MatteüsMarcusLucasJohannesHandelingen 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 Romeinen1 Korintiërs2 KorintiërsGalatenEfeziërsFilippenzenKolossenzen1 Tessalonicenzen2 Tessalonicenzen1 Timoteüs2 TimoteüsTitusFilemonHebreeënJakobus1 Petrus2 Petrus1 Johannes2 Johannes3 JohannesJudasOpenbaring

Hoofdstuk 4

1 ܘܟ݂ܰܕ݂ ܗܳܠܶܝܢ ܡܶܠܶܐ ܡܡܰܠܠܺܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܠܥܰܡܳܐ ܩܳܡܘ ܥܠܰܝܗܽܘܢ ܟ݁ܳܗܢܶܐ ܘܙܰܕ݁ܽܘܩܳܝܶܐ ܘܰܐܪܟ݂ܽܘܢܶܐ ܕ݁ܗܰܝܟ݁ܠܳܐ ܀ Bijbel Handelingen 4:1 1 Terwijl ze deze woorden tot het volk spraken, stonden de priesters en de Zadokieten en de leiders van de tempel tegen hen op.
2 ܟ݁ܰܕ݂ ܡܶܬ݂ܚܰܡܬ݂ܺܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܥܠܰܝܗܽܘܢ ܕ݁ܡܰܠܦ݂ܺܝܢ ܠܥܰܡܳܐ ܘܡܰܟ݂ܪܙܺܝܢ ܒ݁ܰܡܫܺܝܚܳܐ ܥܰܠ ܩܝܳܡܬ݁ܳܐ ܕ݁ܡܶܢ ܒ݁ܶܝܬ݂ ܡܺܝܬ݂ܶܐ ܀ Bijbel Handelingen 4:2 2 Want ze waren woedend op hen omdat ze het volk leerden, en de opstanding van de Mšíḥā uit het verblijf van de doden verkondigden.
3 ܘܰܐܪܡܺܝܘ ܥܠܰܝܗܽܘܢ ܐܺܝܕ݂ܰܝܳܐ ܘܰܢܛܰܪܘ ܐܶܢܽܘܢ ܠܝܰܘܡܳܐ ܐ݈ܚܪܺܢܳܐ ܡܶܛܽܠ ܕ݁ܰܩܪܶܒ݂ ܗ݈ܘܳܐ ܠܶܗ ܪܰܡܫܳܐ ܀ Bijbel Handelingen 4:3 3 Dus sloegen ze de handen aan hen en bewaakten hen tot de volgende dag omdat de avond naderde.
4 ܘܣܰܓ݁ܺܝܶܐܐ ܕ݁ܰܫܡܰܥܘ ܗ݈ܘܰܘ ܡܶܠܬ݂ܳܐ ܗܰܝܡܶܢܘ ܗ݈ܘܰܘ ܘܺܐܝܬ݂ܰܝܗܽܘܢ ܗ݈ܘܰܘ ܒ݁ܡܶܢܝܳܢܳܐ ܐܰܝܟ݂ ܚܰܡܫܳܐ ܐܰܠܦ݂ܺܝܢ ܓ݁ܰܒ݂ܪܺܝܢ ܀ Bijbel Handelingen 4:4 4 En velen die het woord hadden gehoord, geloofden. Ze waren ongeveer vijfduizend mannen in getal.
5 ܘܰܠܝܰܘܡܳܐ ܐ݈ܚܪܺܢܳܐ ܐܶܬ݂ܟ݁ܰܢܰܫܘ ܐܰܪܟ݂ܽܘܢܶܐ ܘܩܰܫܺܝܫܶܐ ܘܣܳܦ݂ܪܶܐ ܀ Bijbel Handelingen 4:5 5 De volgende dag vergaderden de leiders, de oudsten en de schriftgeleerden,
6 ܘܳܐܦ݂ ܚܰܢܳܢ ܪܰܒ݁ ܟ݁ܳܗܢܶܐ ܘܩܰܝܳܦ݂ܳܐ ܘܝܽܘܚܰܢܳܢ ܘܰܐܠܶܟ݁ܣܰܢܕ݁ܪܳܘܣ ܘܰܐܝܠܶܝܢ ܕ݁ܺܐܝܬ݂ܰܝܗܽܘܢ ܗ݈ܘܰܘ ܡܶܢ ܫܰܪܒ݁ܬ݂ܳܐ ܕ݁ܪܰܒ݁ܰܝ ܟ݁ܳܗܢܶܐ ܀ Bijbel Handelingen 4:6 6 ook Ḥanān de hogepriester, Qayāfā, Yúḥanān en Aleksandros en degenen die van de generatie van de hogepriesters waren.
7 ܘܟ݂ܰܕ݂ ܐܰܩܺܝܡܘ ܐܶܢܽܘܢ ܒ݁ܰܡܨܰܥܬ݂ܳܐ ܡܫܰܐܠܺܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܠܗܽܘܢ ܕ݁ܒ݂ܰܐܝܢܳܐ ܚܺܝܠ ܐܰܘ ܒ݁ܰܐܝܢܳܐ ܫܶܡ ܥܒ݂ܰܕ݁ܬ݁ܽܘܢ ܗܳܕ݂ܶܐ ܀ Bijbel Handelingen 4:7 7 Nadat ze hen in het midden hadden gesteld, vroegen ze hun: "Uit welke macht of in welke naam hebt u dit gedaan?"
8 ܗܳܝܕ݁ܶܝܢ ܫܶܡܥܽܘܢ ܟ݁ܺܐܦ݂ܳܐ ܐܶܬ݂ܡܠܺܝ ܪܽܘܚܳܐ ܕ݁ܩܽܘܕ݂ܫܳܐ ܘܶܐܡܰܪ ܠܗܽܘܢ ܐܰܪܟ݂ܽܘܢܰܘܗ݈ܝ ܕ݁ܥܰܡܳܐ ܘܩܰܫܺܝܫܶܐ ܕ݁ܒ݂ܶܝܬ݂ ܐܺܝܣܪܳܝܶܠ ܫܡܰܥܘ ܀ Bijbel Handelingen 4:8 8 Toen zei Šemʿún Kiʾfā (die vervuld was met de Heilige Geest) tegen hen: "Leiders van het volk en oudsten van het huis van Isrāʾyel, hoor!
9 ܐܶܢ ܚܢܰܢ ܝܰܘܡܳܢܳܐ ܡܶܬ݁ܕ݂ܺܝܢܺܝܢ ܚ݈ܢܰܢ ܡܶܢܟ݂ܽܘܢ ܥܰܠ ܫܰܦ݁ܺܝܪܬ݁ܳܐ ܕ݁ܰܗܘܳܬ݂ ܠܒ݂ܰܪܢܳܫܳܐ ܟ݁ܪܺܝܗܳܐ ܕ݁ܰܒ݂ܡܳܢܳܐ ܗܳܢܳܐ ܐܶܬ݂ܰܐܣܺܝ ܀ Bijbel Handelingen 4:9 9 Als we vandaag door u werden geoordeeld over het goede dat de zieke man overkwam, hoe werd deze man dan genezen?
10 ܗܳܕ݂ܶܐ ܬ݁ܶܬ݂ܺܝܕ݂ܰܥ ܠܟ݂ܽܘܢ ܘܰܠܟ݂ܽܠܶܗ ܥܰܡܳܐ ܕ݁ܺܐܝܣܪܳܝܶܠ ܕ݁ܒ݂ܰܫܡܶܗ ܕ݁ܝܶܫܽܘܥ ܡܫܺܝܚܳܐ ܢܳܨܪܳܝܳܐ ܗܰܘ ܕ݁ܰܐܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܙܩܰܦ݂ܬ݁ܽܘܢܳܝܗ݈ܝ ܗܰܘ ܕ݁ܰܐܩܺܝܡ ܐܰܠܳܗܳܐ ܡܶܢ ܒ݁ܶܝܬ݂ ܡܺܝܬ݂ܶܐ ܒ݁ܶܗ ܒ݁ܗܰܘ ܗܳܐ ܩܳܐܶܡ ܗܳܢܳܐ ܩܕ݂ܳܡܰܝܟ݁ܽܘܢ ܟ݁ܰܕ݂ ܚܠܺܝܡ ܀ Bijbel Handelingen 4:10 10 Laat dit u allen en het volk van Isrāʾyel bekend worden; dat in de naam van Yešúʿ Mšíḥā, de Nāṣreen, die u hebt opgehangen, die door God uit het verblijf van de doden is opgewekt, door deze zelfde, zie, deze man gezond voor u staat!
11 ܗܳܢܰܘ ܟ݁ܺܐܦ݂ܳܐ ܕ݁ܰܐܣܠܺܝܬ݁ܽܘܢ ܐܰܢ݈ܬ݁ܽܘܢ ܒ݁ܰܢܳܝܶܐ ܘܗܽܘ ܗܘܳܐ ܠܪܺܝܫ ܩܰܪܢܳܐ ܀ Bijbel Handelingen 4:11 11 Dit is de Steen die u, bouwers, hebt verworpen. En hij is de hoofdhoeksteen geworden.
12 ܘܠܰܝܬ݁ ܒ݁ܐ݈ܢܳܫ ܐ݈ܚܪܺܝܢ ܦ݁ܽܘܪܩܳܢܳܐ ܠܳܐ ܓ݁ܶܝܪ ܐܺܝܬ݂ ܫܡܳܐ ܐ݈ܚܪܺܢܳܐ ܬ݁ܚܶܝܬ݂ ܫܡܰܝܳܐ ܕ݁ܶܐܬ݂ܺܝܗܶܒ݂ ܠܰܒ݂ܢܰܝܢܳܫܳܐ ܕ݁ܒ݂ܶܗ ܘܳܠܶܐ ܠܡܶܚܳܐ ܀ Bijbel Handelingen 4:12 12 En in geen ander mens is er verlossing, want er is geen andere naam onder de hemel gegeven aan de mensheid door wie we gered moeten worden."
Jesaja 43:11
13 ܘܟ݂ܰܕ݂ ܫܡܰܥܘ ܡܶܠܬ݂ܶܗ ܕ݁ܫܶܡܥܽܘܢ ܘܰܕ݂ܝܽܘܚܰܢܳܢ ܕ݁ܥܺܝܢ ܒ݁ܰܓ݂ܠܶܐ ܐܰܡܪܽܘܗ ܐܶܣܬ݁ܰܟ݁ܰܠܘ ܕ݁ܠܳܐ ܝܳܕ݂ܥܺܝܢ ܣܶܦ݂ܪܳܐ ܘܗܶܕ݂ܝܽܘܛܶܐ ܐܶܢܽܘܢ ܘܰܬ݂ܗܰܪܘ ܒ݁ܗܽܘܢ ܘܶܐܫܬ݁ܰܘܕ݁ܰܥܘ ܐܶܢܽܘܢ ܕ݁ܥܰܡ ܝܶܫܽܘܥ ܡܶܬ݂ܗܰܦ݁ܟ݂ܺܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܀ Bijbel Handelingen 4:13 13 Toen ze de woorden van Šemʿún en Yúḥanān hadden gehoord, die openlijk waren gesproken, begrepen ze dat zij niet bekend met de Schrift waren en onwetend waren, en ze verbaasden zich en herkenden dat zij met Yešúʿ waren omgegaan.
14 ܘܚܳܙܶܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܕ݁ܩܳܐܶܡ ܗ݈ܘܳܐ ܥܰܡܗܽܘܢ ܚܓ݂ܺܝܪܳܐ ܗܰܘ ܕ݁ܶܐܬ݂ܰܐܣܺܝ ܘܠܳܐ ܡܶܫܟ݁ܚܺܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܡܶܕ݁ܶܡ ܠܡܺܐܡܰܪ ܠܽܘܩܒ݂ܰܠܗܽܘܢ ܀ Bijbel Handelingen 4:14 14 En ze zagen de verlamde man bij hen staan die was genezen, maar ze konden niets tegen hen inbrengen.
15 ܗܳܝܕ݁ܶܝܢ ܦ݁ܩܰܕ݂ܘ ܕ݁ܢܰܦ݁ܩܽܘܢ ܐܶܢܽܘܢ ܡܶܢ ܟ݁ܶܢܫܗܽܘܢ ܘܳܐܡܪܺܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܚܰܕ݂ ܠܚܰܕ݂ ܀ Bijbel Handelingen 4:15 15 Daarna geboden ze om hen van de Raad te verwijderen en ze zeiden tegen elkaar:
16 ܡܳܢܳܐ ܢܶܥܒ݁ܶܕ݂ ܠܗܽܘܢ ܠܓ݂ܰܒ݂ܪܶܐ ܗܳܠܶܝܢ ܗܳܐ ܓ݁ܶܝܪ ܐܳܬ݂ܳܐ ܓ݁ܠܺܝܬ݂ܳܐ ܕ݁ܰܗܘܳܬ݂ ܒ݁ܺܐܝܕ݂ܰܝܗܽܘܢ ܠܟ݂ܽܠܗܽܘܢ ܥܳܡܽܘܪܶܝܗ ܕ݁ܽܐܘܪܺܫܠܶܡ ܐܶܬ݂ܝܰܕ݂ܥܰܬ݂ ܘܠܳܐ ܡܶܫܟ݁ܚܺܝܢܰܢ ܕ݁ܢܶܟ݂ܦ݁ܽܘܪ ܀ Bijbel Handelingen 4:16 16 "Wat moeten we met deze mannen doen? Want zie, er is door hen een openbaar teken aan alle inwoners van ʾÚrišlem bekend geworden en we kunnen het niet ontkennen!
17 ܐܶܠܳܐ ܕ݁ܠܳܐ ܝܰܬ݁ܺܝܪܳܐܝܺܬ݂ ܢܶܦ݁ܽܘܩ ܒ݁ܥܰܡܳܐ ܛܶܒ݁ܳܐ ܗܳܢܳܐ ܢܶܬ݂ܠܰܚܰܡ ܠܗܽܘܢ ܕ݁ܬ݂ܽܘܒ݂ ܠܳܐ ܢܡܰܠܠܽܘܢ ܒ݁ܰܫܡܳܐ ܗܳܢܳܐ ܠܐ݈ܢܳܫ ܡܶܢ ܒ݁ܢܰܝܢܳܫܳܐ ܀ Bijbel Handelingen 4:17 17 We zullen hen bedreigen, zodat deze reputatie niet verder zal voortgaan en ze niet meer tot iemand in deze naam spreken."
18 ܘܰܩܪܰܘ ܐܶܢܽܘܢ ܘܦ݂ܰܩܶܕ݂ܘ ܐܶܢܽܘܢ ܕ݁ܠܰܓ݂ܡܳܪ ܠܳܐ ܢܡܰܠܠܽܘܢ ܘܠܳܐ ܢܰܠܦ݂ܽܘܢ ܒ݁ܫܶܡ ܝܶܫܽܘܥ ܀ Bijbel Handelingen 4:18 18 Dus riepen ze hen en geboden hun dat zij absoluut niet zouden spreken of leren in de naam van Yešúʿ.
19 ܥܢܰܘ ܫܶܡܥܽܘܢ ܟ݁ܺܐܦ݂ܳܐ ܘܝܽܘܚܰܢܳܢ ܘܶܐܡܰܪܘ ܠܗܽܘܢ ܐܶܢ ܟ݁ܺܐܢܳܐ ܩܕ݂ܳܡ ܐܰܠܳܗܳܐ ܕ݁ܰܠܟ݂ܽܘܢ ܢܶܫܡܰܥ ܝܰܬ݁ܺܝܪ ܡܶܢ ܐܰܠܳܗܳܐ ܕ݁ܽܘܢܘ ܀ Bijbel Handelingen 4:19 19 Šemʿún Kiʾfā en Yúḥanān antwoordden en zeiden tegen hen: "Oordeelt u zelf of het gerechtvaardigd is voor God dat we u meer gehoorzamen dan God.
20 ܠܳܐ ܓ݁ܶܝܪ ܡܶܫܟ݁ܚܺܝܢ ܚ݈ܢܰܢ ܕ݁ܡܳܐ ܕ݁ܰܚܙܰܝܢ ܘܰܫܡܰܥܢ ܕ݁ܠܳܐ ܢܡܰܠܠܺܝܘܗ݈ܝ ܀ Bijbel Handelingen 4:20 20 Want van wat we hebben gezien en gehoord kunnen we niet [anders] dan spreken."
21 ܘܶܐܬ݂ܠܰܚܰܡܘ ܠܗܽܘܢ ܘܰܫܪܰܘ ܐܶܢܽܘܢ ܠܳܐ ܓ݁ܶܝܪ ܐܶܫܟ݁ܰܚܘ ܠܗܽܘܢ ܥܶܠܬ݂ܳܐ ܕ݁ܰܢܣܺܝܡܽܘܢ ܒ݁ܪܺܫܗܽܘܢ ܡܶܛܽܠ ܥܰܡܳܐ ܟ݁ܽܠܢܳܫ ܓ݁ܶܝܪ ܡܫܰܒ݁ܰܚ ܗ݈ܘܳܐ ܠܰܐܠܳܗܳܐ ܥܰܠ ܡܶܕ݁ܶܡ ܕ݁ܰܗܘܳܐ ܀ Bijbel Handelingen 4:21 21 Dus bedreigden ze hen en lieten hen gaan want ze konden geen aanklacht tegen hen indienen vanwege het volk. Want iedereen eerde God om wat er was gebeurd,
22 ܝܰܬ݁ܺܝܪ ܓ݁ܶܝܪ ܡܶܢ ܒ݁ܰܪ ܐܰܪܒ݁ܥܺܝܢ ܫܢܺܝܢ ܐܺܝܬ݂ܰܘܗ݈ܝ ܗ݈ܘܳܐ ܓ݁ܰܒ݂ܪܳܐ ܗܰܘ ܕ݁ܰܗܘܳܬ݂ ܒ݁ܶܗ ܗܳܕ݂ܶܐ ܐܳܬ݂ܳܐ ܕ݁ܳܐܣܝܽܘܬ݂ܳܐ ܀ Bijbel Handelingen 4:22 22 want die man, met wie dat teken van genezing was gebeurd, was meer dan veertig jaar oud.
23 ܘܟ݂ܰܕ݂ ܐܶܫܬ݁ܪܺܝܘ ܐܶܬ݂ܰܘ ܠܘܳܬ݂ ܐܰܚܰܝܗܽܘܢ ܘܶܐܫܬ݁ܰܥܺܝܘ ܠܗܽܘܢ ܟ݁ܽܠ ܡܳܐ ܕ݁ܶܐܡܰܪܘ ܟ݁ܳܗܢܶܐ ܘܩܰܫܺܝܫܶܐ ܀ Bijbel Handelingen 4:23 23 Toen ze werden vrijgelaten gingen ze naar hun broeders en vertelden hun alles wat de priesters en oudsten hadden gezegd.
24 ܘܗܶܢܽܘܢ ܟ݁ܰܕ݂ ܫܡܰܥܘ ܐܰܟ݂ܚܰܕ݂ ܐܰܪܺܝܡܘ ܩܳܠܗܽܘܢ ܠܘܳܬ݂ ܐܰܠܳܗܳܐ ܘܶܐܡܰܪܘ ܡܳܪܝܳܐ ܐܰܢ݈ܬ݁ ܗ݈ܽܘ ܐܰܠܳܗܳܐ ܕ݁ܰܥܒ݂ܰܕ݁ܬ݁ ܫܡܰܝܳܐ ܘܰܐܪܥܳܐ ܘܝܰܡ݈ܡܶܐ ܘܟ݂ܽܠ ܕ݁ܺܐܝܬ݂ ܒ݁ܗܽܘܢ ܀ Bijbel Handelingen 4:24 24 Zodra ze [dit] hoorden, verhieven ze samen hun stem tot God en zeiden: "HEER, u bent de God die de hemel en de aarde en de zeeën heeft gemaakt, en alles wat er in is.
25 ܘܰܐܢ݈ܬ݁ ܗ݈ܽܘ ܕ݁ܡܰܠܶܠܬ݁ ܒ݁ܝܰܕ݂ ܪܽܘܚܳܐ ܕ݁ܩܽܘܕ݂ܫܳܐ ܒ݁ܦ݂ܽܘܡ ܕ݁ܰܘܺܝܕ݂ ܥܰܒ݂ܕ݁ܳܟ݂ ܠܡܳܢܳܐ ܪܓ݂ܰܫܘ ܥܰܡ݈ܡܶܐ ܘܶܐܡܘܳܬ݂ܳܐ ܪܢܰܝ ܣܪܺܝܩܽܘܬ݂ܳܐ ܀ Bijbel Handelingen 4:25 25 En u bent degene die door de Heilige Geest sprak bij monde van uw bediende Dawid: 'Waarom bedenken de volken en plannen de gemeenschappen ijdelheid?
Psalmen 2:1
Andere vertalingen hebben 'woeden' of 'snoeven'.
26 ܩܳܡܘ ܡܰܠܟ݁ܶܐ ܕ݁ܰܐܪܥܳܐ ܘܫܰܠܺܝܛܳܢܶܐ ܘܶܐܬ݂ܡܰܠܰܟ݂ܘ ܐܰܟ݂ܚܕ݂ܳܐ ܥܰܠ ܡܳܪܝܳܐ ܘܥܰܠ ܡܫܺܝܚܶܗ ܀ Bijbel Handelingen 4:26 26 De koningen van de aarde zijn opgestaan, en de regeerders hebben samen beraadslaagd tegen de HEER en tegen zijn Mšíḥā'.
27 ܐܶܬ݂ܟ݁ܰܢܰܫܘ ܓ݁ܶܝܪ ܫܰܪܺܝܪܳܐܝܺܬ݂ ܒ݁ܰܡܕ݂ܺܝܢ݈ܬ݁ܳܐ ܗܳܕ݂ܶܐ ܥܰܠ ܩܰܕ݁ܺܝܫܳܐ ܒ݁ܪܳܟ݂ ܝܶܫܽܘܥ ܐܰܝܢܳܐ ܕ݁ܰܐܢ݈ܬ݁ ܡܫܰܚܬ݁ ܗܶܪܳܘܕ݂ܶܣ ܘܦ݁ܺܝܠܰܛܳܘܣ ܥܰܡ ܥܰܡ݈ܡܶܐ ܘܟ݂ܶܢܫܳܐ ܕ݁ܺܐܝܣܪܳܝܶܠ ܀ Bijbel Handelingen 4:27 27 Want waarlijk waren Herodes en Pilatos en de volken en de Raad van Isrāʾyel in deze stad vergaderd tegen uw heilige zoon Yešúʿ, die u hebt gezalfd,
Grieks heeft 'kind'.
28 ܠܡܶܥܒ݁ܰܕ݂ ܟ݁ܽܠ ܡܳܐ ܕ݁ܺܐܝܕ݂ܳܟ݂ ܘܨܶܒ݂ܝܳܢܳܟ݂ ܩܰܕ݁ܶܡ ܪܫܰܡ ܕ݁ܢܶܗܘܶܐ ܀ Bijbel Handelingen 4:28 28 om alles te doen, wat door uw hand en door uw wil is voorbeschikt, dat het zou zijn.
29 ܘܳܐܦ݂ ܗܳܫܳܐ ܡܳܪܝܳܐ ܚܽܘܪ ܘܰܚܙܺܝ ܠܠܽܘܚܳܡܰܝܗܽܘܢ ܘܗܰܒ݂ ܠܥܰܒ݂ܕ݁ܰܝܟ݁ ܕ݁ܥܺܝܢ ܒ݁ܰܓ݂ܠܶܐ ܢܶܗܘܽܘܢ ܡܰܟ݂ܪܙܺܝܢ ܡܶܠܬ݂ܳܟ݂ ܀ Bijbel Handelingen 4:29 29 En zelfs nu, HEER, zie en kijk naar hun bedreigingen en geef uw bedienden dat zij uw woord openlijk zullen verkondigen,
30 ܟ݁ܰܕ݂ ܐܺܝܕ݂ܳܟ݂ ܡܰܘܫܶܛ ܐܰܢ݈ܬ݁ ܠܳܐܣܘܳܬ݂ܳܐ ܘܠܰܓ݂ܒ݂ܰܪܘܳܬ݂ܳܐ ܘܠܳܐܬ݂ܘܳܬ݂ܳܐ ܕ݁ܢܶܗܘܝܳܢ ܒ݁ܰܫܡܶܗ ܕ݁ܰܒ݂ܪܳܟ݂ ܩܰܕ݁ܺܝܫܳܐ ܝܶܫܽܘܥ ܀ Bijbel Handelingen 4:30 30 Terwijl u uw hand uitstrekt voor genezingen, wonderen en tekenen, die er zullen zijn in de naam van uw heilige Zoon Yešúʿ."
31 ܘܟ݂ܰܕ݂ ܒ݁ܥܰܘ ܘܶܐܬ݂ܟ݁ܰܫܰܦ݂ܘ ܐܶܬ݁ܬ݁ܙܺܝܥ ܐܰܬ݂ܪܳܐ ܕ݁ܒ݂ܶܗ ܟ݁ܢܺܝܫܺܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܘܶܐܬ݂ܡܠܺܝܘ ܟ݁ܽܠܗܽܘܢ ܒ݁ܪܽܘܚܳܐ ܕ݁ܩܽܘܕ݂ܫܳܐ ܘܰܡܡܰܠܠܺܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܥܺܝܢ ܒ݁ܰܓ݂ܠܶܐ ܡܶܠܬ݂ܳܐ ܕ݁ܰܐܠܳܗܳܐ ܀ Bijbel Handelingen 4:31 31 En nadat ze het hadden verzocht en gesmeekt, schudde de plaats waar ze vergaderd waren en werden allen vervuld met de Heilige Geest en spraken ze openlijk het woord van God.
Niet in Grieks
32 ܐܺܝܬ݂ ܗ݈ܘܳܐ ܕ݁ܶܝܢ ܠܟ݂ܶܢܫܳܐ ܕ݁ܐ݈ܢܳܫܳܐ ܐܰܝܠܶܝܢ ܕ݁ܗܰܝܡܶܢܘ ܗ݈ܘܰܘ ܚܕ݂ܳܐ ܢܦ݂ܶܫ ܘܚܰܕ݂ ܪܶܥܝܳܢ ܘܠܳܐ ܐ݈ܢܳܫ ܡܶܢܗܽܘܢ ܐܳܡܰܪ ܗ݈ܘܳܐ ܥܰܠ ܢܶܟ݂ܣܶܐ ܕ݁ܰܩܢܶܐ ܗ݈ܘܳܐ ܕ݁ܕ݂ܺܝܠܶܗ ܐܶܢܽܘܢ ܐܶܠܳܐ ܟ݁ܽܠ ܡܶܕ݁ܶܡ ܕ݁ܺܐܝܬ݂ ܗ݈ܘܳܐ ܠܗܽܘܢ ܕ݁ܓ݂ܰܘܳܐ ܗܘܳܐ ܀ Bijbel Handelingen 4:32 32 De menigte mensen die geloofden, was één van ziel en gemoed. Niemand van hen zei dat de bezittingen die hij bezat, van zichzelf waren, maar alles wat ze hadden was gezamenlijk.
33 ܘܰܒ݂ܚܰܝܠܳܐ ܪܰܒ݁ܳܐ ܡܰܣܗܕ݂ܺܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܗܶܢܽܘܢ ܫܠܺܝܚܶܐ ܥܰܠ ܩܝܳܡܬ݁ܶܗ ܕ݁ܝܶܫܽܘܥ ܡܫܺܝܚܳܐ ܘܛܰܝܒ݁ܽܘܬ݂ܳܐ ܪܰܒ݁ܬ݂ܳܐ ܐܺܝܬ݂ ܗ݈ܘܳܬ݂ ܥܰܡ ܟ݁ܽܠܗܽܘܢ ܀ Bijbel Handelingen 4:33 33 De gezanten getuigden zeer krachtig van de opstanding van Yešúʿ Mšíḥā. En er was een grote genade met hen allen.
Grieks heeft 'De Heer Jezus'.
34 ܘܐ݈ܢܳܫ ܠܰܝܬ݁ ܗ݈ܘܳܐ ܒ݁ܗܽܘܢ ܕ݁ܰܨܪܺܝܟ݂ ܐܰܝܠܶܝܢ ܓ݁ܶܝܪ ܕ݁ܰܩܢܶܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܩܽܘܪܝܳܐ ܘܒ݂ܳܬ݁ܶܐ ܡܙܰܒ݁ܢܺܝܢ ܗ݈ܘܰܘ ܘܡܰܝܬ݁ܶܝܢ ܕ݁ܡܰܝܳܐ ܕ݁ܡܶܕ݁ܶܡ ܕ݁ܡܶܙܕ݁ܰܒ݁ܰܢ ܀ Bijbel Handelingen 4:34 34 Aan niemand van hen ontbrak iets, want wie huizen en velden bezaten, verkochten ze en brachten de prijs voor wat verkocht was
35 ܘܣܳܝܡܺܝܢ ܠܘܳܬ݂ ܪܶܓ݂ܠܰܝܗܽܘܢ ܕ݁ܰܫܠܺܝܚܶܐ ܘܡܶܬ݂ܺܝܗܶܒ݂ ܗ݈ܘܳܐ ܠܐ݈ܢܳܫ ܐ݈ܢܳܫ ܐܰܝܟ݂ ܡܶܕ݁ܶܡ ܕ݁ܰܣܢܺܝܩ ܗ݈ܘܳܐ ܀ Bijbel Handelingen 4:35 35 aan de voeten van de gezanten en er werd aan eenieder gegeven naar wat nodig was.
36 ܝܰܘܣܶܦ݂ ܕ݁ܶܝܢ ܗܰܘ ܕ݁ܶܐܬ݂ܟ݁ܰܢܺܝ ܒ݁ܰܪܢܰܒ݂ܰܐ ܡܶܢ ܫܠܺܝܚܶܐ ܕ݁ܡܶܬ݁ܬ݁ܰܪܓ݁ܰܡ ܒ݁ܪܳܐ ܕ݁ܒ݂ܽܘܝܳܐܳܐ ܠܶܘܳܝܳܐ ܡܶܢ ܐܰܬ݂ܪܳܐ ܕ݁ܩܽܘܦ݁ܪܳܣ ܀ Bijbel Handelingen 4:36 36 Yawsef nu, die door de gezanten Barnaba werd genoemd, wat vertaald wordt met 'zoon van troost', een Lewíet uit het gebied van Qypros,
37 ܐܺܝܬ݂ ܗ݈ܘܳܐ ܠܶܗ ܩܪܺܝܬ݂ܳܐ ܘܙܰܒ݁ܢܳܗ ܘܰܐܝܬ݁ܺܝ ܕ݁ܡܶܝܗ ܘܣܳܡ ܩܕ݂ܳܡ ܪܶܓ݂ܠܰܝܗܽܘܢ ܕ݁ܰܫܠܺܝܚܶܐ ܀ Bijbel Handelingen 4:37 37 had een veld, verkocht het en bracht haar prijs op, en legde het aan de voeten van de gezanten.

Bijgewerkt: woensdag 16 augustus 2017
© geldig vanaf 21 oktober 2013
Copyright indicatie 'Creative Commons' CC-BY-NC-ND. U mag de Peshitta.nl tekst ongewijzigd, niet commerciëel, in willekeurige mediavorm distribueren met vermelding van de oorspronkelijke naam Peshitta.nl
U mag de Peshitta.nl tekst alleen distribueren als u deze licentie ongewijzgd laat.

Syriac Fonts provided by George Kiraz. Peshitta source, UBS 1905 text.

Download e-Sword module (door Ad Oprel) voor Peshitta_nl
Volg peshitta.nl via Twitter.