MatteüsMarcusLucasJohannesHandelingenRomeinen1 Korintiërs2 KorintiërsGalatenEfeziërsFilippenzenKolossenzen1 Tessalonicenzen2 Tessalonicenzen 1 2 3 1 Timoteüs2 TimoteüsTitusFilemonHebreeënJakobus1 Petrus2 Petrus1 Johannes2 Johannes3 JohannesJudasOpenbaring

Hoofdstuk 3

1 ܡܶܢ ܗܳܫܳܐ ܐܰܚܰܝܢ ܨܰܠܰܘ ܥܠܰܝܢ ܕ݁ܡܶܠܬ݂ܶܗ ܕ݁ܡܳܪܰܢ ܬ݁ܶܗܘܶܐ ܪܳܗܛܳܐ ܘܡܶܫܬ݁ܰܒ݁ܚܳܐ ܒ݁ܟ݂ܽܠ ܕ݁ܽܘܟ݁ܳܐ ܐܰܝܟ݂ ܕ݁ܰܠܘܳܬ݂ܟ݂ܽܘܢ ܀ Bijbel 2 Tessalonicenzen 3:1 1 Broeders, bid voortaan voor ons, dat het woord van onze Heer zal rennen en in elke plaats geprezen zal worden zoals bij jullie.
of 'zich snel zal verspreiden'
2 ܘܰܕ݂ܢܶܬ݂ܦ݁ܰܨܶܐ ܡܶܢ ܒ݁ܢܰܝܢܳܫܳܐ ܒ݁ܺܝܫܶܐ ܘܥܰܢܳܬ݂ܶܐ ܠܰܘ ܓ݁ܶܝܪ ܕ݁ܟ݂ܽܠܢܳܫ ܗ݈ܺܝ ܗܰܝܡܳܢܽܘܬ݂ܳܐ ܀ Bijbel 2 Tessalonicenzen 3:2 2 En dat we bevrijd worden van slechte en perverse mensen, want niet iedereen heeft geloof.
3 ܡܗܰܝܡܰܢ ܗ݈ܽܘ ܕ݁ܶܝܢ ܡܳܪܝܳܐ ܕ݁ܗܽܘ ܢܢܰܛܰܪܟ݂ܽܘܢ ܘܰܢܫܰܘܙܶܒ݂ܟ݂ܽܘܢ ܡܶܢ ܒ݁ܺܝܫܳܐ ܀ Bijbel 2 Tessalonicenzen 3:3 3 Maar de HEER is getrouw en zal jullie behouden en jullie redden van het kwaad.
4 ܬ݁ܟ݂ܺܝܠܺܝܢܰܢ ܕ݁ܶܝܢ ܥܠܰܝܟ݁ܽܘܢ ܒ݁ܡܳܪܰܢ ܕ݁ܡܶܕ݁ܶܡ ܕ݁ܰܡܦ݂ܰܩܕ݂ܺܝܢܰܢ ܠܟ݂ܽܘܢ ܥܒ݂ܰܕ݁ܬ݁ܽܘܢ ܐܳܦ݂ ܥܳܒ݂ܕ݁ܺܝܬ݁ܽܘܢ ܀ Bijbel 2 Tessalonicenzen 3:4 4 Maar we vertrouwen jullie wat onze Heer betreft, dat wat wij jullie hebben geboden, jullie hebben gedaan en ook doen.
5 ܘܡܳܪܰܢ ܢܶܬ݂ܪܽܘܨ ܠܶܒ݁ܰܘܳܬ݂ܟ݂ܽܘܢ ܠܚܽܘܒ݁ܶܗ ܕ݁ܰܐܠܳܗܳܐ ܘܠܰܡܣܰܒ݁ܪܳܢܽܘܬ݂ܶܗ ܕ݁ܰܡܫܺܝܚܳܐ ܀ Bijbel 2 Tessalonicenzen 3:5 5 Dan zal onze Heer jullie hart richten tot de liefde van God en de verkondiging van de Mšíḥā.
6 ܡܦ݂ܰܩܕ݂ܺܝܢܰܢ ܠܟ݂ܽܘܢ ܕ݁ܶܝܢ ܐܰܚܰܝ ܒ݁ܰܫܡܶܗ ܕ݁ܡܳܪܰܢ ܝܶܫܽܘܥ ܡܫܺܝܚܳܐ ܕ݁ܰܗܘܰܝܬ݁ܽܘܢ ܦ݁ܰܪܺܝܩܺܝܢ ܡܶܢ ܟ݁ܽܠ ܐܰܚܳܐ ܐܰܝܢܳܐ ܕ݁ܒ݂ܺܝܫ ܒ݁ܺܝܫ ܡܗܰܠܶܟ݂ ܘܠܳܐ ܐܰܝܟ݂ ܦ݁ܽܘܩܕ݁ܳܢܶܐ ܕ݁ܩܰܒ݁ܶܠܘ ܡܶܢܰܢ ܀ Bijbel 2 Tessalonicenzen 3:6 6 We dragen jullie op, mijn broeders, in naam van onze Heer Yešúʿ Mšíḥā, dat jullie weggaan van elke broeder die te kwaad loopt en niet volgens de geboden die hij van ons heeft ontvangen.
7 ܐܰܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܓ݁ܶܝܪ ܝܳܕ݂ܥܺܝܢ ܐܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܐܰܝܟ݁ܰܢܳܐ ܘܳܠܶܐ ܠܡܶܬ݁ܕ݁ܰܡܳܝܽܘ ܒ݁ܰܢ ܕ݁ܠܳܐ ܗܰܠܶܟ݂ܢ ܒ݁ܺܝܫ ܒ݁ܺܝܫ ܒ݁ܰܝܢܳܬ݂ܟ݂ܽܘܢ ܀ Bijbel 2 Tessalonicenzen 3:7 7 Want jullie weten hoe juist het is om ons na te doen, want we hebben niet bewust in het kwaad onder jullie gelopen.
8 ܐܳܦ݂ܠܳܐ ܠܰܚܡܳܐ ܕ݁ܡܰܓ݁ܳܢ ܐܶܟ݂ܰܠܢ ܡܶܢ ܐ݈ܢܳܫ ܡܶܢܟ݂ܽܘܢ ܐܶܠܳܐ ܒ݁ܥܰܡܠܳܐ ܘܰܒ݂ܠܶܐܘܽܬ݂ܳܐ ܒ݁ܠܺܠܝܳܐ ܘܒ݂ܺܐܝܡܳܡܳܐ ܦ݁ܳܠܚܺܝܢ ܗ݈ܘܰܝܢ ܕ݁ܥܰܠ ܐ݈ܢܳܫ ܡܶܢܟ݂ܽܘܢ ܠܳܐ ܢܺܐܩܰܪ ܀ Bijbel 2 Tessalonicenzen 3:8 8 We hebben ook niet gratis van iemand van jullie gegeten, maar door arbeid en moeite, hebben we dag en nacht gezorgd dat we niemand van jullie hebben bezwaard.
9 ܠܳܐ ܗ݈ܘܳܐ ܡܶܛܽܠ ܕ݁ܠܳܐ ܫܰܠܺܝܛ ܠܰܢ ܐܶܠܳܐ ܕ݁ܰܒ݂ܢܰܦ݂ܫܰܢ ܢܶܬ݁ܶܠ ܠܟ݂ܽܘܢ ܛܽܘܦ݂ܣܳܐ ܕ݁ܒ݂ܰܢ ܬ݁ܶܬ݁ܕ݁ܰܡܽܘܢ ܀ Bijbel 2 Tessalonicenzen 3:9 9 Niet omdat we geen gezag hadden, maar we hebben aan jullie in onszelf een voorbeeld gegeven om te volgen.
10 ܐܳܦ݂ ܟ݁ܰܕ݂ ܠܘܳܬ݂ܟ݂ܽܘܢ ܗ݈ܘܰܝܢ ܓ݁ܶܝܪ ܗܳܕ݂ܶܐ ܡܦ݂ܰܩܕ݂ܺܝܢ ܗ݈ܘܰܝܢ ܠܟ݂ܽܘܢ ܕ݁ܟ݂ܽܠ ܕ݁ܠܳܐ ܨܳܒ݂ܶܐ ܕ݁ܢܶܦ݂ܠܽܘܚ ܐܳܦ݂ܠܳܐ ܢܶܠܥܰܣ ܀ Bijbel 2 Tessalonicenzen 3:10 10 Ook, toen we bij jullie waren hebben we hierom geboden dat wie niet wil werken, ook niet zal eten.
11 ܫܳܡܥܺܝܢܰܢ ܓ݁ܶܝܪ ܕ݁ܺܐܝܬ݂ ܒ݁ܟ݂ܽܘܢ ܐ݈ܢܳܫܳܐ ܕ݁ܒ݂ܺܝܫ ܒ݁ܺܝܫ ܡܗܰܠܟ݂ܺܝܢ ܘܡܶܕ݁ܶܡ ܠܳܐ ܦ݁ܳܠܚܺܝܢ ܐܶܠܳܐ ܐܶܢ ܣܪܺܝܩܳܬ݂ܳܐ ܀ Bijbel 2 Tessalonicenzen 3:11 11 Want we hebben gehoord dat er onder jullie sommigen zijn die te kwaad lopen en nergens aan werken behalve aan zinloze [dingen].
12 ܠܗܽܘܢ ܕ݁ܶܝܢ ܠܗܳܠܶܝܢ ܡܦ݂ܰܩܕ݂ܺܝܢܰܢ ܘܒ݂ܳܥܶܝܢܰܢ ܡܶܢܗܽܘܢ ܒ݁ܡܳܪܰܢ ܝܶܫܽܘܥ ܡܫܺܝܚܳܐ ܕ݁ܰܒ݂ܫܶܠܝܳܐ ܢܶܗܘܽܘܢ ܦ݁ܳܠܚܺܝܢ ܘܳܐܟ݂ܠܺܝܢ ܠܰܚܡܗܽܘܢ ܀ Bijbel 2 Tessalonicenzen 3:12 12 We gebieden hun echter en vragen hun in onze Heer Yešúʿ Mšíḥā, dat zij in rust moeten werken en hun eigen brood eten.
13 ܐܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܕ݁ܶܝܢ ܐܰܚܰܝ ܠܳܐ ܬ݁ܶܡܰܐܢ ܠܟ݂ܽܘܢ ܠܡܶܥܒ݁ܰܕ݂ ܕ݁ܫܰܦ݁ܺܝܪ ܀ Bijbel 2 Tessalonicenzen 3:13 13 Maar jullie mijn broeders, houd niet terug van het doen wat goed is.
14 ܘܶܐܢ ܐ݈ܢܳܫ ܠܳܐ ܡܶܫܬ݁ܡܰܥ ܠܡܶܠܰܝܢ ܗܳܠܶܝܢ ܕ݁ܒ݂ܶܐܓ݁ܰܪܬ݁ܳܐ ܢܶܬ݂ܦ݁ܪܶܫ ܠܟ݂ܽܘܢ ܗܳܢܳܐ ܘܠܳܐ ܗܘܰܝܬ݁ܽܘܢ ܡܶܬ݂ܚܰܠܛܺܝܢ ܥܰܡܶܗ ܕ݁ܢܶܒ݂ܗܰܬ݂ ܀ Bijbel 2 Tessalonicenzen 3:14 14 Als iemand deze woorden die in deze brief staan niet gehoorzaamt, scheid hem dan van jullie af, en heb geen omgang met hem zodat hij zich zal schamen.
15 ܘܠܳܐ ܐܰܝܟ݂ ܒ݁ܥܶܠܕ݁ܒ݂ܳܒ݂ܳܐ ܬ݁ܶܐܚܕ݁ܽܘܢܶܗ ܐܶܠܳܐ ܗܘܰܝܬ݁ܽܘܢ ܡܰܪܬ݁ܶܝܢ ܠܶܗ ܐܰܝܟ݂ ܕ݁ܠܰܐܚܳܐ ܀ Bijbel 2 Tessalonicenzen 3:15 15 Houd hem niet voor vijand, maar onderricht hem als een broeder.
16 ܗܽܘ ܕ݁ܶܝܢ ܡܳܪܶܗ ܕ݁ܰܫܠܳܡܳܐ ܢܶܬ݁ܶܠ ܠܟ݂ܽܘܢ ܫܠܳܡܳܐ ܒ݁ܟ݂ܽܠܙܒ݂ܰܢ ܒ݁ܟ݂ܽܠܡܶܕ݁ܶܡ ܡܳܪܰܢ ܥܰܡ ܟ݁ܽܠܟ݂ܽܘܢ ܀ Bijbel 2 Tessalonicenzen 3:16 16 Maar de Heer van vrede zal jullie vrede geven. Laat altijd in alles onze Heer met jullie zijn.
of 'sjalom'.
17 ܫܠܳܡܳܐ ܒ݁ܰܟ݂ܬ݂ܳܒ݂ܰܬ݂ ܐܺܝܕ݂ܰܝ ܐܶܢܳܐ ܦ݁ܰܘܠܳܘܣ ܟ݁ܶܬ݂ܒ݁ܶܬ݂ ܕ݁ܺܐܝܬ݂ܰܘܗ݈ܝ ܐܳܬ݂ܳܐ ܕ݁ܰܒ݂ܟ݂ܽܠܗܶܝܢ ܐܶܓ݁ܪܳܬ݂ܝ ܗܳܟ݂ܰܢܳܐ ܟ݁ܳܬ݂ܶܒ݂ ܐ݈ܢܳܐ ܀ Bijbel 2 Tessalonicenzen 3:17 17 Een groet in mijn eigen handschrift! Ik, Pawlos heb geschreven, wat het teken is in al mijn brieven. Zo schrijf ik.
18 ܛܰܝܒ݁ܽܘܬ݂ܶܗ ܕ݁ܡܳܪܰܢ ܝܶܫܽܘܥ ܡܫܺܝܚܳܐ ܥܰܡ ܟ݁ܽܠܟ݂ܽܘܢ ܐܰܡܺܝܢ ܀ Bijbel 2 Tessalonicenzen 3:18 18 De genade van onze Heer Yešúʿ Mšíḥā zij met jullie allen, mijn broeders! Amen.

Bijgewerkt: maandag 19 juni 2017
© geldig vanaf 21 oktober 2013
Copyright indicatie 'Creative Commons' CC-BY-NC-ND. U mag de Peshitta.nl tekst ongewijzigd, niet commerciëel, in willekeurige mediavorm distribueren met vermelding van de oorspronkelijke naam Peshitta.nl
U mag de Peshitta.nl tekst alleen distribueren als u deze licentie ongewijzgd laat.

Syriac Fonts provided by George Kiraz. Peshitta source, UBS 1905 text.

Download e-Sword module (door Ad Oprel) voor Peshitta_nl
Volg peshitta.nl via Twitter.