MatteüsMarcusLucasJohannes 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 HandelingenRomeinen1 Korintiërs2 KorintiërsGalatenEfeziërsFilippenzenKolossenzen1 Tessalonicenzen2 Tessalonicenzen1 Timoteüs2 TimoteüsTitusFilemonHebreeënJakobus1 Petrus2 Petrus1 Johannes2 Johannes3 JohannesJudasOpenbaring

Hoofdstuk 13

1 ܩܕ݂ܳܡ ܕ݁ܶܝܢ ܥܺܐܕ݂ܳܐ ܕ݁ܦ݂ܶܨܚܳܐ ܝܳܕ݂ܰܥ ܗ݈ܘܳܐ ܝܶܫܽܘܥ ܕ݁ܰܡܛܳܬ݂ ܫܳܥܬ݂ܳܐ ܕ݁ܰܢܫܰܢܶܐ ܡܶܢ ܗܳܢܳܐ ܥܳܠܡܳܐ ܠܘܳܬ݂ ܐܰܒ݂ܽܘܗ݈ܝ ܘܰܐܚܶܒ݂ ܠܕ݂ܺܝܠܶܗ ܕ݁ܰܒ݂ܗܳܢܳܐ ܥܳܠܡܳܐ ܘܰܥܕ݂ܰܡܳܐ ܠܚܰܪܬ݂ܳܐ ܐܰܚܶܒ݂ ܐܶܢܽܘܢ ܀ Bijbel Johannes 13:1 1 Voordat de viering van de Peṣḥā plaatsvond, wist Yešúʿ dat de tijd was gekomen dat hij uit deze wereld moest vertrekken, naar zijn Vader. Hij had wie van hem waren in deze wereld lief, hij had hen tot het einde lief.
2 ܘܟ݂ܰܕ݂ ܗܘܳܬ݂ ܚܫܳܡܺܝܬ݂ܳܐ ܪܡܶܐ ܗ݈ܘܳܐ ܠܶܗ ܠܣܳܛܳܢܳܐ ܒ݁ܠܶܒ݁ܶܗ ܕ݁ܺܝܗܽܘܕ݂ܳܐ ܒ݁ܰܪ ܫܶܡܥܽܘܢ ܣܟ݂ܰܪܝܽܘܛܳܐ ܕ݁ܢܰܫܠܡܺܝܘܗ݈ܝ ܀ Bijbel Johannes 13:2 2 Tijdens de maaltijd werd door Sāṭānā in het hart van Yihúdā, zoon van Šemʿún Skaryúṭā, gegeven dat hij hem zou verraden.
3 ܗܽܘ ܕ݁ܶܝܢ ܝܶܫܽܘܥ ܡܶܛܽܠ ܕ݁ܝܳܕ݂ܰܥ ܗ݈ܘܳܐ ܕ݁ܟ݂ܽܠ ܡܶܕ݁ܶܡ ܝܰܗ݈ܒ݂ ܐܰܒ݂ܳܐ ܒ݁ܺܐܝܕ݂ܰܘܗ݈ܝ ܘܰܕ݂ܡܶܢ ܐܰܠܳܗܳܐ ܢܦ݂ܰܩ ܘܰܠܘܳܬ݂ ܐܰܠܳܗܳܐ ܐܳܙܶܠ ܀ Bijbel Johannes 13:3 3 Maar omdat Yešúʿ wist dat de Vader alles in zijn handen had gegeven, en dat hij van God was gekomen en naar God zou gaan,
4 ܩܳܡ ܡܶܢ ܚܫܳܡܺܝܬ݂ܳܐ ܘܣܳܡ ܢܰܚܬ݁ܰܘܗ݈ܝ ܘܰܫܩܰܠ ܣܶܕ݁ܽܘܢܳܐ ܡܚܳܐ ܒ݁ܚܰܨܰܘܗ݈ܝ ܀ Bijbel Johannes 13:4 4 stond hij op van de maaltijd en legde zijn gewaden apart, nam een doek en sloeg die om zijn middel.
5 ܘܰܐܪܡܺܝ ܡܰܝܳܐ ܒ݁ܰܡܫܳܓ݂ܬ݁ܳܐ ܘܫܰܪܺܝ ܠܰܡܫܳܓ݂ܽܘ ܪܶܓ݂ܠܶܐ ܕ݁ܬ݂ܰܠܡܺܝܕ݂ܰܘܗ݈ܝ ܘܰܡܫܰܘܶܐ ܗ݈ܘܳܐ ܒ݁ܣܶܕ݁ܽܘܢܳܐ ܕ݁ܰܡܚܶܐ ܒ݁ܚܰܨܰܘܗ݈ܝ ܀ Bijbel Johannes 13:5 5 Daarna goot hij water in een kom en ging de voeten van zijn leerlingen wassen en hij droogde ze met de doek die om zijn middel was geslagen.
Leviticus 8:6
6 ܟ݁ܰܕ݂ ܕ݁ܶܝܢ ܐܶܬ݂ܳܐ ܠܘܳܬ݂ ܫܶܡܥܽܘܢ ܟ݁ܺܐܦ݂ܳܐ ܐܳܡܰܪ ܠܶܗ ܫܶܡܥܽܘܢ ܐܰܢ݈ܬ݁ ܡܳܪܝ ܪܶܓ݂ܠܰܝ ܡܫܺܝܓ݂ ܐܰܢ݈ܬ݁ ܠܺܝ ܀ Bijbel Johannes 13:6 6 Toen hij bij Šemʿún Kiʾfā kwam, zei Šemʿún hem: "Mijn Heer, gaat u mijn voeten wassen?"
7 ܥܢܳܐ ܝܶܫܽܘܥ ܘܶܐܡܰܪ ܠܶܗ ܡܶܕ݁ܶܡ ܕ݁ܥܳܒ݂ܶܕ݂ ܐ݈ܢܳܐ ܐܰܢ݈ܬ݁ ܠܳܐ ܝܳܕ݂ܰܥ ܐܰܢ݈ܬ݁ ܗܳܫܳܐ ܒ݁ܳܬ݂ܰܪܟ݁ܶܢ ܕ݁ܶܝܢ ܬ݁ܶܕ݁ܰܥ ܀ Bijbel Johannes 13:7 7 Yešúʿ antwoordde en zei tegen hem: "Wat ik doe begrijp je nu niet, maar later zal je het begrijpen."
8 ܐܳܡܰܪ ܠܶܗ ܫܶܡܥܽܘܢ ܟ݁ܺܐܦ݂ܳܐ ܠܥܳܠܰܡ ܠܳܐ ܡܫܺܝܓ݂ ܐܰܢ݈ܬ݁ ܠܺܝ ܪܶܓ݂ܠܰܝ ܐܳܡܰܪ ܠܶܗ ܝܶܫܽܘܥ ܐܶܢ ܠܳܐ ܡܫܺܝܓ݂ ܐ݈ܢܳܐ ܠܳܟ݂ ܠܰܝܬ݁ ܠܳܟ݂ ܥܰܡܝ ܡܢܳܬ݂ܳܐ ܀ Bijbel Johannes 13:8 8 Toen zei Šemʿún Kiʾfā tegen hem: "Nooit zult u mijn voeten wassen!" Yešúʿ zei tegen hem: "Als ik je niet was, zul je geen deel met me hebben."
9 ܐܳܡܰܪ ܠܶܗ ܫܶܡܥܽܘܢ ܟ݁ܺܐܦ݂ܳܐ ܡܳܕ݂ܶܝܢ ܡܳܪܝ ܠܳܐ ܒ݁ܰܠܚܽܘܕ݂ ܪܶܓ݂ܠܰܝ ܬ݁ܫܺܝܓ݂ ܠܺܝ ܐܶܠܳܐ ܐܳܦ݂ ܐܺܝܕ݂ܰܝ ܐܳܦ݂ ܪܺܫܝ ܀ Bijbel Johannes 13:9 9 Šemʿún Kiʾfā zei tegen hem: "Mijn Heer, was dan niet alleen mijn voeten, maar ook mijn handen en mijn hoofd!"
10 ܐܳܡܰܪ ܠܶܗ ܝܶܫܽܘܥ ܗܰܘ ܕ݁ܰܣܚܶܐ ܠܳܐ ܣܢܺܝܩ ܐܶܠܳܐ ܪܶܓ݂ܠܰܘܗ݈ܝ ܒ݁ܰܠܚܽܘܕ݂ ܢܫܺܝܓ݂ ܟ݁ܽܠܶܗ ܓ݁ܶܝܪ ܕ݁ܟ݂ܶܐ ܗ݈ܘ ܐܳܦ݂ ܐܰܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܟ݁ܽܠܟ݂ܽܘܢ ܕ݁ܟ݂ܰܝܳܐ ܐܰܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܐܶܠܳܐ ܠܳܐ ܟ݁ܽܠܟ݂ܽܘܢ ܀ Bijbel Johannes 13:10 10 Yešúʿ zei tegen hem: "Wie zich heeft gebaad, hoeft slechts zijn voeten te wassen want hij is al rein; dus zijn jullie allen rein, maar toch niet allen."
11 ܝܳܕ݂ܰܥ ܗ݈ܘܳܐ ܓ݁ܶܝܪ ܝܶܫܽܘܥ ܠܗܰܘ ܕ݁ܡܰܫܠܶܡ ܠܶܗ ܡܶܛܽܠ ܗܳܢܳܐ ܐܶܡܰܪ ܕ݁ܠܳܐ ܗ݈ܘܳܐ ܟ݁ܽܠܟ݂ܽܘܢ ܕ݁ܟ݂ܰܝܳܐ ܐܰܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܀ Bijbel Johannes 13:11 11 Want Yešúʿ wist wie hem zou verraden, daarom zei hij: "Niet elk van jullie is rein."
12 ܟ݁ܰܕ݂ ܕ݁ܶܝܢ ܐܰܫܺܝܓ݂ ܪܶܓ݂ܠܰܝܗܽܘܢ ܫܩܰܠ ܢܰܚܬ݁ܰܘܗ݈ܝ ܘܶܐܣܬ݁ܡܶܟ݂ ܘܶܐܡܰܪ ܠܗܽܘܢ ܝܳܕ݂ܥܺܝܢ ܐܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܡܳܢܳܐ ܥܶܒ݂ܕ݁ܶܬ݂ ܠܟ݂ܽܘܢ ܀ Bijbel Johannes 13:12 12 Nadat hij hun voeten had gewassen, deed hij zijn mantel aan en ging aanliggen en zei tegen hen: "Begrijpen jullie wat ik voor jullie heb gedaan?
13 ܐܰܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܩܳܪܶܝܢ ܐܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܠܺܝ ܪܰܒ݁ܰܢ ܘܡܳܪܰܢ ܘܫܰܦ݁ܺܝܪ ܐܳܡܪܺܝܢ ܐܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܐܺܝܬ݂ܰܝ ܓ݁ܶܝܪ ܀ Bijbel Johannes 13:13 13 Jullie noemen mij 'onze rabbi' en 'onze Heer', en dat zeggen jullie goed, want dat ben ik.
14 ܐܶܢ ܐܶܢܳܐ ܗܳܟ݂ܺܝܠ ܡܳܪܟ݂ܽܘܢ ܘܪܰܒ݁ܟ݂ܽܘܢ ܐܰܫܺܝܓ݂ܶܬ݂ ܠܟ݂ܽܘܢ ܪܶܓ݂ܠܰܝܟ݁ܽܘܢ ܟ݁ܡܳܐ ܐܰܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܚܰܝܳܒ݂ܺܝܢ ܐܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܕ݁ܰܬ݂ܫܺܝܓ݂ܽܘܢ ܪܶܓ݂ܠܶܐ ܚܰܕ݂ ܕ݁ܚܰܕ݂ ܀ Bijbel Johannes 13:14 14 Maar als ik, jullie Heer en rabbi, jullie voeten heb gewassen, hoeveel te meer zijn jullie elkaar dan verplicht de voeten wassen?
15 ܗܳܢܳܐ ܓ݁ܶܝܪ ܛܽܘܦ݂ܣܳܐ ܝܶܗܒ݁ܶܬ݂ ܠܟ݂ܽܘܢ ܕ݁ܰܐܝܟ݁ܰܢܳܐ ܕ݁ܶܐܢܳܐ ܥܶܒ݂ܕ݁ܶܬ݂ ܠܟ݂ܽܘܢ ܐܳܦ݂ ܐܰܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܬ݁ܶܥܒ݁ܕ݂ܽܘܢ ܀ Bijbel Johannes 13:15 15 Daarom heb ik jullie dit voorbeeld gegeven. Zoals ik heb gedaan, moeten ook jullie doen.
16 ܐܰܡܺܝܢ ܐܰܡܺܝܢ ܐܳܡܰܪ ܐ݈ܢܳܐ ܠܟ݂ܽܘܢ ܕ݁ܠܰܝܬ݁ ܥܰܒ݂ܕ݁ܳܐ ܕ݁ܪܰܒ݁ ܡܶܢ ܡܳܪܶܗ ܘܠܳܐ ܫܠܺܝܚܳܐ ܕ݁ܪܰܒ݁ ܡܶܢ ܡܰܢ ܕ݁ܫܰܕ݁ܪܶܗ ܀ Bijbel Johannes 13:16 16 De waarheid: ik zeg jullie dat er geen bediende is die groter is dan zijn heer. Er is geen gezant, die groter is dan degene die hem heeft gezonden.
17 ܐܶܢ ܗܳܠܶܝܢ ܬ݁ܶܕ݁ܥܽܘܢ ܛܽܘܒ݂ܳܢܶܐ ܐܰܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܐܶܢ ܬ݁ܶܥܒ݁ܕ݂ܽܘܢ ܐܶܢܶܝܢ ܀ Bijbel Johannes 13:17 17 Als jullie deze dingen weten, zijn jullie gelukkig als jullie ze [ook] doen.
18 ܠܳܐ ܗ݈ܘܳܐ ܥܰܠ ܟ݁ܽܠܟ݂ܽܘܢ ܐܳܡܰܪ ܐ݈ܢܳܐ ܝܳܕ݂ܰܥ ܐ݈ܢܳܐ ܓ݁ܶܝܪ ܠܰܐܝܠܶܝܢ ܕ݁ܰܓ݂ܒ݂ܺܝܬ݂ ܐܶܠܳܐ ܕ݁ܰܟ݂ܬ݂ܳܒ݂ܳܐ ܢܶܫܠܰܡ ܕ݁ܗܰܘ ܕ݁ܳܐܟ݂ܶܠ ܥܰܡܝ ܠܰܚܡܳܐ ܐܰܪܺܝܡ ܥܠܰܝ ܥܶܩܒ݂ܶܗ ܀ Bijbel Johannes 13:18 18 Ik zeg dit niet over jullie allen, want ik ken degenen die ik heb gekozen, maar opdat de Schriftplaats vervuld zou worden: "Degene die brood met mij eet, heeft zijn hiel tegen mij opgeheven."
Genesis 3:15; Psalmen 41:9
19 ܡܶܢ ܗܳܫܳܐ ܐܳܡܰܪ ܐ݈ܢܳܐ ܠܟ݂ܽܘܢ ܡܶܢ ܩܕ݂ܳܡ ܕ݁ܢܶܗܘܶܐ ܕ݁ܡܳܐ ܕ݁ܰܗܘܳܐ ܬ݁ܗܰܝܡܢܽܘܢ ܕ݁ܶܐܢܳܐ ܐ݈ܢܳܐ ܀ Bijbel Johannes 13:19 19 Vanaf nu zeg ik het jullie, voor het gebeurt, zodat als het gebeurt, jullie zullen geloven dat ik het ben.
20 ܐܰܡܺܝܢ ܐܰܡܺܝܢ ܐܳܡܰܪ ܐ݈ܢܳܐ ܠܟ݂ܽܘܢ ܕ݁ܡܰܢ ܕ݁ܰܡܩܰܒ݁ܶܠ ܠܡܰܢ ܕ݁ܰܡܫܰܕ݁ܰܪ ܐ݈ܢܳܐ ܠܺܝ ܡܩܰܒ݁ܶܠ ܘܡܰܢ ܕ݁ܠܺܝ ܡܩܰܒ݁ܶܠ ܡܩܰܒ݁ܶܠ ܠܡܰܢ ܕ݁ܫܰܕ݁ܪܰܢܝ ܀ Bijbel Johannes 13:20 20 De waarheid: ik zeg jullie dat wie degene ontvangt die ik heb gezonden, mij ontvangt. En wie mij ontvangt, ontvangt degene die mij heeft gezonden."
21 ܗܳܠܶܝܢ ܐܶܡܰܪ ܝܶܫܽܘܥ ܘܶܐܬ݂ܥܰܙܰܙ ܒ݁ܪܽܘܚܶܗ ܘܰܐܣܗܶܕ݂ ܘܶܐܡܰܪ ܐܰܡܺܝܢ ܐܰܡܺܝܢ ܐܳܡܰܪ ܐ݈ܢܳܐ ܠܟ݂ܽܘܢ ܕ݁ܚܰܕ݂ ܡܶܢܟ݂ܽܘܢ ܢܰܫܠܡܰܢܝ ܀ Bijbel Johannes 13:21 21 Deze dingen zei Yešúʿ terwijl hij diep ontroerd was. Hij getuigde en zei: "De waarheid: ik zeg jullie dat één van jullie mij zal verraden."
22 ܚܳܪܘ ܕ݁ܶܝܢ ܬ݁ܰܠܡܺܝܕ݂ܶܐ ܚܰܕ݂ ܒ݁ܚܰܕ݂ ܡܶܛܽܠ ܕ݁ܠܳܐ ܝܳܕ݂ܥܺܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܕ݁ܥܰܠ ܡܰܢܽܘ ܐܶܡܰܪ ܀ Bijbel Johannes 13:22 22 De leerlingen keken elkaar echter aan omdat ze niet wisten over wie hij sprak.
23 ܐܺܝܬ݂ ܗ݈ܘܳܐ ܕ݁ܶܝܢ ܡܶܢ ܬ݁ܰܠܡܺܝܕ݂ܰܘܗ݈ܝ ܚܰܕ݂ ܕ݁ܰܣܡܺܝܟ݂ ܗ݈ܘܳܐ ܒ݁ܥܽܘܒ݁ܶܗ ܗܰܘ ܕ݁ܪܳܚܶܡ ܗ݈ܘܳܐ ܠܶܗ ܝܶܫܽܘܥ ܀ Bijbel Johannes 13:23 23 Er was nu één van zijn leerlingen die aan zijn boezem lag, degene die door Yešúʿ werd liefgehad.
24 ܠܗܳܢܳܐ ܪܡܰܙ ܫܶܡܥܽܘܢ ܟ݁ܺܐܦ݂ܳܐ ܕ݁ܰܢܫܰܐܠܺܝܘܗ݈ܝ ܕ݁ܡܰܢܽܘ ܗܰܘ ܕ݁ܶܐܡܰܪ ܥܠܰܘܗ݈ܝ ܀ Bijbel Johannes 13:24 24 Šemʿún Kiʾfā wenkte hem te vragen wie degene was over wie hij sprak.
25 ܘܰܢܦ݂ܰܠ ܗܰܘ ܬ݁ܰܠܡܺܝܕ݂ܳܐ ܥܰܠ ܚܰܕ݂ܝܶܗ ܕ݁ܝܶܫܽܘܥ ܘܶܐܡܰܪ ܠܶܗ ܡܳܪܝ ܡܰܢܽܘ ܗܳܢܳܐ ܀ Bijbel Johannes 13:25 25 En die leerling [liet zich achterover] op de boezem van Yešúʿ vallen en zei tegen hem: "Mijn Heer, wie is het?"
26 ܥܢܳܐ ܝܶܫܽܘܥ ܘܶܐܡܰܪ ܗܰܘ ܗ݈ܽܘ ܕ݁ܨܳܒ݂ܰܥ ܐ݈ܢܳܐ ܠܰܚܡܳܐ ܝܳܗܶܒ݂ ܐ݈ܢܳܐ ܠܶܗ ܘܰܨܒ݂ܰܥ ܝܶܫܽܘܥ ܠܰܚܡܳܐ ܘܝܰܗ݈ܒ݂ ܠܺܝܗܽܘܕ݂ܳܐ ܒ݁ܰܪ ܫܶܡܥܽܘܢ ܣܟ݂ܰܪܝܽܘܛܳܐ ܀ Bijbel Johannes 13:26 26 Yešúʿ antwoordde en zei: "Het is degene voor wie ik het brood dip, en wie ik het geef." Dus dipte Yešúʿ het brood en gaf het aan Yihúdā, de zoon van Šemʿún Skaryúṭā.
27 ܘܒ݂ܳܬ݂ܰܪ ܠܰܚܡܳܐ ܗܳܝܕ݁ܶܝܢ ܐܶܬ݂ܥܰܠܰܠ ܒ݁ܶܗ ܣܳܛܳܢܳܐ ܘܶܐܡܰܪ ܠܶܗ ܝܶܫܽܘܥ ܡܶܕ݁ܶܡ ܕ݁ܥܳܒ݂ܶܕ݂ ܐܰܢ݈ܬ݁ ܥܒ݂ܶܕ݂ ܒ݁ܰܥܓ݂ܰܠ ܀ Bijbel Johannes 13:27 27 En na het brood voer Sāṭānā in hem. Yešúʿ zei tegen hem: "Wat je doet, doe het snel."
28 ܗܳܕ݂ܶܐ ܕ݁ܶܝܢ ܠܳܐ ܐ݈ܢܳܫ ܝܺܕ݂ܰܥ ܡܶܢ ܗܳܢܽܘܢ ܣܡܺܝܟ݂ܶܐ ܕ݁ܥܰܠ ܡܳܢܳܐ ܐܶܡܰܪ ܠܶܗ ܀ Bijbel Johannes 13:28 28 Maar niemand van degenen die aanlagen begreep waarom hij dit tegen hem zei,
29 ܐ݈ܢܳܫܺܝܢ ܓ݁ܶܝܪ ܣܒ݂ܰܪܘ ܡܶܛܽܠ ܕ݁ܰܓ݂ܠܽܘܣܩܡܳܐ ܨܶܐܕ݂ܰܘܗ݈ܝ ܗܘܳܐ ܕ݁ܺܝܗܽܘܕ݂ܳܐ ܕ݁ܡܶܦ݂ܩܰܕ݂ ܦ݁ܩܰܕ݂ ܠܶܗ ܕ݁ܢܶܙܒ݁ܶܢ ܡܶܕ݁ܶܡ ܕ݁ܡܶܬ݂ܒ݁ܥܶܐ ܠܥܰܕ݂ܥܺܕ݂ܳܐ ܐܰܘ ܕ݁ܢܶܬ݁ܶܠ ܡܶܕ݁ܶܡ ܠܡܶܣܟ݁ܺܢܶܐ ܀ Bijbel Johannes 13:29 29 want sommigen dachten, omdat Yihúdā de beurs had, dat hij hem nadrukkelijk gebood iets voor de viering te kopen of om iets aan de armen te geven.
30 ܗܽܘ ܕ݁ܶܝܢ ܝܺܗܽܘܕ݂ܳܐ ܢܣܰܒ݂ ܠܰܚܡܳܐ ܒ݁ܰܪ ܫܳܥܬ݂ܶܗ ܘܰܢܦ݂ܰܩ ܠܶܗ ܠܒ݂ܰܪ ܠܺܠܝܳܐ ܗ݈ܘܳܐ ܕ݁ܶܝܢ ܟ݁ܰܕ݂ ܢܦ݂ܰܩ ܀ Bijbel Johannes 13:30 30 Nu nam Yihúdā het brood onmiddellijk en ging naar buiten. Het was nacht toen hij wegging.
31 ܘܶܐܡܰܪ ܝܶܫܽܘܥ ܗܳܫܳܐ ܐܶܫܬ݁ܰܒ݁ܰܚ ܒ݁ܪܶܗ ܕ݁ܐ݈ܢܳܫܳܐ ܘܰܐܠܳܗܳܐ ܐܶܫܬ݁ܰܒ݁ܰܚ ܒ݁ܶܗ ܀ Bijbel Johannes 13:31 31 Yešúʿ zei: "Nu wordt de Mensenzoon geprezen en God wordt in hem geprezen.
32 ܘܶܐܢ ܐܰܠܳܗܳܐ ܐܶܫܬ݁ܰܒ݁ܰܚ ܒ݁ܶܗ ܘܳܐܦ݂ ܐܰܠܳܗܳܐ ܡܫܰܒ݁ܰܚ ܠܶܗ ܒ݁ܶܗ ܘܡܶܚܕ݂ܳܐ ܡܫܰܒ݁ܰܚ ܠܶܗ ܀ Bijbel Johannes 13:32 32 Als God in hem wordt verheerlijkt, zal God zich ook in hem verheerlijken en hij zal hem meteen verheerlijken.
33 ܒ݁ܢܰܝ ܩܰܠܺܝܠ ܐ݈ܚܪܺܝܢ ܥܰܡܟ݂ܽܘܢ ܐ݈ܢܳܐ ܘܬ݂ܶܒ݂ܥܽܘܢܳܢܝ ܘܰܐܝܟ݁ܰܢܳܐ ܕ݁ܶܐܡܪܶܬ݂ ܠܺܝܗܽܘܕ݂ܳܝܶܐ ܕ݁ܠܰܐܝܟ݁ܳܐ ܕ݁ܶܐܢܳܐ ܐܳܙܶܠ ܐ݈ܢܳܐ ܐܰܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܠܳܐ ܡܶܫܟ݁ܚܺܝܢ ܐܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܠܡܶܐܬ݂ܳܐ ܘܳܐܦ݂ ܠܟ݂ܽܘܢ ܐܳܡܰܪ ܐ݈ܢܳܐ ܗܳܫܳܐ ܀ Bijbel Johannes 13:33 33 Mijn kinderen, ik ben nog even bij jullie, en jullie zullen mij zoeken. Zoals ik tegen de Joden zei: 'waar ik naar toe ga, kunt u niet komen', hetzelfde zeg ik nu ook tegen jullie.
34 ܦ݁ܽܘܩܕ݁ܳܢܳܐ ܚܰܕ݂݈ܬ݂ܳܐ ܝܳܗܶܒ݂ ܐ݈ܢܳܐ ܠܟ݂ܽܘܢ ܕ݁ܰܗܘܰܝܬ݁ܽܘܢ ܡܰܚܒ݂ܺܝܢ ܚܰܕ݂ ܠܚܰܕ݂ ܐܰܝܟ݁ܰܢܳܐ ܕ݁ܶܐܢܳܐ ܐܰܚܶܒ݂ܬ݁ܟ݂ܽܘܢ ܐܳܦ݂ ܐܰܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܬ݁ܰܚܒ݂ܽܘܢ ܚܰܕ݂ ܠܚܰܕ݂ ܀ Bijbel Johannes 13:34 34 Ik geef jullie een nieuw gebod: om elkaar lief te hebben. Zoals ik jullie heb liefgehad, moeten ook jullie elkaar liefhebben.
35 ܒ݁ܗܳܕ݂ܶܐ ܢܶܕ݁ܰܥ ܟ݁ܽܠ ܐ݈ܢܳܫ ܕ݁ܬ݂ܰܠܡܺܝܕ݂ܰܝ ܐܰܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܐܶܢ ܚܽܘܒ݁ܳܐ ܢܶܗܘܶܐ ܒ݁ܟ݂ܽܘܢ ܚܰܕ݂ ܠܘܳܬ݂ ܚܰܕ݂ ܀ Bijbel Johannes 13:35 35 Hierdoor zal iedereen weten dat jullie mijn leerlingen zijn, als jullie liefde voor elkaar hebben."
36 ܐܳܡܰܪ ܠܶܗ ܫܶܡܥܽܘܢ ܟ݁ܺܐܦ݂ܳܐ ܡܳܪܰܢ ܠܰܐܝܟ݁ܳܐ ܐܳܙܶܠ ܐܰܢ݈ܬ݁ ܥܢܳܐ ܝܶܫܽܘܥ ܘܶܐܡܰܪ ܠܶܗ ܠܰܐܝܟ݁ܳܐ ܕ݁ܳܐܙܶܠ ܐ݈ܢܳܐ ܠܳܐ ܡܶܫܟ݁ܰܚ ܐܰܢ݈ܬ݁ ܗܳܫܳܐ ܕ݁ܬ݂ܺܐܬ݂ܶܐ ܒ݁ܳܬ݂ܰܪܝ ܠܚܰܪܬ݂ܳܐ ܕ݁ܶܝܢ ܬ݁ܺܐܬ݂ܶܐ ܀ Bijbel Johannes 13:36 36 Šemʿún Kiʾfā zei tegen hem: "Onze Heer, waar gaat u naar toe?" Yešúʿ antwoordde en zei tegen hem: "Waarheen ik ga, kun je mij nu niet volgen, maar uiteindelijk zul je komen."
37 ܐܳܡܰܪ ܠܶܗ ܫܶܡܥܽܘܢ ܟ݁ܺܐܦ݂ܳܐ ܡܳܪܝ ܠܡܳܢܳܐ ܠܳܐ ܡܶܫܟ݁ܰܚ ܐ݈ܢܳܐ ܕ݁ܺܐܬ݂ܶܐ ܒ݁ܳܬ݂ܪܳܟ݂ ܗܳܫܳܐ ܢܰܦ݂ܫܝ ܚܠܳܦ݂ܰܝܟ݁ ܣܳܐܶܡ ܐ݈ܢܳܐ ܀ Bijbel Johannes 13:37 37 Šemʿún Kiʾfā zei tegen hem: "Mijn Heer, waarom kan ik u niet nu volgen? Ik zal mijn leven voor u afleggen!"
38 ܐܳܡܰܪ ܠܶܗ ܝܶܫܽܘܥ ܢܰܦ݂ܫܳܟ݂ ܚܠܳܦ݂ܰܝ ܣܳܐܶܡ ܐܰܢ݈ܬ݁ ܐܰܡܺܝܢ ܐܰܡܺܝܢ ܐܳܡܰܪ ܐ݈ܢܳܐ ܠܳܟ݂ ܕ݁ܠܳܐ ܢܶܩܪܶܐ ܬ݁ܰܪܢܳܓ݂ܠܳܐ ܥܕ݂ܰܡܳܐ ܕ݁ܬ݂ܶܟ݂ܦ݁ܽܘܪ ܒ݁ܺܝ ܬ݁ܠܳܬ݂ ܙܰܒ݂ܢܺܝܢ ܀ Bijbel Johannes 13:38 38 Yešúʿ zei tegen hem: "Zul je jouw leven voor mij afleggen? De waarheid: ik zeg je dat de haan niet zal kraaien totdat je mij drie keer zult ontkennen!

Bijgewerkt: zaterdag 13 mei 2017
© geldig vanaf 21 oktober 2013
Copyright indicatie 'Creative Commons' CC-BY-NC-ND. U mag de Peshitta.nl tekst ongewijzigd, niet commerciëel, in willekeurige mediavorm distribueren met vermelding van de oorspronkelijke naam Peshitta.nl
U mag de Peshitta.nl tekst alleen distribueren als u deze licentie ongewijzgd laat.

Syriac Fonts provided by George Kiraz. Peshitta source, UBS 1905 text.

Download e-Sword module (door Ad Oprel) voor Peshitta_nl
Volg peshitta.nl via Twitter.