MatteüsMarkusLucasJohannesHandelingenRomeinen1 Korintiërs2 KorintiërsGalatenEfeziërsFilippenzenKolossenzen1 Tessalonicenzen2 Tessalonicenzen1 Timoteüs2 TimoteüsTitusFilemonHebreeënJakobus1 Petrus2 Petrus1 Johannes2 Johannes3 JohannesJudasOpenbaring

Hoofdstuk 11

1 ܘܟ݂ܰܕ݂ ܩܪܶܒ݂ ܠܽܐܘܪܺܫܠܶܡ ܥܰܠ ܓ݁ܶܢ݈ܒ݂ ܒ݁ܶܝܬ݂‌ܦ݁ܳ̈̈ܓ݁ܶܐ ܘܒ݂ܶܝܬ݂‌ܥܰܢܝܳܐ ܠܘܳܬ݂ ܛܽܘܪܳܐ ܕ݁ܙܰܝܬ݁ܶܐ ܫܰܕ݁ܰܪ ܬ݁ܪܶܝܢ ܡܶܢ ܬ݁ܰܠܡܺܝܕ݂ܰܘܗ݈ܝ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:1 1 Nadat hij bij ʾÚrišlem, richting Bét-Fage en Bét-ʿAnyā, vlak bij de Olijfberg was gekomen, zond hij twee van zijn leerlingen,
2 ܘܶܐܡܰܪ ܠܗܽܘܢ ܙܶܠܘ ܠܰܩܪܺܝܬ݂ܳܐ ܗܳܝ ܕ݁ܰܠܩܽܘܒ݂ܠܰܢ ܘܒ݂ܰܪ ܫܳܥܬ݂ܶܗ ܕ݁ܥܳܐܠܺܝܢ ܐܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܠܳܗ ܡܶܫܟ݁ܚܺܝܢ ܐܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܥܺܝܠܳܐ ܕ݁ܰܐܣܺܝܪ ܕ݁ܐ݈ܢܳܫ ܡܶܢ ܒ݁ܢܰܝܢܳܫܳܐ ܠܳܐ ܪܰܟ݂ܒ݁ܶܗ ܫܪܰܘ ܐܰܝܬ݁ܰܐܘܽܗ݈ܝ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:2 2 en hij zei tegen hen: "Ga naar het dorp dat tegenover ons is, en wanneer jullie er binnengaan, vinden jullie onmiddellijk een vastgebonden veulen, dat door niemand bereden is. Maak het los en breng het.
3 ܘܶܐܢ ܐ݈ܢܳܫ ܢܺܐܡܰܪ ܠܟ݂ܽܘܢ ܡܳܢܳܐ ܥܳܒ݂ܕ݁ܺܝܢ ܐܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܗܳܕ݂ܶܐ ܐܶܡܰܪܘ ܠܶܗ ܕ݁ܰܠܡܳܪܰܢ ܡܶܬ݂ܒ݁ܥܶܐ ܘܡܶܚܕ݂ܳܐ ܡܫܰܕ݁ܰܪ ܠܶܗ ܠܟ݂ܳܐ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:3 3 En als iemand tegen jullie zegt: 'Waarom doet u dit?' zeg hem: Onze Heer heeft het nodig. En hij zal het onmiddellijk naar hier sturen.
4 ܘܶܐܙܰܠܘ ܐܶܫܟ݁ܰܚܘ ܥܺܝܠܳܐ ܕ݁ܰܐܣܺܝܪ ܥܰܠ ܬ݁ܰܪܥܳܐ ܠܒ݂ܰܪ ܒ݁ܫܽܘܩܳܐ ܘܟ݂ܰܕ݂ ܫܳܪܶܝܢ ܠܶܗ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:4 4 Ze gingen en vonden het veulen, dat bij de poort buiten op het plein was vastgebonden. Toen ze het losmaakten,
5 ܐ݈ܢܳܫܺܝܢ ܡܶܢ ܐܰܝܠܶܝܢ ܕ݁ܩܳܝܡܺܝܢ ܐܶܡܰܪܘ ܠܗܽܘܢ ܡܳܢܳܐ ܥܳܒ݂ܕ݁ܺܝܢ ܐܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܕ݁ܫܳܪܶܝܢ ܐܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܥܺܝܠܳܐ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:5 5 zei iemand van degenen die daar stonden tegen hen: "Waarom maakt u het veulen los?"
6 ܗܶܢܽܘܢ ܕ݁ܶܝܢ ܐܶܡܰܪܘ ܠܗܽܘܢ ܐܰܝܟ݂ ܕ݁ܦ݂ܰܩܶܕ݂ ܐܶܢܽܘܢ ܝܶܫܽܘܥ ܘܰܫܒ݂ܰܩܘ ܐܶܢܽܘܢ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:6 6 Ze spraken met hem zoals Yešúʿ had geboden, dus stond men het toe.
7 ܘܰܐܝܬ݁ܝܽܘܗ݈ܝ ܠܥܺܝܠܳܐ ܠܘܳܬ݂ ܝܶܫܽܘܥ ܘܰܐܪܡܺܝܘ ܥܠܰܘܗ݈ܝ ܡܳܐܢܰܝܗܽܘܢ ܘܰܪܟ݂ܶܒ݂ ܥܠܰܘܗ݈ܝ ܝܶܫܽܘܥ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:7 7 Ze brachten het veulen naar Yešúʿ en wierpen hun mantels erop, en Yešúʿ reed erop.
8 ܣܰܓ݁ܺܝܶܐܐ ܕ݁ܶܝܢ ܡܫܰܘܶܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܢܰܚܬ݁ܰܝܗܽܘܢ ܒ݁ܽܐܘܪܚܳܐ ܘܰܐ݈ܚܪܳܢܶܐ ܦ݁ܳܣܩܺܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܣܰܘܟ݁ܶܐ ܡܶܢ ܐܺܝܠܳܢܶܐ ܘܰܡܫܰܘܶܝܢ ܒ݁ܽܐܘܪܚܳܐ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:8 8 En velen spreidden hun kleding uit over de weg, terwijl anderen takken van de bomen braken en ze over de weg spreidden.
9 ܘܗܳܢܽܘܢ ܕ݁ܰܩܕ݂ܳܡܰܘܗ݈ܝ ܘܗܳܢܽܘܢ ܕ݁ܒ݂ܳܬ݂ܪܶܗ ܩܳܥܶܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܘܳܐܡܪܺܝܢ ܐܽܘܫܰܥܢܳܐ ܒ݁ܪܺܝܟ݂ ܗ݈ܽܘ ܕ݁ܳܐܬ݂ܶܐ ܒ݁ܰܫܡܶܗ ܕ݁ܡܳܪܝܳܐ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:9 9 En degenen die zich voor en achter hem bevonden riepen uit en zeiden: "Red toch! Gezegend is hij die komt in de naam van de HEER!
10 ܘܰܒ݂ܪܺܝܟ݂ܳܐ ܗ݈ܝ ܡܰܠܟ݁ܽܘܬ݂ܳܐ ܕ݁ܳܐܬ݂ܝܳܐ ܕ݁ܰܐܒ݂ܽܘܢ ܕ݁ܰܘܺܝܕ݂ ܐܽܘܫܰܥܢܳܐ ܒ݁ܰܡܪܰܘܡܶܐ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:10 10 Gezegend is het koninkrijk dat van onze vader Dawid komt. Red toch, in de hoogten!
ʾÚšaʿnaʾ b'amrame.
11 ܘܥܰܠ ܝܶܫܽܘܥ ܠܽܐܘܪܺܫܠܶܡ ܠܗܰܝܟ݁ܠܳܐ ܘܰܚܙܳܐ ܟ݁ܽܠܡܶܕ݁ܶܡ ܟ݁ܰܕ݂ ܗܘܳܐ ܕ݁ܶܝܢ ܥܶܕ݁ܳܢܳܐ ܕ݁ܪܰܡܫܳܐ ܢܦ݂ܰܩ ܠܒ݂ܶܝܬ݂‌ܥܰܢܝܳܐ ܥܰܡ ܬ݁ܪܶܥܣܰܪ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:11 11 Yešúʿ ging de tempel van ʾÚrišlem binnen en zag alles. Toen het echter avond werd, ging hij met de twaalf naar buiten, naar Bét-Anyā.
12 ܘܰܠܝܰܘܡܳܐ ܐ݈ܚܪܺܢܳܐ ܟ݁ܰܕ݂ ܢܦ݂ܰܩ ܡܶܢ ܒ݁ܶܝܬ݂‌ܥܰܢܝܳܐ ܟ݁ܦ݂ܶܢ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:12 12 De volgende dag, toen hij uit Bét-Anyā vertrok, kreeg hij honger.
13 ܘܰܚܙܳܐ ܬ݁ܺܬ݁ܳܐ ܚܕ݂ܳܐ ܡܶܢ ܪܽܘܚܩܳܐ ܕ݁ܺܐܝܬ݂ ܒ݁ܳܗ ܛܰܪܦ݂ܶܐ ܘܶܐܬ݂ܳܐ ܠܘܳܬ݂ܳܗ ܕ݁ܶܐܢ ܢܶܫܟ݁ܰܚ ܒ݁ܳܗ ܡܶܕ݁ܶܡ ܘܟ݂ܰܕ݂ ܐܶܬ݂ܳܐ ܠܳܐ ܐܶܫܟ݁ܰܚ ܒ݁ܳܗ ܐܶܠܳܐ ܐܶܢ ܛܰܪܦ݂ܶܐ ܙܰܒ݂ܢܳܐ ܓ݁ܶܝܪ ܠܳܐ ܗܘܳܐ ܗ݈ܘܳܐ ܕ݁ܬ݂ܺܐܢܶܐ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:13 13 En hij zag van ver een vijgenboom met bladeren en ging ernaartoe om te zien of hij er iets aan kon vinden. Toen hij aankwam, vond hij er niets aan, behalve bladeren, want het was nog niet de tijd voor vijgen.
14 ܘܶܐܡܰܪ ܠܳܗ ܡܶܟ݁ܺܝܠ ܘܰܠܥܳܠܰܡ ܐ݈ܢܳܫ ܡܶܢܶܟ݂ܝ ܦ݁ܺܐܪܶܐ ܠܳܐ ܢܶܐܟ݂ܽܘܠ ܘܰܫܡܰܥܘ ܬ݁ܰܠܡܺܝܕ݂ܰܘܗ݈ܝ ܘܶܐܬ݂ܰܘ ܠܽܐܘܪܺܫܠܶܡ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:14 14 En hij zei ertegen: "Vanaf nu en voor altijd niemand zal vrucht van jou eten." En zijn leerlingen hoorden het en ze kwamen in ʾÚrišlem.
15 ܘܥܰܠ ܝܶܫܽܘܥ ܠܗܰܝܟ݁ܠܳܐ ܕ݁ܰܐܠܳܗܳܐ ܘܫܰܪܺܝ ܕ݁ܢܰܦ݁ܶܩ ܠܰܐܝܠܶܝܢ ܕ݁ܙܳܒ݂ܢܺܝܢ ܘܰܡܙܰܒ݁ܢܺܝܢ ܒ݁ܗܰܝܟ݁ܠܳܐ ܘܰܗܦ݂ܰܟ݂ ܦ݁ܳܬ݂ܽܘܪܶܐ ܕ݁ܰܡܥܰܪܦ݂ܳܢܶܐ ܘܟ݂ܽܘܪܣܰܘܳܬ݂ܳܐ ܕ݁ܗܳܢܽܘܢ ܕ݁ܰܡܙܰܒ݁ܢܺܝܢ ܝܰܘܢܶܐ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:15 15 En Yešúʿ ging de tempel van God binnen en begon degenen die in de tempel kochten en verkochten, uit te werpen. En hij keerde de tafels van de geldwisselaars om, en de zetels van degenen die duiven verkochten.
Exodus 32:19
16 ܘܠܳܐ ܫܳܒ݂ܶܩ ܗ݈ܘܳܐ ܕ݁ܐ݈ܢܳܫ ܢܰܥܒ݁ܰܪ ܡܳܐܢܶܐ ܒ݁ܓ݂ܰܘ ܗܰܝܟ݁ܠܳܐ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:16 16 En hij liet niemand goederen door de tempel dragen.
17 ܘܡܰܠܶܦ݂ ܗ݈ܘܳܐ ܘܳܐܡܰܪ ܠܗܽܘܢ ܠܳܐ ܟ݁ܬ݂ܺܝܒ݂ ܕ݁ܒ݂ܰܝܬ݁ܝ ܒ݁ܶܝܬ݂ ܨܠܽܘܬ݂ܳܐ ܢܶܬ݂ܩܪܶܐ ܠܟ݂ܽܠܗܽܘܢ ܥܰܡ݈ܡܶܐ ܐܰܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܕ݁ܶܝܢ ܥܒ݂ܰܕ݁ܬ݁ܽܘܢܳܝܗ݈ܝ ܡܥܰܪܬ݂ܳܐ ܕ݁ܠܶܣܛܳܝܶܐ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:17 17 Hij leerde hun en zei: "Staat er niet geschreven dat mijn huis een gebedshuis genoemd zal worden voor alle volken? Maar u hebt het een rovershol gemaakt!"
18 ܘܰܫܡܰܥܘ ܪܰܒ݁ܰܝ ܟ݁ܳܗܢܶܐ ܘܣܳܦ݂ܪܶܐ ܘܒ݂ܳܥܶܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܕ݁ܰܐܝܟ݁ܰܢܳܐ ܢܰܘܒ݁ܕ݂ܽܘܢܳܝܗ݈ܝ ܕ݁ܳܚܠܺܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܓ݁ܶܝܪ ܡܶܢܶܗ ܡܶܛܽܠ ܕ݁ܟ݂ܽܠܶܗ ܥܰܡܳܐ ܬ݁ܰܡܺܝܗܺܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܒ݁ܝܽܘܠܦ݁ܳܢܶܗ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:18 18 Toen de overpriesters en de schriftgeleerden het hadden gehoord, onderzochten ze hoe ze hem zouden opruimen, omdat ze hem vreesden en omdat alle mensen met verbijstering waren geslagen over zijn leer.
19 ܘܟ݂ܰܕ݂ ܗܘܳܐ ܪܰܡܫܳܐ ܢܦ݂ܰܩܘ ܠܒ݂ܰܪ ܡܶܢ ܡܕ݂ܺܝܢ݈ܬ݁ܳܐ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:19 19 Toen het avond was geworden verlieten ze de stad.
20 ܘܰܒ݂ܨܰܦ݂ܪܳܐ ܟ݁ܰܕ݂ ܥܳܒ݂ܪܺܝܢ ܚܙܰܘ ܬ݁ܺܬ݁ܳܐ ܗܳܝ ܟ݁ܰܕ݂ ܝܰܒ݁ܺܝܫܳܐ ܡܶܢ ܥܶܩܳܪܳܗ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:20 20 In de morgen, terwijl ze onderweg waren, zagen ze dat de vijgenboom vanaf de wortels was verdord.
21 ܘܶܐܬ݁ܕ݁ܟ݂ܰܪ ܫܶܡܥܽܘܢ ܘܶܐܡܰܪ ܠܶܗ ܪܰܒ݁ܺܝ ܗܳܐ ܬ݁ܺܬ݁ܳܐ ܗܳܝ ܕ݁ܠܳܛܬ݁ ܝܶܒ݂ܫܰܬ݂ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:21 21 Šemʿún herinnerde het zich en zei tegen hem: "Rabbi, kijk, die vijgenboom die u hebt vervloekt, is verdord!"
22 ܘܰܥܢܳܐ ܝܶܫܽܘܥ ܘܶܐܡܰܪ ܠܗܽܘܢ ܬ݁ܶܗܘܶܐ ܒ݁ܟ݂ܽܘܢ ܗܰܝܡܳܢܽܘܬ݂ܳܐ ܕ݁ܰܐܠܳܗܳܐ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:22 22 En Yešúʿ antwoordde en zei tegen hem: "Laat het geloof van God in je zijn!
23 ܐܰܡܺܝܢ ܓ݁ܶܝܪ ܐܳܡܰܪ ܐ݈ܢܳܐ ܠܟ݂ܽܘܢ ܕ݁ܡܰܢ ܕ݁ܢܺܐܡܰܪ ܠܛܽܘܪܳܐ ܗܳܢܳܐ ܕ݁ܶܐܫܬ݁ܰܩ݈ܠ ܘܦ݂ܶܠ ܒ݁ܝܰܡܳܐ ܘܠܳܐ ܢܶܬ݂ܦ݁ܰܠܰܓ݂ ܒ݁ܠܶܒ݁ܶܗ ܐܶܠܳܐ ܢܗܰܝܡܶܢ ܕ݁ܗܳܘܶܐ ܗܰܘ ܡܶܕ݁ܶܡ ܕ݁ܳܐܡܰܪ ܢܶܗܘܶܐ ܠܶܗ ܡܶܕ݁ܶܡ ܕ݁ܳܐܡܰܪ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:23 23 Want ik zeg jullie met zekerheid, dat wie tegen deze berg zegt: hef je op en val in de zee! en onverdeeld is van hart, en hij gelooft wat hij zegt, dan zal hij datgene hebben wat hij zei.
24 ܡܶܛܽܠ ܗܳܢܳܐ ܐܳܡܰܪ ܐ݈ܢܳܐ ܠܟ݂ܽܘܢ ܕ݁ܟ݂ܽܠ ܡܶܕ݁ܶܡ ܕ݁ܰܡܨܰܠܶܝܢ ܐܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܘܫܳܐܠܺܝܢ ܐܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܗܰܝܡܶܢܘ ܕ݁ܢܳܣܒ݁ܺܝܢ ܐܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܘܢܶܗܘܶܐ ܠܟ݂ܽܘܢ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:24 24 Daarom zeg ik jullie, dat alles waarvoor jullie bidden en wat jullie vragen geloof dat jullie ontvangen, en jullie zullen het hebben.
25 ܘܡܳܐ ܕ݁ܩܳܝܡܺܝܢ ܐܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܠܰܡܨܰܠܳܝܽܘ ܫܒ݂ܽܘܩܘ ܡܶܕ݁ܶܡ ܕ݁ܺܐܝܬ݂ ܠܟ݂ܽܘܢ ܥܰܠ ܐ݈ܢܳܫ ܕ݁ܳܐܦ݂ ܐܰܒ݂ܽܘܟ݂ܽܘܢ ܕ݁ܒ݂ܰܫܡܰܝܳܐ ܢܶܫܒ݁ܽܘܩ ܠܟ݂ܽܘܢ ܣܰܟ݂ܠܘܳܬ݂ܟ݂ܽܘܢ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:25 25 Wanneer jullie opstaan om te bidden, vergeef dan wat jullie tegen iemand hebben, zodat ook jullie Vader die in de hemel is, jullie fouten vergeeft.
26 ܐܶܢ ܕ݁ܶܝܢ ܐܰܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܠܳܐ ܫܳܒ݂ܩܺܝܢ ܐܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܐܳܦ݂ܠܳܐ ܐܰܒ݂ܽܘܟ݂ܽܘܢ ܕ݁ܒ݂ܰܫܡܰܝܳܐ ܢܶܫܒ݁ܽܘܩ ܠܟ݂ܽܘܢ ܣܰܟ݂ܠܘܳܬ݂ܟ݂ܽܘܢ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:26 26 Maar als jullie niet vergeven, zal ook jullie Vader in de hemel jullie fouten niet vergeven."
27 ܘܶܐܬ݂ܰܘ ܬ݁ܽܘܒ݂ ܠܽܐܘܪܺܫܠܶܡ ܘܟ݂ܰܕ݂ ܡܗܰܠܶܟ݂ ܗ݈ܘܳܐ ܒ݁ܗܰܝܟ݁ܠܳܐ ܐܶܬ݂ܰܘ ܠܘܳܬ݂ܶܗ ܪܰܒ݁ܰܝ ܟ݁ܳܗܢܶܐ ܘܣܳܦ݂ܪܶܐ ܘܩܰܫܺܝܫܶܐ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:27 27 En ze kwamen opnieuw in ʾÚrišlem. Terwijl hij in de tempel liep, kwamen de overpriesters, schriftgeleerden en de oudsten bij hem.
28 ܘܳܐܡܪܺܝܢ ܠܶܗ ܒ݁ܰܐܝܢܳܐ ܫܽܘܠܛܳܢܳܐ ܗܳܠܶܝܢ ܥܳܒ݂ܶܕ݂ ܐܰܢ݈ܬ݁ ܘܡܰܢܽܘ ܝܰܗ݈ܒ݂ ܠܳܟ݂ ܫܽܘܠܛܳܢܳܐ ܗܳܢܳܐ ܕ݁ܗܳܠܶܝܢ ܬ݁ܶܥܒ݁ܶܕ݂ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:28 28 En ze zeiden tegen hem: "Uit welk gezag doet u deze [dingen], en wie heeft u dit gezag gegeven dat u deze dingen doet?"
29 ܗܽܘ ܕ݁ܶܝܢ ܝܶܫܽܘܥ ܐܶܡܰܪ ܠܗܽܘܢ ܐܶܫܰܐܶܠܟ݂ܽܘܢ ܐܳܦ݂ ܐܶܢܳܐ ܡܶܠܬ݂ܳܐ ܚܕ݂ܳܐ ܕ݁ܬ݂ܺܐܡܪܽܘܢ ܠܺܝ ܘܶܐܢܳܐ ܐܳܡܰܪ ܐ݈ܢܳܐ ܠܟ݂ܽܘܢ ܒ݁ܰܐܝܢܳܐ ܫܽܘܠܛܳܢܳܐ ܗܳܠܶܝܢ ܥܳܒ݂ܶܕ݂ ܐ݈ܢܳܐ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:29 29 En Yešúʿ zei tegen hen: "Ik zal u ook een ding vragen, en u zult het mij zeggen. Dan zeg ik u uit welk gezag ik deze [dingen] doe.
30 ܡܰܥܡܽܘܕ݂ܺܝܬ݂ܶܗ ܕ݁ܝܽܘܚܰܢܳܢ ܡܶܢ ܐܰܝܡܶܟ݁ܳܐ ܗ݈ܝ ܡܶܢ ܫܡܰܝܳܐ ܐܰܘ ܡܶܢ ܒ݁ܢܰܝ ܐ݈ܢܳܫܳܐ ܐܶܡܰܪܘ ܠܺܝ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:30 30 Vanwaar was de doop van Yúḥanān? Van de hemel of van mensen? Zeg het mij."
31 ܘܶܐܬ݂ܚܰܫܰܒ݂ܘ ܒ݁ܢܰܦ݂ܫܗܽܘܢ ܘܶܐܡܰܪܘ ܕ݁ܶܐܢ ܢܺܐܡܰܪ ܠܶܗ ܕ݁ܡܶܢ ܫܡܰܝܳܐ ܐܳܡܰܪ ܠܰܢ ܘܰܠܡܳܢܳܐ ܠܳܐ ܗܰܝܡܶܢܬ݁ܽܘܢܳܝܗ݈ܝ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:31 31 En ze overlegden onderling en zeiden: "Als we hem zeggen dat [het] van de hemel was, zal hij ons zeggen: Waarom hebt u hem dan niet geloofd?
32 ܘܰܕ݂ܢܺܐܡܰܪ ܡܶܢ ܒ݁ܢܰܝ ܐ݈ܢܳܫܳܐ ܕ݁ܶܚܠܬ݂ܳܐ ܗ݈ܝ ܡܶܢ ܥܰܡܳܐ ܟ݁ܽܠܗܽܘܢ ܓ݁ܶܝܪ ܐܰܚܺܝܕ݂ܺܝܢ ܗܘܰܘ ܠܶܗ ܠܝܽܘܚܰܢܳܢ ܕ݁ܫܰܪܺܝܪܳܐܝܺܬ݂ ܢܒ݂ܺܝܳܐ ܗ݈ܘ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:32 32 Maar als we zeggen: van mensen dan is er vrees voor het volk." Want zij allen hielden Yúḥanān voor een ware profeet.
33 ܘܰܥܢܰܘ ܘܳܐܡܪܺܝܢ ܠܶܗ ܠܝܶܫܽܘܥ ܠܳܐ ܝܳܕ݂ܥܺܝܢܰܢ ܐܳܡܰܪ ܠܗܽܘܢ ܐܳܦ݂ ܠܳܐ ܐܶܢܳܐ ܐܳܡܰܪ ܐ݈ܢܳܐ ܠܟ݂ܽܘܢ ܒ݁ܰܐܝܢܳܐ ܫܽܘܠܛܳܢܳܐ ܗܳܠܶܝܢ ܥܳܒ݂ܶܕ݂ ܐ݈ܢܳܐ ܀ Bijbel ܣܦܪܐ ܕܡܪܩܘܣ 11:33 33 Dus antwoordden ze en zeiden tegen Yešúʿ: "We weten het niet." Hij zei tegen hen: "Ook ik zeg u niet uit welk gezag ik deze [dingen] doe."

Bijgewerkt: zondag 29 april 2012
© geldig vanaf 21 oktober 2013
Copyright indicatie 'Creative Commons' CC-BY-NC-ND. U mag de Peshitta.nl tekst ongewijzigd, niet commerciëel, in willekeurige mediavorm distribueren met vermelding van de oorspronkelijke naam Peshitta.nl
U mag de Peshitta.nl tekst alleen distribueren als u deze licentie ongewijzgd laat.

Syriac Fonts provided by George Kiraz. Peshitta source, UBS 1905 text.

Volg peshitta.nl via Twitter.