MatteüsMarcusLucasJohannesHandelingen 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 Romeinen1 Korintiërs2 KorintiërsGalatenEfeziërsFilippenzenKolossenzen1 Tessalonicenzen2 Tessalonicenzen1 Timoteüs2 TimoteüsTitusFilemonHebreeënJakobus1 Petrus2 Petrus1 Johannes2 Johannes3 JohannesJudasOpenbaring

Hoofdstuk 23

Bijbel Handelingen 23:1 1 Nadat Pawlos de raad had bekeken zei hij: "Mannen, broeders, ik heb [me] in alles een [door een] goed geweten laten leiden tegenover God, tot op vandaag!"
Bijbel Handelingen 23:2 2 En de hogepriester Ḥananyā gebood degenen die naast hem stonden om hem op de mond te slaan.
Bijbel Handelingen 23:3 3 Toen zei Pawlos tegen hem: "God zal u slaan, gewitte muur! Want u zit om mij te oordelen naar de Wet, terwijl u zelf de Wet overtreedt wanneer u gebiedt om mij te slaan."
Bijbel Handelingen 23:4 4 Dus zeiden degenen die naast hem stonden tegen hem: "Scheldt u de hogepriester van God uit?"
Bijbel Handelingen 23:5 5 Toen zei Pawlos tegen hen: "Broeders, ik wist niet dat hij priester was, want er staat geschreven: 'U zult het hoofd van uw volk niet vervloeken'.
Bijbel Handelingen 23:6 6 Omdat Pawlos wist dat een deel van het volk zadúqi was en het andere Afgescheidene riep hij uit in de menigte: "Mannen, broeders, ik ben een Afgescheidene, de zoon van een Afgescheidene. Vanwege de hoop op de opstanding van de doden word ik hier geoordeeld!"
Bijbel Handelingen 23:7 7 Toen hij dit had gezegd, vielen de Afgescheidenen en de Zadokieten over elkaar en het volk raakte verdeeld.
Bijbel Handelingen 23:8 8 Want de Zadokieten zeggen dat de opstanding, engelen en geesten niet bestaan, maar de Afgescheidenen belijden dat [wel].
1 Johannes 4:1
Bijbel Handelingen 23:9 9 Toen ontstond er lawaai en de schriftgeleerden, die van de zijde van de Afgescheidenen waren, stonden op en streden met hen en zeiden: "We vinden geen schuld in deze man, en als een geest of een engel met hem heeft gesproken; wat is daar tegen?"
Grieks heeft 'laten we niet met God vechten'.
Bijbel Handelingen 23:10 10 Omdat de ophef onder hen groot was, vreesde de aanvoerder dat ze Pawlos in stukken zouden scheuren. Dus zond hij soldaten uit, die hem uit hun midden grepen en in het kamp brachten.
Bijbel Handelingen 23:11 11 In de nacht verscheen onze Heer aan Pawlos en zei tegen hem: "Wees sterk; want zoals je over mij in ʾÚrišlem hebt getuigd, zo zul je ook getuigen in Rome."
Grieks heeft 'hem'
Bijbel Handelingen 23:12 12 Toen het morgen was geworden, vergaderden enkele Joden en vervloekten zichzelf om niet te eten of te drinken tot ze Pawlos hadden gedood.
Bijbel Handelingen 23:13 13 Degenen die dit verbond met een eed hadden beëdigd, waren met meer dan veertig mannen.
Bijbel Handelingen 23:14 14 Ze gingen naar de priesters en de oudsten en zeiden: "We hebben ons met een vloek vervloekt om niets te proeven totdat we Pawlos hebben gedood!
Bijbel Handelingen 23:15 15 Vragen u en de hoofden van de Raad nu aan de aanvoerder om hem te laten brengen alsof u zijn gedrag echt zult onderzoeken, dan staan wij klaar om hem te doden voordat hij hier aangekomen zal zijn."
Bijbel Handelingen 23:16 16 Toen de neef van Pawlos van dit complot hoorde ging hij naar het kamp en vertelde [het] aan Pawlos.
of 'zoon van de zuster'
Bijbel Handelingen 23:17 17 Toen liet Pawlos iemand roepen en vroeg naar één van de hoofden over honderd en zei: "Neem deze jongeman naar de aanvoerder want hij heeft hem iets te zeggen."
Bijbel Handelingen 23:18 18 Dus nam het hoofd over honderd de jongeman en bracht hem naar de aanvoerder en zei: "Pawlos, de gevangene, riep me en vroeg me deze jongeman naar u te brengen, want hij heeft u iets te zeggen."
Bijbel Handelingen 23:19 19 Toen nam de aanvoerder de jongeman bij zijn hand en nam hem apart en vroeg hem: "Wat heb je me te zeggen?"
Bijbel Handelingen 23:20 20 Dus zei de jongeman tegen hem: "De Joden hebben gedacht u te vragen Pawlos morgen naar hun raad te laten afdalen alsof ze benieuwd zijn om iets van hem te weten te komen.
Bijbel Handelingen 23:21 21 Laat u niet door hen overtuigen, want zie, meer dan veertig van hen hebben zich vervloekt om niets te eten of te drinken tot ze hem hebben gedood en ze wachten op hem in een hinderlaag en zie, ze staan klaar en wachten op uw antwoord!"
Bijbel Handelingen 23:22 22 Toen liet de aanvoerder hem weggaan en gebood hem: "Laat niemand weten dat je me deze dingen hebt getoond."
Bijbel Handelingen 23:23 23 En hij riep twee hoofden over honderd en zei: "Ga en bereid tweehonderd soldaten voor, zeventig ruiters en tweehonderd rechtshandige schutters om naar Qesaríya te gaan om het derde uur van de nacht,
Bijbel Handelingen 23:24 24 Bereid ook een dier voor, zodat ze deze door Pawlos laten berijden en hij naar de gouverneur Fílíks zal vluchten.
Bijbel Handelingen 23:25 25 En hij schreef een brief en gaf hem hun, waarin stond:
Bijbel Handelingen 23:26 26 "Claudios Lusios, aan zijn excellentie, gouverneur Fílíks, Vrede!"
Bijbel Handelingen 23:27 27 Deze man was door de Joden gearresteerd om hem te doden. Maar ik kwam met de soldaten en heb hem gered toen ik begreep dat hij een Romein was.
Bijbel Handelingen 23:28 28 Omdat ik de reden van hun beschuldigingen probeerde te weten, bracht ik hem naar hun raad.
Bijbel Handelingen 23:29 29 En ik bevond dat hij werd beschuldigd vanwege kwesties in hun Wet. Een reden die de boeien waard was of de dood, was er niet tegen hem.
Bijbel Handelingen 23:30 30 Nadat ik werd geïnformeerd over de list van een hinderlaag die de Joden tegen hem hadden gelegd, zond ik hem onmiddellijk naar u toe. En ik heb zijn aanklagers geboden om tegenover u met hem te spreken. Gezondheid!"
Bijbel Handelingen 23:31 31 Toen namen de soldaten Pawlos, zoals hun was geboden, en brachten hem die nacht naar de stad Antipatros.
Bijbel Handelingen 23:32 32 De volgende dag stuurden de ruiters hun medesoldaten weg om naar het kamp terug te keren.
Bijbel Handelingen 23:33 33 Bij Qesaríya aangekomen gaven ze de brief aan de gouverneur en leidden Pawlos aan hem voor.
Bijbel Handelingen 23:34 34 Toen hij de brief had gelezen, vroeg hij aan Pawlos uit welke provincie hij kwam, waarna hij vernam dat hij uit Qílíqíya was.
Bijbel Handelingen 23:35 35 Hij zei tegen hem: "Ik zal u aanhoren zodra uw aanklagers zijn gekomen." En hij gebood hem in het paleis van Herodes vast te houden.

Bijgewerkt: vrijdag 26 mei 2017
© geldig vanaf 21 oktober 2013
Copyright indicatie 'Creative Commons' CC-BY-NC-ND. U mag de Peshitta.nl tekst ongewijzigd, niet commerciëel, in willekeurige mediavorm distribueren met vermelding van de oorspronkelijke naam Peshitta.nl
U mag de Peshitta.nl tekst alleen distribueren als u deze licentie ongewijzgd laat.

Syriac Fonts provided by George Kiraz. Peshitta source, UBS 1905 text.

Download e-Sword module (door Ad Oprel) voor Peshitta_nl
Volg peshitta.nl via Twitter.