠܶܗ ܩܽܘܪܒ݁ܳܢܶܐ ܕ݁ܰܗܒ݂ܳܐ ܘܡܽܘܪܳܐ ܘܰܠܒ݂ܽܘܢܬ݁ܳܐ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܬܝ 2:11 11 Ze gingen het huis binnen en zagen de jongen met zijn moeder Maryam. Ze vielen op de knieën en aanbaden hem en openden hun schatten en boden hem schenkingen aan: goud, mirre en wierook.
Psalmen 97:7 in LXX gebruikt voor Hebreeuwse term, sjachah, wat "zich neerbuigen" betekent.
12 ܘܶܐܬ݂ܚܙܺܝ ܠܗܽܘܢ ܒ݁ܚܶܠܡܳܐ ܕ݁ܠܳܐ ܢܶܗܦ݁ܟ݂ܽܘܢ ܠܘܳܬ݂ ܗܶܪܳܘܕ݂ܶܣ ܘܒ݂ܽܐܘܪܚܳܐ ܐ݈ܚܪܺܬ݂ܳܐ ܐܶܙܰܠܘ ܠܰܐܬ݂ܪܗܽܘܢ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܬܝ 2:12 12 Maar er werd hun in een droom getoond dat ze niet terug moesten keren naar Herodes, dus gingen ze langs een andere weg naar hun land.
13 ܟ݁ܰܕ݂ ܕ݁ܶܝܢ ܐܶܙܰܠܘ ܐܶܬ݂ܚܙܺܝ ܡܰܠܰܐܟ݂ܳܐ ܕ݁ܡܳܪܝܳܐ ܒ݁ܚܶܠܡܳܐ ܠܝܰܘܣܶܦ݂ ܘܶܐܡܰܪ ܠܶܗ ܩܽܘܡ ܕ݁ܒ݂ܰܪ ܠܛܰܠܝܳܐ ܘܠܶܐܡܶܗ ܘܰܥܪܽܘܩ ܠܡܶܨܪܶܝܢ ܘܬ݂ܰܡܳܢ ܗܘܺܝ ܥܕ݂ܰܡܳܐ ܕ݁ܳܐܡܰܪ ܐ݈ܢܳܐ ܠܳܟ݂ ܥܬ݂ܺܝܕ݂ ܗ݈ܽܘ ܓ݁ܶܝܪ ܗܶܪܳܘܕ݂ܶܣ ܠܡܶܒ݂ܥܝܶܗ ܠܛܰܠܝܳܐ ܐܰܝܟ݂ ܕ݁ܢܰܘܒ݁ܕ݂ܺܝܘܗ݈ܝ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܬܝ 2:13 13 Toen ze waren vertrokken, zie, de engel van de HEER verscheen in een droom aan Yawsef en zei: "Sta op, neem de jongen en zijn moeder en vlucht naar Meṣrén en blijf daar tot ik met u spreek, want Herodes staat klaar om de jongen te zoeken en hem te doden."
Egypte
14 ܝܰܘܣܶܦ݂ ܕ݁ܶܝܢ ܩܳܡ ܫܰܩܠܶܗ ܠܛܰܠܝܳܐ ܘܠܶܐܡܶܗ ܒ݁ܠܶܠܝܳܐ ܘܰܥܪܰܩ ܠܡܶܨܪܶܝܢ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܬܝ 2:14 14 Zo stond hij in de nacht op, nam de jongen en zijn moeder en trok zich terug naar Meṣrén,
15 ܘܰܗܘܳܐ ܬ݁ܰܡܳܢ ܥܕ݂ܰܡܳܐ ܠܡܰܘܬ݁ܶܗ ܕ݁ܗܶܪܳܘܕ݂ܶܣ ܕ݁ܢܶܬ݂ܡܰܠܶܐ ܡܶܕ݁ܶܡ ܕ݁ܶܐܬ݂ܶܐܡܰܪ ܡܶܢ ܡܳܪܝܳܐ ܒ݁ܰܢܒ݂ܺܝܳܐ ܕ݁ܳܐܡܰܪ ܕ݁ܡܶܢ ܡܶܨܪܶܝܢ ܩܪܺܝܬ݂ ܠܒ݂ܶܪܝ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܬܝ 2:15 15 en hij was daar tot de dood van Herodes, zodat vervuld zou worden wat de HEER had gesproken door de profeet die zei: "Uit Meṣrén heb ik mijn zoon geroepen."
Hosea 11:1.
16 ܗܳܝܕ݁ܶܝܢ ܗܶܪܳܘܕ݂ܶܣ ܟ݁ܰܕ݂ ܚܙܳܐ ܕ݁ܶܐܬ݂ܒ݁ܰܙܰܚ ܡܶܢ ܡܓ݂ܽܘܫܶܐ ܐܶܬ݂ܚܰܡܰܬ݂ ܛܳܒ݂ ܘܫܰܕ݁ܰܪ ܩܰܛܶܠ ܛܠܳܝܶܐ ܟ݁ܽܠܗܽܘܢ ܕ݁ܒ݂ܶܝܬ݂‌ܠܚܶܡ ܘܰܕ݂ܟ݂ܽܠܗܽܘܢ ܬ݁ܚܽܘܡܶܝܗ ܡܶܢ ܒ݁ܰܪ ܬ݁ܰܪܬ݁ܶܝܢ ܫܢܺܝܢ ܘܰܠܬ݂ܰܚܬ݁ ܐܰܝܟ݂ ܙܰܒ݂ܢܳܐ ܕ݁ܥܰܩܶܒ݂ ܡܶܢ ܡܓ݂ܽܘܫܶܐ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܬܝ 2:16 16 Toen Herodes zag dat de magúši de spot met hem hadden gedreven werd hij zeer woedend en zond [een bericht] en liet alle zonen van twee jaar en jonger in Bét-Leḥem en haar grenzen te doden, zoals hij had gehoord volgens de tijdsperiode van de magúši.
17 ܗܳܝܕ݁ܶܝܢ ܐܶܬ݂ܡܰܠܺܝ ܡܶܕ݁ܶܡ ܕ݁ܶܐܬ݂ܶܐܡܰܪ ܒ݁ܝܰܕ݂ ܐܶܪܰܡܝܳܐ ܢܒ݂ܺܝܳܐ ܕ݁ܶܐܡܰܪ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܬܝ 2:17 17 Toen werd vervuld wat door de profeet ʾEramyā was gesproken die zei:
18 ܩܳܠܳܐ ܐܶܫܬ݁ܡܰܥ ܒ݁ܪܳܡܬ݂ܳܐ ܒ݁ܶܟ݂ܝܳܐ ܘܶܐܠܝܳܐ ܣܰܓ݁ܺܝܳܐܐ ܪܳܚܶܝܠ ܒ݁ܳܟ݂ܝܳܐ ܥܰܠ ܒ݁ܢܶܝܗ ܘܠܳܐ ܨܳܒ݂ܝܳܐ ܠܡܶܬ݂ܒ݁ܰܝܳܐܘܽ ܡܶܛܽܠ ܕ݁ܠܳܐ ܐܺܝܬ݂ܰܝܗܽܘܢ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܬܝ 2:18 18 "In Rāmtā wordt een stem gehoord,
huilen en hevig rouwen,
Rāḥél die om haar kinderen huilt.
Ze wil niet getroost worden,
want ze zijn [er] niet."
Jeremia 31:14, 15.
19 ܟ݁ܰܕ݂ ܡܺܝܬ݂ ܕ݁ܶܝܢ ܗܶܪܳܘܕ݂ܶܣ ܡܰܠܟ݁ܳܐ ܐܶܬ݂ܚܙܺܝ ܡܰܠܰܐܟ݂ܳܐ ܕ݁ܡܳܪܝܳܐ ܒ݁ܚܶܠܡܳܐ ܠܝܰܘܣܶܦ݂ ܒ݁ܡܶܨܪܶܝܢ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܬܝ 2:19 19 Nadat Herodes was gestorven, verscheen de engel van de HEER in een droom aan Yawsef in Meṣrén,
20 ܘܶܐܡܰܪ ܠܶܗ ܩܽܘܡ ܕ݁ܒ݂ܰܪ ܠܛܰܠܝܳܐ ܘܠܶܐܡܶܗ ܘܙܶܠ ܠܰܐܪܥܳܐ ܕ݁ܺܐܝܣܪܳܐܝܶܠ ܡܺܝܬ݂ܘ ܠܗܽܘܢ ܓ݁ܶܝܪ ܗܳܢܽܘܢ ܕ݁ܒ݂ܳܥܶܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܢܰܦ݂ܫܶܗ ܕ݁ܛܰܠܝܳܐ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܬܝ 2:20 20 en hij zei tegen hem: "Sta op, neem de jongen en zijn moeder en ga op weg naar het land van Isrāʾyel, want degenen die het leven van de jongen zochten zijn gestorven."
of 'de ziel'.
21 ܘܝܰܘܣܶܦ݂ ܩܳܡ ܕ݁ܒ݂ܰܪ ܠܛܰܠܝܳܐ ܘܠܶܐܡܶܗ ܘܶܐܬ݂ܳܐ ܠܰܐܪܥܳܐ ܕ݁ܺܐܝܣܪܳܐܝܶܠ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܬܝ 2:21 21 Dus stond Yawsef op, nam de jongen en zijn moeder en ging naar het land van Isrāʾyel.
22 ܟ݁ܰܕ݂ ܕ݁ܶܝܢ ܫܡܰܥ ܕ݁ܰܐܪܟ݂ܶܠܰܐܳܘܣ ܗܘܳܐ ܡܰܠܟ݁ܳܐ ܒ݁ܺܝܗܽܘܕ݂ ܚܠܳܦ݂ ܗܶܪܳܘܕ݂ܶܣ ܐܰܒ݂ܽܘܗ݈ܝ ܕ݁ܚܶܠ ܕ݁ܢܺܐܙܰܠ ܠܬ݂ܰܡܳܢ ܘܶܐܬ݂ܚܙܺܝ ܠܶܗ ܒ݁ܚܶܠܡܳܐ ܕ݁ܢܺܐܙܰܠ ܠܰܐܬ݂ܪܳܐ ܕ݁ܰܓ݂ܠܺܝܠܳܐ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܬܝ 2:22 22 Toen hij echter hoorde dat Arkelaos koning van Yihúd was, in plaats van diens vader Herodes, vreesde hij ernaartoe te gaan. Het werd hem in een droom getoond naar het gebied van Glílā te gaan.
23 ܘܶܐܬ݂ܳܐ ܥܡܰܪ ܒ݁ܰܡܕ݂ܺܝܢ݈ܬ݁ܳܐ ܕ݁ܡܶܬ݂ܩܰܪܝܳܐ ܢܳܨܪܰܬ݂ ܐܰܝܟ݂ ܕ݁ܢܶܬ݂ܡܰܠܶܐ ܡܶܕ݁ܶܡ ܕ݁ܶܐܬ݂ܶܐܡܰܪ ܒ݁ܰܢܒ݂ܺܝܳܐ ܕ݁ܢܳܨܪܳܝܳܐ ܢܶܬ݂ܩܪܶܐ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܬܝ 2:23 23 Toen hij daar kwam, vestigde hij zich in een stad genaamd Nāṣrat, zodat vervuld zou worden wat door de profeet werd gesproken: "Hij zal een Nāṣreen worden genoemd."
woordspeling met Netzer Zacharia 6:12 Jesaja 11:1,2 Jeremia 31:6 Handelingen 24:5.

Bijgewerkt: donderdag 26 april 2012
© geldig vanaf 21 oktober 2013
Copyright indicatie 'Creative Commons' CC-BY-NC-ND. U mag de Peshitta.nl tekst ongewijzigd, niet commerciëel, in willekeurige mediavorm distribueren met vermelding van de oorspronkelijke naam Peshitta.nl
U mag de Peshitta.nl tekst alleen distribueren als u deze licentie ongewijzgd laat.

Syriac Fonts provided by George Kiraz. Peshitta source, UBS 1905 text.

Volg peshitta.nl via Twitter.